VN: geen milieuramp in Servië

De NAVO-bombardementen tijdens de oorlog om Kosovo hebben geen massale milieuvervuiling teweeggebracht; wel echter moet op twee plaatsen in Servië snel worden ingegrepen.

Dat heeft een missie van de Verenigde Naties vastgesteld na onderzoek in Servië. De deskundigen van de VN-milieuorganisatie UNEP hebben op drie reizen naar Servië onderzocht in hoeverre de luchtacties van de NAVO tot milieuproblemen hebben geleid.

Volgens de chef van de missie, de Fin Pekka Haavisto, moet snel worden ingegrepen in Pancevo, waar een twee kilometer lang kanaal afvalwater van de petrochemische fabrieken loost op de Donau. Het kanaal is sterk verontreinigd en moet worden schoongemaakt om verdere vervuiling van de Donau te voorkomen. De fabrieken van Pancevo, vlakbij Belgrado, zijn in de oorlog om Kosovo vaak gebombardeerd. Volgens Haavisto zijn de problemen die in Pancevo zijn veroorzaakt een bron van zorg voor de autoriteiten in Roemenië en Bulgarije.

Een tweede bron van zorg is de Zastava-fabriek in Kragujevac, waar auto's maar ook militaire voertuigen werden gemaakt. Ook die fabriek is in de oorlog herhaaldelijk door de NAVO aangevallen. Volgens Haavisto heeft zijn team de Joegoslavische regering aanbevolen in Kragujevac onmiddellijk de giftige stoffen weg te halen van het terrein van de fabriek. Om welke stoffen het gaat zei hij niet.

Van een milieuramp als gevolg van de oorlog is volgens Haavisto geen sprake. De luchtvervuiling als gevolg van de talrijke branden kan een probleem opleveren als groenten en fruit niet worden gewassen, maar van ernstige bodemverontreiniging is nergens sprake.

Het VN-team onderzoekt nog de mogelijke consequenties van het gebruik van verarmd uranium in anti-tankmunitie. Er zijn vele bodemmonsters genomen die nog worden onderzocht Daarover wordt volgende maand een rapport opgesteld. (Reuters, AFP)