Ook Franse oplossing voor de oliesector

Na tien weken vechten kondigden TotalFina en Elf Aquitaine gisteren alsnog hun fusie aan.

Een naam is er nog niet, maar de combinatie van TotalFina en Elf Aquitaine wordt de vierde oliemaatschappij in de wereld en het grootste bedrijf van Frankrijk. De race om de schaalgrootte woedt volop in het Franse bedrijfsleven. Meer fusies worden verwacht, en Total Elf staat open voor nieuwe partners.

In Parijs is met opluchting gereageerd nadat gisteren de vriendschappelijke afloop bekend werd van een gevecht dat tien weken had geduurd. Van winnaars en verliezers wil Thierry Desmarest, de voorman van TotalFina, niet spreken. Maar hij kreeg wel zijn zin en wordt de baas van de nieuwe oliereus, die – half zo groot als Shell – de leider wordt van de tweede divisie in olieland.

Toen Desmarest begin juli zijn bod uitbracht op Elf, had hij de nationale én de industriële logica aan zijn kant. Zo dynamisch als veel grote Franse bedrijven nu reageren op de uitdagingen van de wereldmarkt, de nationale oplossing geniet nog altijd sterk de voorkeur. Het meest recente voorbeeld is de fusie tussen Carrefour en Promodès, die wereldwijd een tweede plaats op de ranglijst van supermarkten heeft opgeleverd.

In het geval van de olie kon de regering die nationale consolidatie ook afdwingen dankzij het `gouden aandeel' dat zij aan de privatisering van Elf Aquitaine had overgehouden. Een buitenlandse fusiepartner voor Elf was niet welkom. Industrieel was de complementariteit van Elf en TotalFina ook aanzienlijk. Men kent elkaars methodes, maar is sterk in verschillende delen van de wereld. Na het samengaan is de combinatie nummer twee in Afrika, na Shell. Of Elfs dubieuze reputatie als geheime arm van de Franse diplomatie in voormalig Frans Afrika door Desmarest even efficiënt wordt afgeschaft als andere restanten van Elfs rol als nationale olie- en geldpomp wordt interessant om te volgen.

Om al deze redenen had Elfs president-directeur Philippe Jaffré het moeilijk om zijn onafhankelijkheid te verdedigen. Zo goed als deze financiële specialist, benoemd door premier Balladur, de Augiasstal van zijn voorgangers had opgeruimd, zijn gebrek aan olie-ervaring belette hem helemaal de `patron' van alle Elf-mensen te worden. Upstart Total had na de absorptie, eind vorig jaar, van de Belgische collega Fina de eeuwige schaalachterstand weggewerkt. Door nu het initiatief te nemen, hard en helder, won TotalFina alleen maar aan overtuigingskracht. Die `winning mood' heeft Thierry Desmarest nooit meer losgelaten.

De afloop was onverwacht gentlemanlike. Na het verscheurende gevecht tussen drie Franse banken en drie president-directeuren, deze zomer, werd een zelfde soort nederlaag voor iedereen gevreesd. De tientallen miljoenen die zijn uitgegeven aan adviserende banken en reclamebureaus gaan af van de resultaten over 1999, maar de aandeelhouders Elf incasseren een premie van 26 procent, ruim tien procent meer dan TotalFina eerst bood. BP Amoco betaalde begin dit jaar ongeveer evenveel extra voor Arco, terwijl de olieprijs toen lager was.

Het aandeel TotalFina zakte gisteren, na het bekendworden van het akkoord, even weg, om vrijwel neutraal te eindigen. Dat de aandeelhouders winst namen na een koersstijging dit jaar met 50 procent was hun niet kwalijk te nemen. Minister-president Jospin had er weinig op af te dingen, in het lange televisie-interview dat hij gisteravond gaf. Bandenmaker Michelin kreeg het voorrecht van een dosis anti-kapitalistische kritiek, wegens ontslagplannen voor 7500 man in Europa na een winststijging. De 2000 man in Frankrijk die overbodig worden bij Total Elf bleven buiten schot.

De nieuwe combinatie passeert France Télécom als Frans bedrijf met de grootste beurswaarde. Na zijn mislukte alliantie met Deutsche Telekom maakt de beurslieveling van vorig jaar al weer de indruk van een wat fletse ex-monopolist. Het kersverse Carrefour-Promodès zakt naar de derde plaats en maakt geen geheim van zijn verdere ambities. De verzekeringsreus Axa, die achter de schermen aan veel bank- en industrietouwtjes trekt, zal zich gaan afvragen of het niet eens openlijk aan bankassurantie moet gaan doen.

Zelfs de staatsspoorwegen (SNCF) ontbreken niet op het fusie- en overnamebal: president-directeur Gallois liet zich ontvallen dat hij binnen enkele weken een belangrijke overname `in Europa' zal bekendmaken. De beperkt geprivatiseerde luchtvaartmaatschappij Air France is de enige van de groten in die wereld die mooie halfjaarcijfers laat zien. En daar zit precies de curieuze grijze zone van de huidige revolutie in de Franse economie.

,,Wij besturen de economie niet meer per administratieve maatregel'', zei premier Jospin gisteravond. Hij zou niet toegeven aan de linkse roep om herinvoering van de individuele ontslagvergunning, maar tegelijk roemde hij zijn eigen beleid dat bij staatsbedrijven slechts `het kapitaal opent'. In de praktijk helpen dus én overheids- én marktgeld om grote Franse bedrijven binnenlands en bij hun expansie op opener buitenlandse markten te helpen. Dat geldt in ieder geval bij de banken (Crédit Lyonnais en enige andere) en openbaar vervoer (SNCF, Air France). Bij de oliemannen was zwaaien met het gouden aandeel genoeg.