Herminia brengt fado en lichte beat uit Kaapverdië

Bij muziek uit Kaapverdië denken liefhebbers van deze muziek vrijwel automatisch aan Cesaria Evora, de volkszangeres op blote voeten. Dat zou echter best kunnen veranderen als Coraçon Leve, de debuut-cd van Herminia, een betere distributie zou krijgen. Na afloop van Herminia's concert werd druk in cd's gehandeld. Haarplatenfirma Celluloid was ze zeer van dienst was geweest door op één liedje na haar hele cd in volgorde af te werken. Pas daarna leek ze ontspannen genoeg om het publiek, voor de helft bestaand uit `eigen volk', iets meer te geven van haarzelf.

Herminia, geboren met de achternaam Cruz, is niet alleen even oud als Evora, zo rond de zestig, ook haar repertoire is vergelijkbaar, al staat dat van haar geheel op naam van één componist: Vasco Martins. Het bevat naast de treurige morna, de Kaapverdische variant van de Portugese fado, veel liedjes in het genre coladeira, gekenmerkt door een lichte, zeer dansante beat.

Het geluid van Herminia is lichter en scherper dan dat van Evora, soms zelfs op het snibbige af. Dat past perfect bij haar verschijning: dun, broos en een tikje chic. Dus draagt ze, anders dan Evora, wel schoenen en zijn de pasjes die ze vaak maakt zowel sierlijk als ritmisch passend.

Het kwintet waardoor ze zich laat begeleiden – vier snaarinstrumenten plus percussie – past haar als de bekende handschoen, al bekruipt je regelmatig het gevoel dat vooral Voginha best wat meer zou kunnen uitpakken. Deze uitstekende eerste gitarist, die ook meespeelt op de cd, wordt echter geplaagd door dezelfde deugd/ondeugd als Herminia zelf: bescheidenheid. Dat resulteerde in een aandoenlijke beduusheid toen de uitverkochte zaal aan het eind tot een staande ovatie besloot. Dat deze houding geen pose was, bleek na de eerste toegift. De groep bleef zo lang veilig achter de coulissen dat een deel van het publiek al vertrokken was toen de zangeres opnieuw verscheen voor Um Porta aberte (Een open deur), het laatste nummer van de cd.

Maar Herminia komt vast nog eens terug en dan ongetwijfeld in een grotere zaal. Om opnieuw te zingen van vertrekken en het daarbij behorende gevoel dat in het lokale kriolu als `sodade' wordt geschreven. De Kaapverdianen weten daar alles van, tweederde daarvan is naar elders geëmigreerd, onder andere naar Rotterdam, niet toevallig een havenstad.

Concert: Herminia met ensemble. Gehoord: 11/9 Tropeninstituut, Amsterdam.

    • Frans van Leeuwen