Geest 1994 waart rond op Europese obligatiemarkt

Gisteren steeg de rente op de Nederlandse kapitaalmarkt naar zijn hoogste peil sinds eind 1997. Na forse koersverliezen dit jaar blijft de vraag naar obligaties ver achter, terwijl het aanbod juist een piek bereikt.

Banken en beleggers tuimelden begin dit jaar bij elke nieuwe obligatielening nog van kooplust over elkaar heen. Maar de stemming op de Europese obligatiemarkt is er uit. Gisteren steeg, door een nieuwe koersval, de effectieve rente op de toonaangevende Nederlandse tienjaars-staatsobligatie tot 5,3 procent. Het totale koersverlies komt dit jaar tot nu toe op bijna 12 procent.

Begin dit jaar stond de 10-jaarsrente nog onder de 3,8 procent, zodat de stijging van deze rente sindsdien al 1,5 procent bedraagt. Dat heeft gevolgen voor de hypotheekmarkt, waar de tarieven goed luisteren naar de rente op de obligatiemarkt. Afgelopen week schroefde verzekeraar Aegon als eerste opnieuw zijn hypotheekrente op, nadat de sector dit jaar al talloze verhogingen doorvoerde. Branche-organisaties op de huizenmarkt, waaronder de NVM, zeiden destijds geen prijsdrukkend effect op woningen te verwachten, tenzij de rente met meer dan 1,5 procent zou stijgen. Dat moment komt snel naderbij.

Wat is er aan de hand? Obligaties geven een vaste rente over hun resterende looptijd. Die rente kan worden uitgehold door toekomstige inflatie. Hoe hoger de inflatieverwachting is, hoe meer rente beleggers zullen eisen om hun vereiste reële (voor inflatie gecorrigeerde) rendement op peil te houden. De steeds sterkere signalen van een oplevende economische groei in Europa kunnen, als die vergezeld gaan van een oplopende inflatieverwachting, dus leiden tot hogere rentes op de obligatiemarkt.

Maar dat verklaart de stijging van de rente met 1,5 procent slechts voor een deel. De grootste invloed op de markt lijkt op dit moment te komen van een veranderde verhouding tussen vraag en aanbod. Aan de aanbodkant is er in Europa sprake van een heuse hausse. Op basis van gegevens van de Bank voor Internationale Betalingen blijkt dat er in de eerste zeven maanden van dit jaar al voor omgerekend 200 miljard dollar aan obligaties is uitgegeven. Dat is evenveel als in heel 1998, en beduidend meer dan in 1996 en 1997. De overheden van de EU zijn daar niet de oorzaak van. Het saneren van de begrotingen resulteert juist in een op z'n hoogst even grote kapitaalsbehoefte als vorig jaar. Het zijn banken en bedrijven die zorgen voor de het grotere aanbod op de obligatiemarkt. Tot nu toe is in de bedrijfssector dit jaar al een groter bedrag aan obligaties uitgeschreven dan op de veel grotere markt van de VS. En dat is een unicum.

Het aanbod is juist deze week groot - zij het vooral van de overheidssector. Vandaag heropende de Agent van Financiën de 3,75-procentsstaatslening per 2009, in de verwachting tussen de 2 en 2,5 miljard euro op te halen. Ook de Duiters zijn in de markt voor 5 miljard euro, en de Grieken en de Ieren. Verderop in de week volgt zo'n beetje de rest van de EU, met Frankrijk en Italië voorop.

Tegenover het gegroeide aanbod staat volgens de Amerikaanse zakenbank Salomon Smith Barney een krimpende vraag. Een indicatie: in de eerste zeven maanden van dit jaar vloeide er 42 miljard euro van beleggers in Europese fondsen die in obligaties beleggen. Dat was 55 procent minder dan de 94 miljard euro vorig jaar in dezelfde periode. Met name Italië is hier een factor. Daar deden beleggers tot eind vorig jaar goede zaken op de obligatiemarkt omdat de Italiaanse rente naar het Duitse niveau moest dalen (en de koersen dus fors stegen) in verband met de komst van de Economische en Monetaire Unie. Die enorme kapitaalstroom naar obligatiefondsen in Italië droogde begin dit jaar al op, en in de zomermaanden was zelfs sprake van een uitstroom.

De ommekeer in de verhouding tussen aanbod en vraag doet denken aan het `rampjaar' 1994 op de obligatiemarkt. Destijds droogde de vraag zo goed als op nadat beleggers forse verliezen leden, en dat leidde tot verder koersverlies en een nog verder stijgende rente. Ook ditmaal houdt de handel er rekening mee dat veel obligatiebeleggers, die de afgelopen jaren niets anders kenden dan koerswinsten, schrikken van de koersverliezen en afhaken. Verdere berichten over de gunstige Europese conjunctuur kunnen de stemming verder bederven. Rabo International verwacht desgevraagd dat de Nederlandse tienjaarsrente begin volgend jaar naar 5,5 procent doorstijgt. Daarmee lijkt de rentehobbel van 1999 een feit.