Van Aartsen opgelucht over uitkomst voor Timor

Minister Van Aartsen (Buitenlandse Zaken) is ,,zeer opgelucht'' nu de Indonesische regering ermee heeft ingestemd dat een VN-vredesmacht orde en rust op Oost-Timor gaat herstellen.

Hij vindt dat resultaat ,,zonder enige terughouding'' een felicitatie waard aan Peter van Walsum, de Nederlandse permanente vertegenwoordiger bij de Verenigde Naties, die deze maand het voorzitterschap van de Veiligheidsraad vervult.

In een vraaggesprek voor Radio I zei Van Aartsen gisteravond dat het zenden van een VN-missie naar Indonesië, vorige week, en de openbare vergadering van de Veiligheidsraad, zaterdag, hun uitwerking hebben gehad. ,,Van Walsum heeft (..) hier zeer veel aan gedaan. De VN-missie, een week geleden wilde niemand eraan, heeft een sleutelrol vervuld'', aldus Van Aartsen.

De minister noemt de vraag of en hoe de VN-vredesmacht moet samenwerken met het Indonesische leger ,,een van de heel moeilijke problemen'' voor het vervolgoverleg van deze week in de Veiligheidsraad.

Hetzelfde geldt voor de vraag welke landen deel moeten nemen in de VN-macht. Desgevraagd noemde Van Aartsen Australië, de Filippijnen en Thailand als mogelijk deelnemers waarover met Indonesië moet worden onderhandeld.

,,Eén ding is duidelijk: het moet snel en er moet dus ook zeer snel een mandaat van de Veiligheidsraad komen. (..) Daaraan zullen wij, en meer in het bijzonder Nederland als voorzitter van de Veiligheidsraad, het onze bijdragen'', zei hij.

Ook Van Walsum sprak vanmorgen van ,,gloeiende haast'' die geboden is om dat mandaat te krijgen nu Indonesië zelf toegeeft de situatie op Oost-Timor niet meer in de hand te hebben. Hij wilde later vandaag een debat in de Veiligheidsraad over het mandaat voor de VN-vredesmacht. Die moet een vrij grote onafhankelijkheid van het Indonesische leger krijgen, Indonesië kan op dat stuk eigenlijk geen eisen stellen, vindt hij.

Van Walsum zei vorige week ,,erg in spanning'' te hebben gezeten over wat er zou hebben moeten gebeuren als Indonesië niet, of onduidelijk, zou hebben gereageerd op het pleidooi van de VN-missie voor een internationale vredesmacht.

Van Aartsen en Van Walsum waren begin vorige week door de Tweede-Kamerfracties van PvdA, CDA, D66 en GroenLinks gekritiseerd wegens de ,,passieve rol'' die Nederland als tijdelijk voorzitter van de Veiligheidsraad zou hebben vervuld in de kwestie-Oost-Timor. Nederland had actiever moeten werken aan opvoering van de internationale druk op Indonesië, was de kritiek.

De PvdA'er Koenders had Van Aartsen vorige maandag opgeroepen, nog voor de VN-missie in Jakarta aankwam, zich ,,in ronde bewoordingen'' uit te spreken voor een internationale vredesmacht.

In een debat in de Tweede Kamer had Van Aartsen daar dinsdag tegen ingebracht dat zo'n vredesmacht alleen met Indonesische instemming mogelijk was, en dat Rusland en China daarmee anders in de Veiligheidsraad ook niet akkoord zouden gaan.

Hij zei erbij dat hij die dag van zijn Indonesische collega, Alatas, de verzekering had gekregen dat Jakarta meende zelf orde en rust op Oost-Timor te kunnen herstellen. Van Aartsen zei erbij dat hij somber was over de vraag of Indonesië die verzekering zou kunnen waarmaken.

Van Walsum had vorige maand in New York al gewaarschuwd voor mogelijk geweld op Oost-Timor als de bevolking per referendum voor onafhankelijkheid zou stemmen. Aanvankelijk was er in de Veiligheidsraad echter geen steun voor pleidooien voor een vredesmacht, daarom had Van Walsum zich juist zo voor de VN-missie naar Jakarta ingezet, aldus Van Aartsen vorige week dinsdag in de Kamer.