Stamoorlog Oeganda eist levens

Circa 400 mensen zijn om het leven gekomen in drie dagen van etnische strijd in het oosten van Oeganda. Dat heeft een hoge Oegandese militaire zegsman vandaag bevestigd. Eerder had ook een getuige een dergelijk dodencijfer gemeld.

Strijders van de Karamajong stam richtten eind vorige week een slachtpartij aan onder een rivaliserende clan van dezelfde stam, als vergelding voor een aanval waarbij in juli 140 doden vielen, in meerderheid kinderen en bejaarden. Volgens de getuige, Swaibu Lomise uit het naburige dorp Moroto, was de wraakactie ,,vreselijk. Kinderen werden in groten getale afgeslacht en in de rimboe gegooid.'' De getuige meldde dat de aanvallers 2.000 stuks vee hadden meegenomen.

Het Oegandese leger kwam vrijdag per helikopter tussenbeide. Daarbij vielen nog eens 21 gewonden, aldus het in Rome gevestigde missionarissenpersbureau MISNA. De onafhankelijke Oegandese krant The Monitor wist te melden dat hierbij 300 doden waren gevallen.

Het Oegandese parlement had na het bloedbad van juli ontwapening van de Karamajong-strijders en versterking van de veiligheid in het gebied geëist. Vervolgens waren 4.000 militairen in de regio gelegerd om de rust te herstellen.

Volgens MISNA komt dit soort geweld tamelijk veel voor in dit onderontwikkelde deel van Oeganda dat door droogte wordt geteisterd en waar diefstal van vee voor de lokale stammen een middel vormt om te overleven. Gewapende veediefstal is daarnaast onderdeel van de cultuur van de Karamajong, waarvan de jonge mannen pas als volwassen worden beschouwd wanneer ze aan een dergelijke actie hebben deelgenomen. (AFP, Reuters)