Zeven doden bij aanslag Algerije

Zeven leden van een en dezelfde Algerijnse familie zijn gisteren vermoord in Djelfa, 300 kilometer ten zuiden van Algiers.

De moord op twee ouders en vijf kinderen is waarschijnlijk het werk van dezelfde moslim-extremisten (GIA) die verantwoordelijk zijn voor de golf van bloedige aanslagen die het Noordafrikaanse land al langer teistert. Sinds het begin van augustus zijn er meer dan tweehonderd mensen bij deze aanslagen omgekomen.

De aanslag van gisteren komt minder dan een week voor het referendum van 16 september dat juist een einde moet maken aan alle gewelddadigheden. Het referendum dat door de Algerijnse president Abdelaziz Bouteflika is uitgeschreven, voorziet in een gedeeltelijke amnestie voor gevangengenomen extremisten. De GIA boycot het referendum.

Van het gezin met zes kinderen slaagde alleen de oudste dochter van zestien erin aan de tent te ontsnappen waar de familie verbleef op het moment van de aanslag. De rest werd met pistoolschoten om het leven gebracht. Het gebied wordt bewoond door nomaden en is eerder het doelwit geweest van aanslagen van radicale GIA-strijders.

De aanslag overschaduwt een ongebruikelijke ontmoeting van familieleden van moslim-extremisten met slachtoffers van het geweld, eveneens gisteren. De bijeenkomst in Relizane ten zuiden van Algiers, werd bezocht door oud-premier Ouyahia.(AFP)