Samen op weg (3)

Wie over samen-op-weg schrijft (Z, 31 juli) moet wel aangeven dat het hier om drie partners gaat: de Nederlandse (met e!) Hervormde Kerk, de Gereformeerde Kerken in Nederland en de Evangelisch-Lutherse Kerk in Nederland. Bij de Evangelisch-Luthersen heerst ongeduld omdat het hele proces, vooral door de remmende invloed van de hervormde Gereformeerde Bond, zo moeizaam verloopt.

In de praktijk is het zo dat heel wat gemeenten allang samen-op-weg zijn, zonder zich veel aan te trekken van de problemen in de hogere regionen, en hun aantal groeit nog steeds. Binnen de Bond zijn er ook verschillende graden van wel of niet willen samengaan en heersen grote tegenstellingen.

In veel plaatsen, met name ook in het van oudsher Rooms-Katholieke gebied beneden de grote rivieren, blijken veel protestantse gemeenten, al dan niet officieel `samen-op-weg', uitstekend te functioneren met leden van zeer uiteenlopende kerkelijke achtergrond, van zeer behoudend tot meer open en vooruitstrevend. Juist de zo verschillnde inbreng werkt zeer verrijkend. Het is jammer dat dit proces landelijk zo moeizaam gaat.