Randgemeenten Athene na aardschok genegeerd

De Griekse overheid krijgt lof voor de snelle reddingswerkzaamheden na de aardbeving van dinsdag. Maar de 50.000 daklozen hebben minder reden tot tevredenheid.

,,De staat legt examen af'', luidde de kop van het Griekse blad Kathimeriní van gisteren. Het gaat om de wijze waarop de grote aardbeving van dinsdag (tot nu toe 100 doden, nog minstens 30 bedolvenen) wordt opgevangen.

Algemeen is de waardering dat de reddingswerkzaamheden adequaat en voortvarend zijn aangepakt. Maar doordat deze in meerdere opzichten zo spectaculair waren – vele tientallen geslaagde bevrijdingen in samenwerking met Turken, Fransen, Israëliërs, Duitsers en Hongaren – was er de eerste twee dagen te weinig aandacht voor de ten minste 50.000 daklozen in de soms vrijwel verwoeste randgemeenten, die samen `Athene B' vormen, het kiesdistrict dat de meeste stemmen produceert en ,,waaruit regeringen tot stand komen''.

,,Waar waren jullie na de aardbeving?'' riep de priester van Nea Liosia de reporter van het televisiekanaal Star toe, die pas donderdag de schade kwam opnemen. In het iets hoger gelegen Ano Liosia — al eerder tweemaal getroffen door overstromingen — is men nog kwader, ook op de burgemeester. Algemeen is in deze arme districten de klacht dat de tenten laat en in onvoldoende hoeveelheid kwamen, waarbij zich ook nog geruchten voegden dat zigeuners (hier talrijk) ze hebben bemachtigd en verkocht. Bovendien gaat het vaak om legertenten, die geen grondzeil bevatten.

Na de zware regens die al de tweede nacht begonnen te vallen werd de situatie in veel gemeenten dramatisch. In Menidi werd het stadion ingeschakeld voor een tentenkamp, maar de twee toiletten waarover dit stadion beschikt waren ontoereikend. De regering stuurt nu op grote schaal chemische toiletten, meer tenten en proviand, maar nog steeds is de ontevredenheid groot.

Van regeringszijde wordt eraan herinnerd dat ze al in de eerste nacht het aanbod aan daklozen deed in hotels te overnachten, die nu niet meer zoveel toeristen huisvesten, of zelfs in cruiseschepen. De autobussen die klaarstonden om de getroffenen daarheen te brengen bleven echter leeg. De meesten willen zich niet ver verwijderen van wat er over is van hun woning, waar ze nog kleren en andere spullen hebben en waar soms nog de waterleiding werkt. Het zijn vaak half bewoonde huizen.

Men wacht ook op de ingenieurs die de schade komen opnemen en de huizen merken met spray: een groen kruis betekent bewoonbaar, een geel voorlopig onbewoonbaar en een rood komt in aanmerking voor sloop. De meeste gegeven kruizen zijn geel. In een later stadium volgt nog een tweede keuring.

Slechts 10 procent van de getroffenen was tegen een aardbeving verzekerd. De regering bereidt nu een – verplichte - staatsverzekeringsorganisatie voor. Vooralsnog krijgen alle getroffenen 200.000 drachmen (1400 gulden) om de eerste nood te ledigen maar de verstrekking daarvan strandde gisteren grotendeels in bureaucratische moeilijkheden, lange rijen wachtenden en veel ruzie.