Olano verstevigt koppositie Vuelta

Abraham Olano heeft gisteren de zesde etappe in de Ronde van Spanje gewonnen, een tijdrit over ruim 46 kilometer met start en finish in Salamanca.

De Spanjaard, sinds donderdag leider in de Vuelta, finishte na 53 minuten en 32 seconden. Op het nagenoeg vlakke parkoers bedroeg zijn gemiddelde snelheid 52 kilometer per uur. De Duitser Jan Ullrich, die donderdag een etappe won, werd tweede op 57 seconden achterstand. De snelste Nederlander was Servais Knaven. De renner van TVM legde het parkoers af in 58 minuten en 52 seconden en werd 52ste.

Vandaag gaat de Ronde van Spanje zijn tweede week in en rijden de renners van Salamanca naar Leon, over een afstand van 213 kilometer.

De individuele tijdrit van gisteren was een indicatie van de vorm van de favorieten voor de eindzege in de Vuelta. De benen van winnaar Abraham Olano zijn goed, die van naaste belager Jan Ullrich bijna als in zijn beste jaren. Morgen zullen de klimmers de aanval op het tweetal inzetten. Dan wacht El Angliru, de berg die mogelijk voor een deel te voet zal worden beklommen.

Wielerminnend Spanje is al weken in de ban van El Angliru, een berg die, zo willen de verhalen, kolossen als de Tourmalet, Alpe d'Huez en de Paso di Gavia in de schaduw stelt. Het is een klim van 12,5 kilometer met een gemiddelde stijging van 10 procent naar 1.573 meter hoogte. Het steilste stuk, vlak onder de top, is met een percentage van 23,5 zelfs te voet moeilijk begaanbaar. Sportkrant Marca telt de dagen af dat `het monster' beklommen gaat worden.

Het is de eerste keer dat El Angliru, in het hart van Asturië, in het parkoers van de Vuelta is opgenomen. De weg was er tot vier jaar geleden een zandpad waar slechts koeien een weg zochten naar een meertje. Nu ligt er asfalt, dat bij regen spekglad is. Voor morgen is neerslag voorspeld.

Once-kopman Olano verkende de berg onlangs. ,,Als het regent, zullen we met de fiets in de hand omhoog moeten'', voorspelde de Spanjaard. ,,Dan wordt het een atletiekwedstrijd. Misschien zou dat nog het beste zijn. Het zou de wedstrijd minder hard maken. Ik vrees anders een uitputtingsslag, zoals die Tom Simpson op de Mont Ventoux ooit het leven heeft gekost.''