Hollands Dagboek: Erica Baud

Erica Baud (48 ), zelfstandig ondernemer, was van 19 augustus tot 5 september op Oost-Timor. Zij hielp daar bij de voorbereiding voor en het toezicht op het referendum over de toekomst van het eiland. Baud woont in Amsterdam.

Woensdag 1 september

Vandaag begint het laatste deel van mijn verblijf als waarnemer in Oost-Timor. Gisteravond ben ik samen met mijn teamleden na een hele dag reizen uit Oekusi, Ambeno (de enclave in West-Timor, die tot Oost-Timor behoort) weer teruggekeerd in Dili. Het laatste deel van de tocht ging onder politie-escorte, nadat we door een wegversperring van de milities waren tegengehouden. Ik probeer dit dagboek te schrijven temidden van tientallen waarnemers van de International Federation for East Timor (IFET), die allemaal terugkeren van hun posten in heel Oost-Timor. Veel van hen zijn net als wij nogal overhaast vertrokken, omdat de situatie overal steeds onaangenamer wordt door de aanvallen van militie-groepen.

We vertrokken samen met de familie in wiens huis we de afgelopen week woonden. Ze laadden een groot deel van hun bezittingen, inclusief paard en aap in een grote truck en vertrokken met alle kinderen naar West-Timor. Wie kan, gaat weg, de anderen wachten in grote angst af wat komen gaat.

In Ambeno was tot voor kort geen grote onrust geweest, maar vorige week vrijdag, de avond van de laatste campagnedag heeft een grote groep milities die uit andere delen van Oost-Timor was gekomen, een aanval uitgevoerd op het kantoor van de CNRT, de partij, die voor onafhankelijkheid is. Het was vlak bij ons huis, we hoorden het schieten en schreeuwen en het geluid van de alarmgong, terwijl aan de andere kant de muziek klonk van het feest van de pro-autonomie partij. Het ging tot diep in de nacht door en startte weer toen het licht werd. We zagen de rookwolken opstijgen.

De volgende dag blijkt hoeveel schade er is aangericht, 37 huizen zijn tot de grond toe afgebrand, op straat liggen zes verbrande motorfietsen, het CNRT-kantoor is totaal vernield, er zijn doden en gewonden. Op de politiecompound zitten ruim 200 mensen zonder huis of omdat ze bang zijn. Velen zijn de bergen ingevlucht, waar waarschijnlijk nog veel meer doden en gewonden zijn.

Ondanks deze en andere gebeurtenissen is het referendum doorgegaan, de mensen kwamen in grote getale al heel vroeg naar de stembureaus met hun registratiekaart en hun identiteitspapieren. Het was indrukwekkend en ontroerend.

Donderdag

Vandaag hebben we onze rapportages afgemaakt. Op grond van alle ervaringen geeft IFET dagelijks persberichten uit. Ik ben al twee keer naar het Dili Museum geweest, waar de stemmen worden geteld. De eerste twee dagen wordt geheel besteed aan het controleren van de boxen met stembiljetten. Vreemd om te bedenken dat het biljet dat het oude vrouwtje in Bobometo bibberend in de stembus stopte, nu ergens tussen al die biljetten zit. Terwijl binnen de VN-mensen heel geconcentreerd en hard doorwerken, omringd door een zware bewaking, wordt buiten geschoten.

Er gaan geruchten dat het UNAMET-gebouw aangevallen wordt. Later blijkt dat het niet direct om een gerichte actie ging, maar dat wel vlakbij huizen in brand zijn gestoken en twee doden zijn gevallen. Morgenochtend voegt men de biljetten bijeen, daarna kan het eigenlijke tellen beginnen. Iedereen vraagt zich af wanneer de uitslag bekend zal worden gemaakt.

Vanmorgen vroeg was ik bij de dagelijkse UNAMET-persconferentie van de Chief Electoral Officer Ian Martin. 's Avonds hoor ik dat veel journalisten en fotografen aan het vertrekken zijn omdat ze de situatie te bedreigend vinden en hun werk niet goed meer kunnen doen.

IFET heeft vanmiddag, samen met vier andere niet-gouvernementele organisaties (NGO's), ook een persconferentie gegeven en er vooral op aan gedrongen dat de VN een (bewapende) peacekeeping force sturen, die de pro- Indonesische milities in bedwang kan houden en de mensen bescherming kan bieden. Zonder internationale bescherming lijken de mensen in Oost-Timor hopeloos verloren. Velen van ons zijn heel erg bezorgd wat er zal gebeuren als alle buitenlanders vertrokken zijn.

Vrijdag

's Avonds kijken we naar CNN en Indonesische zenders, waar heel veel aandacht aan de situatie in Timor Timur (Oost-Timor, ook wel Tim Tim) wordt besteed. Het grote nieuws vandaag is de slachting in Maliana, die gisteren begon: ruim 200 huizen verbrand en twintig doden. UNAMET heeft al zijn mensen, ook de civiele politie teruggetrokken. Hier is men opgelucht dat het IFET-team in West-Timor is aangekomen. Ook in Dili wordt weer gevochten, in de middag komt het bericht dat de banken volgende week gesloten zullen zijn en dat we reisrestricties krijgen. Zowel een chauffeur als een waarnemer zijn vandaag aangevallen door een militieman.

Veel waarnemers willen zo snel mogelijk weg, maar alle vliegtuigen zijn natuurlijk al volgeboekt. Gelukkig kon ik weer een paar uur naar het museum gaan.

Om half twee begon het echte tellen van de uitgebrachte stemmen. Heel spannend, het gebeurt allemaal heel precies en in grote stilte. Vaak is heel moeilijk te zien wat de uitgebrachte stem is. De mensen konden een kruis zetten of met een spijker een gat prikken. In plaats van in het bestemde hokje deden ze dat vaak op een van de logo's, die daar naast staan. We kunnen natuurlijk aan de hoogte van de stapeltjes al iets aflezen over de uitslag, maar hebben strenge instructies daar niets over naar buiten te brengen.

Hopelijk vertrekt mijn vliegtuig nog op zondag.

Zaterdag

Vanmorgen om precies 9 uur zitten we gekluisterd aan de televisie. CNN laat eerst Kofi Annan zien en dan Ian Martin in Dili: 78.5 procent heeft het autonomievoorstel verworpen en dus voor de onafhankelijkheid van Indonesie gekozen. Onze Timorese chauffeurs en koks maken het V-teken en zijn blij.

De stemming is de hele dag gespannen. Feest wordt hier niet gevierd, dat zou te veel provocatie zijn. Integendeel, de straten zijn verlaten, de winkels dicht, zelfs het Portugese restaurant gaat niet open. Je ziet alleen een aantal volgepakte auto's, met mensen die duidelijk ergens anders naar toe gaan.

s Middags ontsnap ik toch even met een andere waarnemer het IFET-huis, alleen mag je echt niet op straat. We eten een gebakken vis in een klein tentje aan de kust met een fles Bintang bier. Niet het dagelijkse ritme, maar omdat het de laatste dag is en de hele dag met wel veertig mensen rond het huis hangen niet echt opwekkend is. We bespreken wat we na afloop van deze missie voor Oost-Timor zouden kunnen doen.

Als ik wakker word uit een korte slaap, zijn ze met platen de ramen aan het dichttimmeren. Er is nog niets aan de hand, maar je weet maar nooit. Rond enkele andere IFET-huizen wordt geschoten en er worden noodplannen besproken. Vanmiddag is in Liquica een UNAMET-Civpol in zijn buik geschoten.

Beelden op de televisie tonen vanavond de reactie van Oost-Timorezen, die elders in de wereld leven, daar wordt meer vreugde getoond.

Zondag

Voor we naar het vliegveld vertrekken bezoeken we om 7 uur de zondagse mis van bisschop Belo in de nieuwe kathedraal, die vlakbij het IFET-kantoor ligt. Er zijn zo'n duizend mensen, die de mis bezoeken. Er wordt veel gezongen en gebeden. Wat Belo te zeggen heeft kunnen we helaas niet volgen, want hij houdt de mis in de lokale taal Tetum.

Om er zeker van te zijn dat we in het vliegtuig naar Denpasar, Bali komen, staan we om 9 uur al voor de hekken te wachten. Ook NOS-verslaggeefster Step Vaessen staat met cameraman en fotograaf in de rij. Hun hotel is gisteren drie keer beschoten.

Later komt nog een hele vrachtauto vol persmensen aan. Zij gaan met een speciale CNN-charter weg. Een Nederlandse vrouw van de Juristen voor Oost-Timor zucht wanhopig dat het zo dus altijd gaat, de pers vlucht het eerst en dan volgen alle andere buitenlanders, zodat alle externe controle verdwenen is. Er vertrekt ook nog een UN-vliegtuig met een groep medewerkers. Iemand verzamelt nog medicijnen en andere eerste hulp spullen, die we zelf niet nodig hebben gehad.

Terwijl we in het wachtlokaal zitten komt generaal Wiranto aan, hij zal op het vliegveld een aantal vertegenwoordigers van de diverse partijen ontvangen. Een groep waarnemers, die eigenlijk morgen pas zouden vertrekken vinden ook nog een plaatsje in het vliegtuig van vandaag. Ik zit naast een jonge Noorse journalist, die met holle ogen uit het raam staart. Het enige dat hij uit kan brengen is `I'm so depressed, and so angry'. Het vat samen wat heel veel mensen voelen.

Maandag

Een kamer alleen, een wc die gewoon doortrekt, een warme douche, een geroosterde boterham met boter en roerei.

Ik ga eerst naar het strand, lekker even langs de zee lopen. Wordt meteen aangesproken door een vrouw of ik gemasseerd wil worden, terwijl ze al zachtjes in mijn nek knijpt. Even later lig ik languit op een lap, moeder masseert mijn rug, terwijl dochter mijn voeten (geen overbodige luxe) onder handen neemt. Ondertussen lees ik het laatste nieuws over Oost-Timor in de Engelstalige Jakarta Post. De Telegraaf met een foto van Maxima heb ik maar laten liggen.

Om een uur of twee vertrekken we weer naar het vliegveld. Via de telefoon hebben we gehoord dat zondag de situatie in Dili weer verder geëscaleerd is. Bij veel IFET-huizen en voor het eerst ook in de buurt van het hoofdgebouw, waar ik de laatste dagen sliep, is zondagnacht geschoten. Steeds meer mensen verlaten het eiland.

Eerst met Garuda naar Jakarta en dan met de KLM via Singapore naar Nederland. Ik zit voor de tweede keer naast een Indonesische regeringsfunctionaris, die ik probeer uit te horen over de situatie in Oost-Timor. Net als de vorige zegt hij alleen maar dat de mensen daar het zelf moeten weten. Het lijkt wel het officiële regeringsstandpunt en klinkt op dit moment wel heel erg oppervlakkig en nietszeggend.

Dinsdag

Een uur eerder dan gepland, 5 uur in de ochtend, landen we op Schiphol. Ondanks dit vroege uur wordt ik door vier vrienden opgehaald. Katrien Mulder, die vorig jaar november als fotograaf op Oost-Timor was, heeft een hele stapel krantenknipsels bij zich en is ook erg aangedaan door wat er op 't ogenblik daar gebeurt. De twee Nederlandse journalistes, met wie zij reisde, zijn twee van de weinigen die nog achtergebleven zijn. Thuis gekomen zetten we meteen de televisie aan.

De hele dag switch ik van CNN naar de Nederlandse zenders en terug. Het is verschrikkelijk wat ik hoor en zie. Heel Dili staat in brand, uit de rest van het land komt niet eens meer nieuws binnen. Door kenners was dit voorspeld. Zij krijgen gelijk, dat er met het houden van het referendum veel meer veiligheid geboden had moeten worden vanuit de internationale gemeenschap.

Nog steeds wil de Veiligheidsraad van de VN niet ingrijpen. Ik hoor dat inmiddels alle IFET-waarnemers geëvacueerd zijn naar Bali en Darwin, Australie. Een van hen zie ik op CNN.

Woensdag 8 september

Enigszins uitgeslapen, meteen de televisie weer aan. Word gebeld dat er morgen een demonstratie op het Museumplein wordt georganiseerd. Ik moet vandaag weer werken. Het zal moeite kosten me weer op andere dingen te concentreren. Ik krijg steeds meer het gevoel dat we er met zijn allen door Indonesië ingeluisd zijn. De handdoek uit Timor Timur, die ik twee weken geleden op een markt in Tono kocht en gisteren demonstratief over een deur hing, laat ik nog maar even hangen.