Een grotere DDR

De Duitse Bondsrepubliek géén lid van de Europese Unie? Voor iemand die na de oorlog in het Westen geboren is, is dat een welhaast absurd denkbeeld. Je ging met vakantie in Italië, in Frankrijk. Amerikaanse invloeden en de protestbeweging van 1968 hebben hun uitwerking gehad op universiteiten en scholen. Vertalingen uit het Engels voeren de literaire bestsellerlijsten aan. Met de grootste vanzelfsprekendheid is de Bondsrepubliek in de decennia na de catastrofe van het nationaal-socialisme deelgenoot geworden van de westerse gemeenschap en haar waarden.

Ook daarom was na de hereniging in 1989 voor vele West-Duitsers het andere deel van het land zo vreemd, en is het dat nog altijd. Jonge bezoekers uit Keulen, München of Düsseldorf vonden alles wat zij in het oosten aantroffen veel `Duitser', en zeker niet alleen het eten. Zij voelden zich in Den Haag meer thuis dan in Dresden, in Liverpool meer dan in Leipzig. De DDR, die niet alleen door de Muur tegen invloeden van buiten was afgeschermd, had meer van de oude tradities en mentaliteit bewaard dan West-Duitsland. Zou een Duitsland zonder EU er misschien zo uit hebben gezien? Een grotere DDR met wat meer welvaart?

De vrije markt en de liberale democratie stuiten ten oosten van de Elbe nog steeds vaker op scepsis. Misschien komt dat in de eerste plaats doordat de werkloosheid daar nog altijd hoog is.

Maar het moeizame herenigingsproces lukt toch zonder al te grote sociale en politieke beroering, doordat het zich afspeelt tegen de achtergrond van de vaste verankering in het Westen. En als nu alles anders gelopen was? Dan was alles uiteindelijk toch op hetzelfde neergekomen, op zijn laatst na 1989.

Het streven van Polen, Hongarije en Tsjechië om in de EU te worden opgenomen, toont dat duidelijk aan. De anti-utopie van een terugkeer van Europa naar de jaren dertig is weinig aanlokkelijk, voor Duitsers minder nog dan voor anderen.