Voetbal en polderhumor

Laat het me maar meteen toegeven: ik heb gehuild bij All Stars, de film. Niet van het lachen, van ontroering. Niet om alle voorspelbare grappen over borstknijperij, over je veters struikelen en homoseksualiteit. Anderhalf uur lang had ik onvolwassen twintigers en dertigers gezien die elke zondag hun zondag-reserve-amateur-voetbalwedstrijdje speelden. Herkenbaar, zeker voor iemand die zelf elke week de geur van gras en oude sokken heeft geroken. Maar meer dan af en toe een glimlach viel er toch niet te halen.

(Zoals wanneer Danny de Munck als voetbalhomo uitgerekend voor de wedstrijd tegen de boertige Polderjongens zijn coming out heeft. Als zijn keeper Thomas Acda komt aanlopen, stappen de Polderjongens net van het veld af: `We spelen niet tegen homo's.' Waarop Acda zegt, ach jullie zijn zelf homo's. Wat dan volgt is wederom zeer herkenbaar: `homo' is de allerergste ziekte die voetbalamateurs elkaar kunnen toewensen.)

Maar de ontroering, die zat pas in de laatste minuten. Als de Swift Boys hun jubileumwedstrijd spelen. De deur van de kleedkamer zwaait open en ineens stromen elf zevenjarige jongetjes naar buiten. Ze zijn wiebelig en vaal gefilmd, alsof het met Super-8 is opgenomen. En ze spelen kluitjesvoetbal met de diepe ernst die zevenjarigen eigen is. Bij een blessure tollen ze over de grond als een volleerde Duitse prof. De mini-keeper blaast nonchalant een lok haar uit zijn gezicht als hij de bal heeft weten te vangen.

Die scène trekt de hele film boven de middelmatigheid uit, zoals de baron van Münchhausen zichzelf verheft uit het moeras. Al die lollige mannen worden met terugwerkende kracht vertederend. Er schemert ineens iets van echte vriendschap door. Het is een Moment in de Nederlandse filmgeschiedenis.

Haal dat van die kinderen eraf, wat hou je dan over? Genoeg voor een sitcom, denkt de VARA. Vanavond begint All Stars, de tv-serie.

Wat hou je over? Een plotje, goed voor 25 minuten. Aflevering 1: De Swift Boys gaan weer eens voetballen en wie vinden ze in de kleedkamer? Een uitgeprocedeerde asielzoeker! Zit daar een potje te koken!

Onmiddellijk en onuitwisbaar verschijnt op hetzelfde moment op mijn netvlies de vergaderzaal waar deze en dergelijke plots worden bedacht. Een kunstverlicht hok in de buik van een mediacomplex. Ruimte C 0023. Prefab wandjes. Geluidluwe plafonddelen. Klimaatbeheersing. Plastic bekertjes en roerstaafjes. ,,We doen een Afrikaanse asielzoeker'', zegt iemand. ,,Ja'', zegt de volgende, ,,en hij is net zo goed als Kanu!'' ,,Nee, juist niet! Dat is veel te voorspelbaar.'' ,,Maar wat dan? Hij kan toch niet alleen Okkibokki zeggen en niks begrijpen. Dan kwetsen we mensen.'' Niet kwetsen.

,,Wat hebben we nog meer?'' ,,Roos! Roos is nog zwanger van de film!' ,,Ja, en Mark is te laat bij de bevalling en die asielzoeker helpt het kind ter wereld.'' ,,Ja, hij is een medicijnman!'' ,,Nee, geen medicijnman.' ,,Niet kwetsen!''

Zo belooft All Stars een echte Nederlandse komische serie te worden.

All Stars, deel 1 van de tv-serie, Ned.3, 20.57-21.27u.