Chaotisch Rusland

VOLGENS PREMIER Vladimir Poetin zou Rusland de orde in de Kaukasus in twee weken hersteld hebben. Waarna de rest van de grootmacht vanzelf zou volgen. Aanvankelijk leek hij woord te houden. Binnen veertien dagen had de Russische luchtmacht de islamitische rebellen verdreven uit de Dagestaanse dorpen die ze tegen de wil van de plaatselijke bevolking bezet hielden. Poetin, een kwart eeuw een gewaardeerde geheime agent voordat hij door president Jeltsin tot het op één na hoogste ambt werd geroepen, haalde opgelucht adem. Nu zou hij zich kunnen wijden aan zijn belangrijkste taak: het ontmantelen van de aantijgingen dat de familie Jeltsin op een soort loonlijst van een Zwitserse projectontwikkelaar zou staan en andere, kwantitatief nog grotere, affaires met zwart geld.

Lang heeft de rust niet geduurd. De fundamentalistische moslims in de Kaukasus hebben hun kaarten gezet op `hit-and-run'. Steeds duiken ze ergens anders op met speldenprikken of bomaanslagen waartegen Moskou machteloos staat. Zo houden ze de federale strijdkrachten bezig. De eigen zwakte heeft de toorn van Jeltsin opgeroepen. Voor de carrière van diens beoogde opvolger Poetin, die blijft verzekeren dat alles ,,volgens plan'' verloopt, is dat een omineus teken. Maar een antwoord heeft ook hij niet. De grootscheepse bombardementen van de Russische luchtmacht, die zich nu ook uitstrekken tot het naburige Tsjetsjenië omdat de islamitische invasie daar haar uitvalsbasis heeft, bieden geen soelaas. Hoewel historische vergelijkingen riskant zijn, doet deze actie enigszins denken aan de wijze waarop de Amerikanen de oorlog in Vietnam dertig jaar geleden uitbreidden naar Laos en Cambodja.

ALS DE FUNDAMENTALISTEN er op uit zijn de zwakste der supermogendheden te treffen, zijn ze in de Kaukasus cynisch gesproken aan het goede adres. De onrust in het gebied beperkt zich namelijk niet tot het anarchistische Dagestan (twee miljoen inwoners) en armlastige Tsjetsjenië (1,2 miljoen). In Karatsjajevo-Tsjerkessië (370.000) is Moskou er nog altijd niet in geslaagd orde te scheppen in de chaos, die daar het gevolg is van verkiezingen die door de minderheid der Tsjerkessen niet worden gerespecteerd. In Noord-Ossetië (800.000) en Ingoesjetië (200.000) smeult het vuur eveneens. Tot nu toe heeft Rusland niets geblust, vooral omdat het de eigenzinnige Kaukasus nog altijd niet wil begrijpen.

VEEL KRITIEK van de internationale gemeenschap heeft Moskou desondanks nog niet te verduren. De rebellen strijden immers met duister geld voor een duistere zaak. Anders dan vijf jaar geleden in Tsjetsjenië vechten ze niet voor hun eigen land, maar zijn ze op veroveringstocht. Bovendien zijn er aanwijzingen dat `mujahedeen' uit het buitenland betrokken zijn. Habib Abdul Rachman uit Jordanië, die de `heilige oorlog' in Dagestan samen met de Tsjetsjeense commandant Sjamil Basajev heeft ontketend, zou volgens Russische persberichten in direct contact staan met de Saoedische terrorist Usam Bin-Laden. Er doen ook wilde geruchten de ronde. Zo beweren sommige bronnen binnen de geheime dienst (FSB) en het leger dat de Russische `oligarch' Berezovski een van hun financiers is, in de hoop dat een voortwoekerend conflict het Kremlin zal stimuleren de noodtoestand af te kondigen, waarna de aanstaande parlements- en presidentsverkiezingen kunnen worden afgeblazen. Informatie noch contra-informatie zijn echter verifieerbaar, omdat het oorlogsgebied tot nu toe succesvol voor pottenkijkers wordt afgegrendeld en de media langzamerhand worden ingesnoerd.

ZO ONGEVEER het enige dat duidelijk is, zijn de oliebelangen die in de Kaukasus op het spel staan en de politiek weerslag daarvan op de rest van Rusland. Helder is eveneens dat het onbeheersbare conflict het centrum van de macht begint te naderen. Terwijl de justitie in den vreemde bezig is een beerput open te trekken die de autoriteiten angst aanjaagt, worden de gewone Moskovieten opgeschrikt door bomaanslagen en explosies die in twee weken al half zoveel onschuldige slachtoffers hebben gemaakt als het officiële dodental aan Russische zijde in Dagestan. De daders zijn vooralsnog onbekend, maar er wordt door de politici onverwijld gebruik van gemaakt. Terwijl ze in Moskou de lijken borgen, kondigde generaal b.d. Aleksandr Lebed gisteren vanuit Siberië zijn kandidatuur voor het presidentschap aan.

Eén van de sleutels voor de al dan niet democratische toekomst van Rusland, die door de twee verkiezingen van komend jaar toch al aan de orde is, ligt in de Kaukasus verborgen. Moskou moet daarover in politieke termen gaan nadenken. Gevreesd moet worden dat het zich voorlopig in het militaire moeras beter thuis voelt. Met alle gevolgen voor Moskou zelf van dien.