WOONVORMEN

Ouderen kunnen kiezen uit verschillende woonvormen:

Zelfstandig De grootste groep ouderen woont zelfstandig in een eigen woning. Zij maken steeds meer gebruik van allerlei zorgvoorzieningen, zoals thuiszorg, particulier ingekochte zorg of zorg in een verzorgingshuis dichtbij. Veel verzorgingshuizen hebben dagprogramma's voor externe ouderen die (nog) niet intern willen of kunnen wonen. Slechts 16 procent van de 65- tot 73-jarigen woont in een voor ouderen bestemde woning; bij 75-plussers loopt dit op tot 33 procent.

Verzorgingshuis Ongeveer 115.000 ouderen wonen in een verzorgingshuis, vroeger bejaardenhuis genoemd. Hier wonen mensen die lichamelijk of sociaal (bijvoorbeeld wegens eenzaamheid) zorg behoeven. Wachtlijst: 20.000 mensen. Door het huidige kabinetsbeleid om bejaarden zo lang mogelijk zelfstandig laten wonen, krimpt de groep steeds verder in. Het verzorgingshuis zal in de toekomst slechts beperkt blijven bestaan.

Aanleunwoning Tussen de 40.000 en 60.000 mensen, vooral echtparen waarvan één van de twee meer zorg behoeft, huren een aanleunwoning bij een verzorgingshuis. Verzorging is hier facultatief, maar biedt een groot gevoel van veiligheid aan nog redelijk zelfstandige ouderen.

WoZoCo De afgelopen tien jaar zijn voor de `redelijk zelfstandigen', ook WoonZorgComplexen (ofwel WoZoCo's) gebouwd. Een WoZoCo bestaat uit een cluster zelfstandige woningen met enkele gemeenschappelijke ruimtes (meestal een binnentuin) en zorgvoorzieningen in de buurt. Soms is het ingebed in een multifunctioneel centrum waar bijvoorbeeld ook kinderopvang is. Dit tot genoegen van de oudere bewoners.

Seviceflat De circa 30.000 ouderen in serviceflats zijn veelal vermogend en betalen een hoge huur in ruil voor relatief luxe appartementen. Van huursubsidie zal doorgaans geen sprake zijn. De zorg, hier service geheten, is van dezelfde aard als in WoZoCo's of aanleunwoningen. De beheerders kunnen particuliere beleggers zijn, instellingen zoals het ABP.

Verpleeghuis Ongeveer 55.000 mensen wonen in een verpleeghuis, waar permanent zorg en toezicht voorhanden zijn. De grenzen tussen verzorgingshuizen en verpleeghuizen vervagen; de twee woonvormen zitten ook steeds vaker onder één dak. Veel mensen met een verpleeghuisindicatie blijven wegens de wachtlijsten (negenduizend wachtenden) in een verzorgingshuis wonen.

Gegevens:

WoonZorg Federatie,

CBS en ministerie van VROM.