TINDERSTICKS

Hun hele carrière lang proberen The Tindersticks te klinken als Leonard Cohen in een romantische bui. Maar anders dan Cohen zijn de in 1993 opgerichte, Engelse Tindersticks niet serieus, daarvoor is de combinatie van presentatie (zwarte pakken, donkere kuiven) en instrumentatie (veel strijkers en kwastjesdrums) te dik aangezet.

The Tindersticks zijn zo romantisch als rode rozen bij kaarslicht. Zo'n kwaliteit zou een cliché op zich kunnen worden. Het enige dat The Tindersticks daarom kan redden van het predikaat `betere schuifelmuziek voor de late uurtjes' is de overtuiging waarmee ze de nummers brengen. En hierin zijn ze op hun nieuwe cd, Simple Pleasure, geslaagd.

De liedjes zijn beter in verhouding dan op vorige platen. Wilde er op bijvoorbeeld Curtains (1996) nog wel eens gaten vallen in de intieme instrumentatie, tegenwoordig grijpt alles prachtig in elkaar. Een zinderend orgel wordt afgewisseld door een paar mierzoete violen, waardoor de sfeer als vanzelf omslaat van aards in hemelbestormend.

De donkere stem van Stuart Staples trilt mee als een stemvork. Hij zingt laag en diep, en zorgt voor de constante sensatie van vervoering vermengd met kunstmatigheid; Staples houdt zijn gevoelens onder controle. Bij The Tindersticks zit de overtuiging dus niet in de rauwe emotie. Het zit hem in de toewijding en de dosering – en die is uitgelezen.

The Tindersticks. Simple Pleasure (Mercury CID 80850)