Euthanasie 1

In NRC Handelsblad van 13 augustus pleit J.M.G.A. Schols onder meer voor toetsing van de euthanasievraag door multidisciplinaire toetsingscommissies vooraf. De Koninklijke Nederlandsche Maatschappij tot bevordering der Geneeskunst (KNMG) is het met hem eens dat niet alleen de juridische toetsing maar ook de medische kwaliteitsborging vooraf verder ontwikkeld dient te worden. Daarom heeft de KNMG het initiatief genomen tot het project Steun en Consultatie bij Euthanasie in Amsterdam (SCEA), waarbij huisartsen uit Amsterdam 24 uur per dag via een speciaal telefoonnummer bij een ervaren en door de KNMG opgeleide collega informatie en advies inwinnen of deze vragen als onafhankelijk consulent op te treden.

Reeds in 1984 nam de KNMG het standpunt in dat een arts die geconfronteerd wordt met een verzoek om euthanasie of hulp bij zelfdoding vooraf een ervaren en deskundig collega dient te raadplegen. Deze norm is ook onderschreven in de jurisprudentie. In 1993 kwam de KNMG met een projectvoorstel, dat tot doel heeft de kwaliteit van medische beslissingen rond het levenseinde te verbeteren. Een van de projectvoorstellen betreft het zoeken naar wegen om de huidige strafrechtelijke toetsing van euthanasie en hulp bij zelfdoding aan te vullen. Belangrijk daarbij was de keuze voor een ander perspectief: niet de juridische toetsing maar medische kwaliteitsborging. Binnen dit perspectief lag het voor de hand om met name het accent op de intercollegiale consultatie voorafgaand aan de uitvoering te verhelderen en te verstevigen.

Het concept van `een netwerk van onafhankelijke en deskundige consulenten, door de beroepsgroep aangewezen, geschoold en volgens richtlijnen werkend' blijkt in de praktijk een adequate manier om te zorgen voor consultaties die werkelijk kwaliteitsborgend werken. Een conclusie uit het eindrapport SCEA is dat de Amsterdamse huisartsen zich ondersteund voelden. En dat gold ook voor de huisartsen die er (nog) geen gebruik van hadden gemaakt, maar wel wisten dat het er was. Twee andere belangrijke conclusies zijn een verbeterde kwaliteit van de consultaties en een verbeterde kwaliteit van het medisch handelen. Deze resultaten hebben geleid tot het opzetten van een landelijk netwerk SCEN en worden gefinancierd door het ministerie van VWS.