Eijk niet vervolgd wegens uitlatingen over homo's

Justitie in Groningen stelt geen strafrechtelijk onderzoek in naar de pas benoemde bisschop van Groningen W.J. Eijk naar aanleiding van diens uitlatingen over homoseksualiteit.

Eijk noemde homoseksualiteit in de collegededictaten die hij tussen 1990 en 1997 samenstelde voor de priesterstudenten van Rolduc en het Sint Janscentrum in Den Bosch een ,,neurotische ontwikkelingsstoornis''. Relaties tussen homo's zijn uistluitend gebaseerd op ,,wederzijdse zelfbevrediging'', zo hield Eijk de seminaristen voor. Homo's zouden niet in staat zijn tot wederzijdse liefde en kunnen het best worden doorverwezen naar een psychiater.

Naar aanleiding van de ophef die was ontstaan over de uitspraken van Eijk besloot het Groningse OM vorige week om een oriënterend onderzoek in te stellen. Een gereformeerde diaken uit Maarssen, die dertig jaar met zijn mannelijke partner samenwoont, diende een klacht in tegen Eijk.

Het openbaar ministerie concludeert nu dat Eijk niet de bedoeling had homoseksuelen te discrimineren, beledigen of kwetsen. Voor een strafrechtelijk onderzoek is opzettelijkheid tot kwetsen en het openbaarmaken van meningen een vereiste. Van beide is naar het oordeel van het OM geen sprake. Volgens de Groninger persofficier A.H. Bronsvoort staan de gewraakte uitlatingen van Eijk in een traktaat dat is bedoeld voor privégebruik door studenten. ,,Eijk geeft een chronologisch overzicht van wat de rooms-katholieke kerk als oorzaken van homoseksualiteit beschouwt en hoe er over wordt gedacht. Zelf neemt hij één van die opvattingen over.'' Eijk had niet de bedoeling om deze opvattingen openbaar te maken, aldus Bronsvoort. ,,Het was puur bestemd voor onderwijskundige doeleinden.''

In een brief aan de gelovigen van het bisdom Groningen stelde Eijk dat zijn standpunten verkeerd waren weergegeven door de media en dat hij bepaalde uitspraken nooit had gedaan. In een interview met het televisieprogramma Kruispunt, afgelopen zondag, zei Eijk dat hij zijn studenten had aangeraden homo's door te verwijzen naar de psycholoog, maar alleen als deze problemen zou hebben met zijn of haar geaardheid. Ook verklaarde hij dat homoseksuelen ,,best in staat zijn om elkaar en anderen lief te hebben.''