Vervalsingen van meubels bij veilinghuis

Veilinghuis Sotheby's heeft toegegeven tenminste driemaal in Londen vervalsingen van kostbare, antieke meubelen op de markt te hebben gebracht.

De twee verantwoordelijke deskundigen van de `furniture department', die de stukken over het hoofd hebben gezien, zijn inmiddels zelf opgestapt. Dat meldt de Britse Sunday Times van gisteren.

Het gaat met name om vier zogenaamde `Georgian', 18de-eeuwse stoelen, twee aan twee voor in totaal ruim vier miljoen gulden geveild in 1994 en '96. Volgens de catalogus van Sotheby's waren ze afkomstig uit St. Giles's House van de graaf van Shaftesbury in Wimborne, Dorset. Later bleken het vervalsingen te zijn, die niets met het vermelde landgoed te maken hadden. De vervalsing van deze en andere stukken kon alleen aan het licht komen doordat ze gekocht werden door gespecialiseerde handelaren, aldus The Sunday Times.

Londense antiquairs zeggen al jaren de oorsprong van meubelen bij Sotheby's in het vizier te houden. Het gaat, volgens hen, om een stelselmatige aanlevering van vernuftig gemaakte reproducties, die vooral bij het filiaal New Bond Street aangeboden zijn. Gezien het aantal verdachte stukken en de langdurige praktijk, achtte een van hen nu de tijd gekomen om ermee naar buiten te treden. Behalve de stoelen zouden ook vervalsingen van een 18de-eeuws bureau, enkele antieke jardinières, sierlijke plantenbakken, en van `Regency'-torchères (eind 18de-/begin 19de-eeuwse kandelabers) de afgelopen tijd gezamenlijk voor bijna een half miljoen gulden zijn verkocht.

,,Wij zijn niet de enigen die met meubelvervalsingen te maken hebben'', aldus een woordvoerder van Sotheby's. Gedupeerde kopers krijgen zoals gebruikelijk hun geld terug, zegt hij.

Begin 1997 werd bekend dat Sotheby's in Londen schilderijen wilde veilen die niet uit Italië geëxporteerd hadden mogen worden. Ook toen weet het veilinghuis deze praktijk aan onwetendheid van zijn stafleden.