Handboogschutter moet glaasje bier laten staan

Voor het eerst in de geschiedenis van de handboogsport werden de deelnemers aan het NK outdoor gisteren onderworpen aan een dopingcontrole.

Wietse van Alten weet wat hem na het behalen van zijn tweede Nederlandse titel boogschieten te doen staat. ,,En nu op naar de pispot om een plasje in te leveren'', luidde het eerste commentaar van de weinig verrassende winnaar in Schijndel.

Ook handboogschutters moeten sinds gisteren een urinemonster afstaan op last van het Nederlands Centrum voor Dopingvraagstukken (NeCeDo). Nationale topsportbonden, en daartoe behoort ook de Nederlandse Handboog Bond (NHB), zijn verplicht een actief antidopingbeleid te voeren. Staatssecretaris Margot Vliegenthart van VWS dreigde de geldkraan (deels) dicht te draaien als de bonden geen gehoor zouden geven aan deze eis van het ministerie.

De NHB zag zich gedwongen vliegensvlug een dopingreglement op te stellen en goed te keuren. ,,Dat reglement lag al bijna klaar'', weet NHB-bestuurder Harry van der Vondervoort. ,,Maar we wilden met de officiële goedkeuring wachten op de resultaten van het dopingcongres van het IOC in februari.'' Dat duurde echter te lang naar de zin van Vliegenthart en zij kondigde forse kortingen aan op de overheidssubsidies. Een flinke financiële domper voor de om sponsors verlegen zittende NHB die in belangrijke mate afhankelijk is van de regeringssteun.

Volgens Van der Vondervoort ligt het probleem bij het opstellen van een deugdelijk dopingreglement in de recreatieve basis van de handboogsport. ,,De deelnemers drinken normaal gesproken wel eens een kop koffie of een biertje tijdens een wedstrijd, maar dat mag nu niet meer'', aldus de bondsbestuurder. ,,Een promille van 0,1 of meer is al niet toegestaan. Als je alleen maar naar een rumboon kijkt, ben je al positief.'' Dus wordt er in het opvallend rustige clubhuis alleen cafeïnevrije koffie geschonken. Een biertje is er nog wel te krijgen, maar de in smetteloos wit geklede deelnemers blijven met de vingers van de alcoholhoudende versnaperingen af. ,,Het had niet eens uitgemaakt'', zegt Van der Vondervoort gepikeerd. ,,Het NeCeDo heeft geen alcoholmeters kunnen aanschaffen. Uitgerekend op het moment suprème laten ze het afweten.''

Het is goed dat er ook in de handboogsport wordt gecontroleerd, meent Van der Vondervoort. De bondsbestuurder, die zelf ook niet onverdienstelijk een pijltje schoot op het kampioenschap, is te spreken over het feit dat alle topsportbonden een gelijke behandeling krijgen. ,,Maar wat me wel dwars zit, ,is dat Vliegenthart geen onderscheid maakt tussen bonden die helemaal geen dopingbeleid hadden en bonden die daar al wel mee bezig waren. Het was geen onwil van onze kant.''

Ook bondscoach Carry van Gool is blij met het dopingbeleid in de handboogsport. ,,Wij kunnen nu aan de buitenwereld laten zien dat wij dopingvrij sporten'', zegt de bescheiden ex-wereldkampioene. ,,Niet dat er enige twijfel bestond, hoor'', haast ze zich eraan toe te voegen. De enige echte dopingzondaar in de handboogsport was een Amerikaanse schutter tijdens het WK indoor in 1995.

De Nederlandse herenploeg plaatste zich eerder dit jaar met een vierde plaats op het wereldkampioenschap in het Franse Rion voor de Olympische Spelen van 2000 in Sydney. Het trio Wietse van Alten, Henk Vogels en Fred van Zutphen is volgens Van Gool in staat om als ploeg een medaille te halen.

De drie schutters, met Erwin Janssen als reserve, gaan zich nu in alle rust voorbereiden op de olympische trip naar Australië. ,,In Nederland worden elk weekeinde wedstrijden gehouden, maar we hebben dit jaar bewust gekozen voor een programma met veel internationale toernooien'', weet Van Gool. ,,De jongens moeten leren met spanning om te gaan. Dat kan niet in eigen land, want hier hebben ze geen concurrentie.''

Het wekelijkse trainingsprogramma van het gedreven trio bestaat voornamelijk uit schietoefeningen in de vorm van duels en een fitness-gedeelte. Het team wordt begeleid door een fysiotherapeut en een sportpsycholoog. ,,De handboogsport is toch vooral een technische concentratiesport'', licht Van Gool toe. ,,Wietse bijvoorbeeld is een goede schutter, een natuurtalent, maar hij kreeg het in het verleden erg moeilijk op spannende momenten. In dat opzicht heeft hij het afgelopen jaar veel geleerd. Van Zutphen heeft een aantal wijzigingen aangebracht in zijn techniek en nu zit er duidelijk groei in.''

De jonge Van Alten, deze maand wordt hij 21, profiteert van de zogenoemde Stripregeling van NOC*NSF. De beste handboogschutter van Nederland, de nummer negen op de wereldranglijst, ontvangt een vast salaris, zodat hij zich volledig op zijn sport kan richten. In de handboogsport is veel ten goede veranderd, onderstreept Van Gool. ,,Ik moest aardbeien plukken om een setje pijlen te kunnen kopen.''