Bijlagen

Afgelopen zaterdag stonden overal in het land uitgeputte krantenbezorgers ongezond dikke kranten in brievenbussen te proppen. Het zag eruit als een omgekeerde bevalling. Een kind, een geesteskind nog wel, moest met veel geweld worden teruggeperst door een te nauwe opening.

Aan de ontvangende kant van de brievenbus had zich een argwanende gestalte in pyjama opgesteld, die elke keer als er weer een of andere bijlage naar binnen kletterde `Ho!' riep. Het klonk dunnetjes en het hielp dan ook niets. Sterker nog, de gestalte moest enkele stappen achteruitdeinzen om te voorkomen dat hij door een vloedgolf van papier werd weggevaagd. Hij begreep er niets van. Had hij de afgelopen dagen niet steeds in zijn krant gelezen dat ze haar `overzichtelijk en compact' gingen maken? En betekende `compact' volgens het woordenboek niet `dicht ineengedrongen, weinig ruimte innemend'?

`Jan, is de krant er al?' hoorde hij boven zich een slaperige stem vragen.

Hij keek naar de papierberg aan zijn voeten. `Kom even helpen', riep hij dof terug.

Dit tafereel moet zich in honderdduizenden huizen hebben afgespeeld, want de Volkskrant en het Algemeen Dagblad kwamen zaterdag voor het eerst met kleurenbijlagen uit. Een hele gebeurtenis in de journalistiek waarnaar ook bij andere kranten nieuwsgierig was uitgekeken. Zou er een fatale slag worden toegebracht aan de concurrentie? Was het het begin van een, ook inhoudelijk, belangrijke journalistieke vernieuwing? Interessante vragen, die voor `de concurrent' (en dat is deze krant, ook al horen we allemaal tot hetzelfde concern) lastig te beantwoorden zijn. Verwijten van kinnesinne en de zon die niet in het water mag schijnen, zijn snel gemaakt. Het moet maar.

`Ik voel niets', zei Lodewijk van Deyssel tot ieders ontsteltenis in een feestrede ter ere van de schilder Kees Verwey. Ik voelde weinig toen ik voormelde magazines had uitgelezen. Het zag er allemaal goed verzorgd uit, maar had ik veel gelezen dat ik niet evengoed in een gewone, papieren krantenbijlage had kunnen lezen? En was de invoering van het nieuwe formaat ook gebruikt om er een nieuw journalistiek doel mee te dienen?

Ik heb het niet kunnen ontdekken, op één uitzondering na: een reportage in het Algemeen Dagblad over het lobbyisme bij het Europees Parlement. Dat was de betere researchjournalistiek van ongewone lengte. Hier was de bijlage gebruikt om diepgang te bereiken. Voor het overige zag ik veel mode (in beide bladen zelfs precies hetzelfde onderwerp, de vreesaanjagende creaties van het duo Viktor & Rolf), veel Engelse heggen en veel culinair genot. Kleren, knippen en kauwen – het is zo langzamerhand de onverbrekelijke drie-eenheid geworden van elk nieuw journalistiek plan.

Het was een debuut, en ze kunnen beter – maar dat zijn ze dan ook wel verplicht aan die toekomstige hernialijders van de krantenbezorging.