`NIET ENG EN HET DOET GEEN ZEER'

Patiëntjes lichten patiëntjes voor. In het vu-Ziekenhuis stelt een video-presentatie de kinderen gerust vóór hun narcose of ruggeprik. `Goede voorlichting kan latere trauma's voorkomen.'

WIE HERINNERT het zich niet? De zware deuren die onverbiddelijk dichtklapten, nog even zwaaien naar mama en papa en dan met je kleine koffertje en je beer naar een groot wit ziekenhuisbed. Helemaal alleen. En dan volgde het treurige dieptepunt: het zwarte kapje dat je al tegenspartelend in de armen van een zuster over je gezicht heen kreeg geperst. Amandelen knippen dertig jaar geleden was een traumatische ervaring. Nou, het kan allemaal nog veel erger. Stel, je bent zes jaar en je hebt leukemie. Je bent plotseling continu omringd door witte jassen, moet het ene na het andere onderzoek ondergaan, er wordt veel en vaak bloed afgenomen en dan word je nog behandeld voor je ziekte.

``De grootste angst van kinderen is dat ze niet overzien wat hun allemaal te wachten staat'', is de ervaring van Phia Griffioen, verpleegkundige kindergeneeskunde oncologie van het VU-Ziekenhuis in Amsterdam. ``Het is belangrijk dat kinderen nog tijdens hun ziekte hun angst verwerken, anders krijgen ze er op latere leeftijd last van. Ik krijg hier kinderen van twintig jaar die genezen zijn van leukemie, maar nog worstelen met het verleden, die enorm boos zijn op de mensen die ze toentertijd hebben vastgehouden om ze te kunnen prikken.''

Goede voorlichting kan dergelijke trauma's voorkomen. ``Ik vertel de kinderen die hier komen zo eerlijk mogelijk wat er allemaal gebeurt. Je moet ze door praten sterk maken, zodat ze het helemaal zelf doen. Als je hun vertrouwen hebt ondergaan ze het onderzoek uit vrije wil en dat is heel belangrijk'', weet Griffioen. In de voorlichting aan kinderen nemen - steeds dezelfde - verpleegkundigen en pedagogisch medewerkers een centrale rol in. Omdat er op de kinderkliniek kinderen van nul tot achttien jaar binnenkomen, vergt die voorlichting in de eerste plaats creativiteit. ``Voor kinderen van rond de vier jaar heb ik bijvoorbeeld altijd een klein kaboutertje bij me'', vertelt Griffioen terwijl ze een klein wollen popje uit haar borstzak haalt. ``Daar praat ik dan tegen. `Jij moet Lotte helpen, want die krijgt een prikje.' Kinderen hebben het magische gevoel dat dat werkt. Als ze hier een tijdje komen, halen ze vaak eerst mijn kabouter op voordat ze naar een onderzoek gaan. Je moet bij ieder kind zoeken naar de beste weg om het te benaderen. Dat is het interessante van dit werk.''

fotoboeken

De pedagogisch medewerkers van het VU-ziekenhuis hebben een speciale voorlichtingskoffer, waarin naast boekjes en fotoboeken allerlei materialen zitten, waar de kinderen in het ziekenhuis mee te maken krijgen. Met die spullen kunnen ze de situatie met een pop naspelen, een manier die juist voor heel kleine kinderen goed werkt.

Een ander onderdeel van het assortiment voorlichtingsmaterialen vormen de voorlichtingsvideo's, die de VU-Kinderkliniek zelf heeft ontwikkeld. Het idee hiervoor is ontstaan op de afdeling oncologie, vertelt Griffioen. ``De meeste kinderen hebben meer greep op de situatie als ze precies weten waar ze aan toe zijn. Met een video kun je ze alles laten zien, de ruimte waar het onderzoek plaatsvindt, de apparatuur. Bovendien merkte ik dat sommige kinderen achteraf nog met veel vragen zaten wat er precies met hen is gebeurd. Een video kan in dat geval dienen als evaluatie en biedt aanknopingspunten om verder te praten.''

De eerste video's zijn gemaakt in 1997 en inmiddels is het aantal gestegen tot zeven, waarbij per video verschillende onderwerpen worden behandeld, zoals een MRI-onderzoek, een ruggeprik en narcose. Kenmerkend is het uitgangspunt: voorlichting voor kinderen door kinderen. In de video's komen bijna uitsluitend kinderen aan het woord. Er is gekozen voor het principe van `modeling'. Kinderen doen het voorbeeldgedrag van een ander, liefst wat ouder kind, snel na. De opzet van alle video's is hetzelfde: een vaste presentatrice, de veertienjarige Tess, laat zien hoe de behandelkamers eruitzien. Vervolgens wordt elke handeling getoond en toegelicht door de betrokken patiëntjes. Elk programma wordt afgesloten met de vraag: ``En, wat ga je vanmiddag doen?''

``Het is niet eng en het doet ook geen zeer'', vertelt de negenjarige Bettina op de voorlichtingsvideo. Zij heeft net een MRI-onderzoek ondergaan, waarbij je geheel in een tunnel verdwijnt en zo stil mogelijk moet liggen, terwijl het apparaat foto's neemt. Rahiema (9) is in de VU-Kinderkliniek onder behandeling voor hormonale groeistoornissen en heeft de video gezien. ``Ik werd er wel rustig van'', zegt ze. Eng vond ze het niet. ``Het leek een beetje op een zonnebank," papegaait ze de verpleger na, die op de video hetzelfde zegt. ``Maar'', voegt ze eraan toe, ``het duurde wel een beetje lang.'' Haar moeder Biebie Sultan: ``Op zo'n video kunnen ze niet laten zien dat zo'n onderzoek drie kwartier duurt. Elke beweging verstoort de foto, dus moest het een paar keer opnieuw.'' Dat vond ze het enige nadeel van de video, verder is ze er vol lof over. ``Als Rahiema die video niet had gezien, was ze vast banger geweest.''

De video wordt altijd bekeken samen met een verpleegkundige of een pedagogisch medewerker, en bij voorkeur met de ouders. ``Dat is essentieel'', aldus Carla Overgoor, hoofd pedagogisch werk. ``Ik wil voorkomen dat ze denken dat ze fluitend dat onderzoek in moeten gaan. Ze mogen zenuwachtig zijn. Ik vertel ze dat het jongetje op de video ook best gespannen was, maar dat hij er toch goed doorheen kwam. Daardoor denkt het kind: dat kan ik ook.'' Wanneer Griffioen met een patiëntje de video bekijkt let ze altijd op de reactie van het kind. ``Als ik merk dat een kind te bang is wil ik kunnen ingrijpen. Maar dat heb ik nog nooit meegemaakt.'' Met een enquête inventariseert zij de bevindingen van de kinderen. Vrijwel zonder uitzondering geven ze aan `rustig' te worden van de video. Soms komt zo'n reactie pas achteraf, vertelt Griffioen. ``Barry is een jongetje van viereneenhalf. Hij kreeg eerst medicijnen door een sonde, maar wil nu toch gewoon zijn pilletjes slikken. Omdat dat kindje op de video het ook doet, zei hij tegen me.''

minder narcoses

Een andere verdienste van de video is dat het aantal lichte narcoses die kinderen kunnen krijgen voor een behandeling of onderzoek is teruggebracht, omdat ze het nu aandurven zonder te slapen. ``Hoeveel minder durf ik niet te zeggen, maar zeker een kwart, misschien wel de helft'', aldus Griffioen. Zij geeft de video's ook geregeld mee aan kinderen zodat zij op school kunnen laten zien wat er met hen gebeurd is. ``Zo kan er in de klas over gepraat worden en komt het kind uit zijn isolement.''

In juni van dit jaar hebben de voorlichtingsvideo's van de VU-Kinderkliniek, die met particuliere sponsoring tot stand zijn gekomen, twee internationale prijzen gewonnen. In binnen- en buitenland bestaat interesse voor de video's, die in de medische wereld uniek zijn, aldus Marie-Thérèse van Ham van de pr-afdeling: ``Als er concrete belangstelling komt, dan zullen wij het idee verkopen, niet de video zelf. De herkenbaarheid voor het kind is namelijk een essentieel onderdeel. Ze moeten de behandelkamers zoals die op de video worden getoond herkennen als ze binnenkomen. Daarom moeten geïnteresseerde ziekenhuizen het zelf verfilmen.''