Ik denk niet dat democratie de vrede op aarde brengt

Het Amerikaanse weekblad Time riep hem uit tot een van de twintig meest invloedrijke Aziaten van deze eeuw: Lee Kuan Yew, die als autoritair premier in dertig jaar tijd Singapore maakte tot wat het nu is, een welvarende stadstaat met een zeer gedisciplineerde bevolking. Wat beschouwt hij als het geheim van zijn succes? En hoe ziet hij de nabije toekomst?

Vijfendertig jaar oud was Lee Kuan Yew toen hij in 1959 werd gekozen tot premier van Singapore. Zijn People's Action Party (PAP) had op overtuigende wijze de verkiezingen gewonnen en Lee, die een paar jaar eerder zijn rechtenstudie in het Britse Cambridge cum laude had afgesloten, kon beginnen aan zijn levenswerk: de opbouw van het moderne Singapore.

Ruim drie decennia lang was Lee Singapore's machtigste man en in die periode vormde hij het land om van een rommelig handelsstaatje tot een bruisende hightech republiek, strategisch gesitueerd aan een van `s werelds drukste scheepvaartroutes, de Straat van Malakka.

Lee's autoritaire stijl van regeren wierp vruchten af. De gemoedelijke kampongs rond de dichtbegroeide jungle op het eiland werden verdrongen door kantoorgebouwen en torenflats vol appartementen die het volk via leningen van de overheid kon aanschaffen. Singapore lokte met vernuftige belastingconstructies westerse multinationals en creëerde zo tienduizenden banen voor een multiraciale samenleving van Chinezen, Maleisiërs en Indiërs die door een zorgvuldige bevolkingspolitiek en een stelsel van strenge wetten en regels in harmonie naast elkaar leerden leven.

Lee omschrijft zijn Singapore van veertig jaar geleden in `The Singapore Story', het vorig jaar verschenen eerste deel van zijn memoires, als een immigrantensamenleving die hij opnieuw vorm moest geven. Immigranten zijn bereid, zo wist hij, om nieuwe dingen te proberen, in tegenstelling bijvoorbeeld tot de Chinezen in China die in een eeuwenoude samenleving vol tradities en gewoonten leven. Toen Lee de Singaporezen vertelde dat zij moesten ophouden met rochelen en spugen op straat omdat dat een vieze gewoonte is die tuberculose kan verspreiden, had hij succes. ,,In China zou dat nooit lukken', aldus Lee. ,,Daar zeggen ze: doe normaal, wij spugen al duizenden jaren.'

Singapore demarreerde onder Lee in zijn economische ontwikkeling, terwijl buurlanden als Maleisië en Indonesië in eigen tempo verder gingen. Het land groeide uit tot het laboratorium van Zuidoost-Azië, een proeftuin waarin Lee en zijn ministers steeds nieuwe trucs verzonnen om hun kwetsbare, kleine (in omvang vergelijkbaar met de provincie Utrecht) en vrijwel grondstofloze land te laten overleven.

Veertig jaar later kan Lee tevreden terugblikken. Singapore is een economisch succes. En Lee krijgt daar in de herfst van zijn carrière internationale lof voor toegezwaaid. Het Amerikaanse weekblad Time riep hem deze maand uit tot een van de twintig meest invloedrijke Aziaten van deze eeuw. Anno 1999 swingt Singapore. Het paternalisme van de overheid, zoals dat onder Lee gestalte kreeg, is nog niet verdwenen, maar het land is op veel fronten uitgegroeid tot het regionale centrum voor internationale bedrijven die in Zuidoost-Azië actief zijn. Het gemiddeld jaarinkomen ligt er hoger dan bij de voormalige koloniale heersers in Groot-Brittannië. De bijna 76-jarige Lee mag dus trots zijn, maar op zijn oude dag wenst hij nog lang niet op zijn lauweren te rusten. Ook in zijn functie als senior-minister – een speciale kabinetspost die bij zijn aftreden in 1990 voor hem werd gecreëerd – wil hij blijven meedenken over beleid en politiek. Pensioneren is niet aan de orde. Lee wil blijven werken tot hij niet meer kan. ,,Dat houdt de geest scherp. Als ik de plug eruit trek, degenereer ik. Dat kan ik dus niet doen, ik moet gewoon doorgaan met werken', vertelt hij, de ogen toegeknepen boven een glimlach in zijn ruime werkkamer op het Istana Singapura, het presidentiële paleis van Singapore.

Wat is in uw ogen het geheim van Singapore's succes geweest?

,,We hebben erg veel gehad aan een kritische Nederlander, Albert Winsemius, die ons vanaf 1960 op uitnodiging van de Verenigde Naties adviseerde. Zonder hem zou alles wel eens slechter hebben kunnen aflopen met ons. Winsemius was een praktische, kundige man. Hij begreep de westerse economie, inclusief de Amerikaanse, want zijn zoon werkte in die tijd bij McKinsey. Hij legde ons uit hoe ze daar zaken doen. Dat maakte het makkelijker voor ons.

,,Verder hebben we veel naar andere landen gekeken. Toen we onafhankelijk werden in 1965, begonnen we met het bestuderen van Hongkong. We wilden weten hoe een stadstaat vergelijkbaar met Singapore geld verdiende via handel, productie, service aan andere economieën, toerisme etcetera. Toen we een leger moesten opzetten, bestudeerden we Zwitserland en Israel en besloten dat de oplossing voor ons een combinatie van die twee modellen was in de vorm van een burgerleger. Daardoor hadden we geen groot defensieprobleem. Toen we bezig gingen met onze vliegvelden en containerhavens, bestudeerden we waar en waarom dat in andere delen van de wereld een succes was: Amsterdam, Rotterdam, Dallas, Londen, Parijs. Het was een kwestie van ernaar toe gaan, kijken en bestuderen, teruggaan naar huis en je ideale plan aanpassen aan het tropische klimaat. In onze methode was de leercurve niet al te kostbaar.

,,Ik geloof nu eenmaal niet dat je het wiel voor een tweede keer kunt uitvinden. Welke problemen je ook tegenkomt, er zijn altijd landen of mensen ergens in de wereld die er al eerder mee te maken hebben gehad. Je kunt hun oplossing, of die nou succesvol was of half succesvol, maar beter bestuderen en je daarna de vraag stellen: kunnen wij dit ook, en kunnen wij dit beter? Dat is de simpele reden dat Singapore zo weinig fouten heeft gemaakt. Ik vertel het nog steeds aan mijn ministers en ambtenaren. Elke keer als ze weer iets nieuws aandragen, vraag ik ze: waar heb je dit van geleerd? Als ze me vertellen dat ze het zelf verzonnen hebben, zeg ik vaak: kijk eerst eens om je heen. Bekijk eens hoe anderen het hebben gedaan, analyseer dat, pas je plan aan en kom dan terug. En altijd volgt er dan een verbeterd plan.'

Er komt een dag dat u zich niet meer met de politiek hier zal kunnen bemoeien. Maakt u zich zorgen over de nieuwe generatie Singaporezen, de kinderen van de ouders met wie u dit land opbouwde?

,,Nee, niet echt. Elke generatie moet zijn eigen ervaringen weerspiegelen en moet zich aanpassen aan een nieuwe omgeving en aan de verwachtingen van meer veranderingen die komen gaan. De jonge generatie Singaporezen krijgt vooral te maken met nieuwe ontwikkelingen in de technologie; de manier waarop de wereld zaken doet zal veranderen, net als de wisselwerking tussen de werelddelen. Mijn generatie had na de Tweede Wereldoorlog te maken met onstuimige veranderingen op politiek gebied. Koninkrijken vielen uiteen, het communisme kwam op, er waren revoluties en guerilla-oproer. Maar de wereldeconomie veranderde niet zo dramatisch.'

De regering van Singapore heeft lange tijd de eigen media gecontroleerd, maar met de komst van Internet en kabel- en satelliettelevisie is dat steeds moeilijker, zo niet onmogelijk geworden. Bent u bang dat door die ontwikkeling de jonge generatie minder goed te controleren is?

,,Ik maak me geen zorgen over de controle op de jeugd. Ik denk dat het probleem voor de toekomstige maatschappij – ongeacht de regeringsvorm die er bestaat – draait om het instandhouden van een aantal waarden en normen, zoals de integriteit van de familie, de relatie tussen man en vrouw, ouders en kinderen, kinderen onderling, de banden tussen vrienden, het gevoel van trouw en vertrouwen, van zelfvertrouwen. Zaken als goed en kwaad leert de mens niet alleen via schoolboeken en computers; dat wordt overgedragen van de vader en vooral van de moeder op het kind. In de nieuwe, moderne maatschappij hebben steeds meer moeders een baan en worden kinderen veel vaker aan hun lot overgelaten en zitten ze bijvoorbeeld uren achter de televisie. Die ontwikkeling kan vergaande negatieve gevolgen hebben voor de sociale stabiliteit en de samenhang van de maatschappij. Kijk naar de VS, daar zie je de opkomst van een nieuwe onderklasse van eenoudergezinnen. De staat geeft weliswaar geld, maar daarmee is het kind nog niet opgevoed.

,,Bij dit soort ontwikkelingen komen fundamentele vragen naar boven waarop de volgende generatie een aantwoord zal moeten verzinnen. Dat heeft niets te maken met strikte politieke controle, maar alles met integriteit en opvoeding zodat goed en kwaad te onderscheiden blijven. Als je je mensen constant blootstelt aan televisie- en computerbeelden die de lijn tussen goed en kwaad verdoezelen, dan krijg je de problemen waarmee de Amerikanen nu worstelen in hun samenleving en waaraan ook wij kunnen worden blootgesteld.'

Is het niet eens tijd voor een echte oppositiepartij in Singapore? Uw eigen PAP heeft sinds uw overwinning in 1959 onafgebroken de macht in handen gehad. Past zoiets nog wel in deze tijd?

,,De sleutelvraag is: wil je twee, drie, vier termijnen lang in de oppositie blijven zitten en een eigen organisatie opbouwen terwijl je je ook kunt aansluiten bij een bestaande partij? Dat is de essentie van PAP's onafgebroken bewind. We hebben de mensen die het niet met ons eens waren, nooit buitengesloten, maar ze opgenomen en hun ideeën meegenomen. In dat proces hebben hebben zij die ideeën aangepast aan de realiteit. Als je capabele mensen uitsluit, krijg je een botsing van ideeën en idealen. Ideeën moeten veranderen, anders komen we niet vooruit.

,,Ik ben geen ideoloog, ik ben een pragmatisch denker. Je zou me een sociaal darwinist kunnen noemen. Ik geloof dat je van geen enkele theorie kan zeggen of hij goed of fout is totdat hij bewezen is. De Amerikanen zijn erg nadrukkelijk in hun visie over democratie en mensenrechten. Maar als democratie en mensenrechten vrede en welvaart voor iedereen zouden brengen, dan zou dat zonder enige druk allang gebeurd zijn, als uitvloeisel van een onverbiddelijke natuurwet, door eliminatie van minder efficiënte systemen. Het communisme mislukte na zeventig jaar omdat ze op het verkeerde spoor zaten. Het is niet zo dat wij nou antwoord hebben op alles. Maar ik denk dat je goed moet rondkijken en moet zeggen: kijk, dat ziet er goed uit. Laten we dat ook eens proberen. En als het niet werkt, verander je het of pas je het aan.

,,De Amerikanen geloven sinds ze de communisten hebben verslagen, dat ze voor alles een antwoord hebben. Maar ik zet daar mijn vraagtekens bij. Want dat heeft niemand. Wie gelooft nou dat het principe van `een man, een stem' en vrije pers in Kosovo zal werken? Dat de Albanezen en de Serviërs vredig naast elkaar zullen leven in een multiraciale samenleving? Niemand, behalve de Amerikanen. Ik hoorde het president Clinton onlangs nog op CNN vertellen. Hij gelooft het. Het is prima om idealistisch te zijn, maar ik zie de Amerikanen daar in de Balkan nog wel honderd jaar zitten. Wie wil dat nou? Je kunt beter accepteren dat er bepaalde diep gewortelde vijandschappen bestaan. En dat los je niet op door plotseling democratische vrijheid te garanderen. Serviërs, Albanezen, moslims, orthodoxe christenen allemaal samen? Ik garandeer u, dat wordt geen gelukkige gemeenschap. Ik wens de Amerikanen geluk, maar als u mij vraagt zoiets eens te proberen, zeg ik: nee, alstublieft niet.

,,Het Westen noemt Singapore altijd autoritair. Sommigen noemen me daar een dictator, een tweede Sadam Hussein. Maar dan stel ik u een simpele vraag: als wij hier niet de steun zouden hebben en de samenwerking zouden krijgen van het volk, hoe zouden we dan ooit `s werelds beste luchtvaartmaatschappij [Singapore Airlines] en 's werelds meest efficiënte haven kunnen runnen? Dat lukt niet in een dictatoriale staat met machines, computers en onderdrukte mensen. Daar heb je gemotiveerde mensen voor nodig die goedkeuren wat jij doet en elke dag weer beter worden en zelf nieuwe dingen uitvinden. Het draait allemaal om de menselijke factor. Het is hun bedrijf, hun land. Als ze hun best niet doen, gaat het bedrijf kapot en komt hun familie in moeilijkheden. Die spirit hebben wij hier gebouwd.'

U heeft ook kritiek geuit op de wijze waarop de Amerikanen – en in mindere mate de Europeanen – hebben gereageerd op de Aziatische crisis. Begrijpt het Westen Azië wel voldoende?

,,Als dat zo was, dan waren de Amerikanen nooit naar Vietnam gegaan. Wellicht hebben ze daar iets van geleerd, maar er zijn zoveel verschillende plekken om van te leren. Elk land in Azië heeft zijn eigen historie, zijn eigen pakket van unieke problemen. Zo ben ik ervan overtuigd dat het geen goed idee was om Soeharto te laten aftreden. Kijk naar de malaise en het lijden van de bevolking. Het kost vijf tot tien jaar voordat de economie weer terug op het oude niveau is, als er tenminste geen nieuwe rellen komen. En Indonesië is nog maar een van de landen hier. Ik denk dat het Westen dat soort zaken heeft onderschat en ook niet verwacht had wat de crisis allemaal zou veroorzaken.'

Wat zijn de belangrijkste factoren die rust of onrust in Azië bepalen in het nieuwe millenium?

,,Het gaat voornamelijk om de relaties tussen de VS, Japan en China. Als er een balans bestaat tussen enerzijds de Amerikanen en de Japanners en aan de andere kant de Chinezen, dan zal het redelijk rustig blijven. Verder zullen de Russen over twintig, dertig jaar weer terugkomen. Dat zijn nu eenmaal geen domme mensen. Kijk maar naar hun ruimtevaartindustrie en hoe lang ze met hun spacecapsule in de lucht hebben gehangen. Kijk naar hun grootmeesters in het schaken. We moeten de gaven van de Russen absoluut niet onderschatten. Wat China betreft zal het nog dertig tot vijftig jaar duren voordat dat land een echte industriële wereldmacht is.'

Hoe belangrijk is het voor de rust in de regio dat China binnen afzienbare tijd toetreedt tot de WTO [Wereldhandelsorganisatie]?

,,Heel belangrijk. Als China er buiten wordt gehouden, zullen ze leren hoe ze moeten groeien zonder zich aan de regels te houden. Willen we dat? Als de Chinezen buiten de WTO blijven, zullen ze hun eigen markt en invloedsfeer creeren waarin ze krijgen wat ze willen en verkopen wat ze willen. Zo'n scenario is erg gevaarlijk voor ons allemaal. Maar de Amerikanen denken niet op die manier. Die denken in termen als: `Oh, Trent Lott, de leider van de senaat, heeft textielplantages in zijn staat Missouri. Hij zal dus tegen stemmen. Dus laten we hem niet teleurstellen.' Als het om staal gaat, zullen ze stemmen verliezen in Detroit. Dus daar is het ook `nee' tegen China. Beslis je over een zaak van oorlog of vrede in de volgende eeuw op basis van die uitgangspunten? De Amerikanen wel, want die denken anders. Die kijken naar hun eigen verkiezingen en maken dan hun calculaties. En ze blijven beweren dat democratie de vrede op aarde brengt. Ik denk dus van niet. Ik zet echt mijn vraagtekens bij hun politiek.'

Volgend jaar breekt in Azië het Jaar van de Draak aan. Volgens de astrologen en de notoir bijgelovige bevolking wordt dat een prachtig jaar voor Azië. Zal het de inleiding vormen tot de eeuw van Azië, waarin de regio uiteindelijk zal uitgroeien tot het belangrijkste deel van de wereld?

,,Nee, ik denk van niet. Maar we kunnen natuurlijk niet aan het begin van de 21ste eeuw voorspellen hoe de wereld er aan het eind van die eeuw uit zal zien. De huidige signalen laten zien dat de Amerikanen voorlopig nog de belangrijkste wereldmacht blijven. Op het gebied van informatietechnologie zijn ze beter dan wie ook. Of ze die voorsprong vijftig jaar lang zullen kunnen vasthouden, is een andere zaak. De Amerikanen hebben ook massaproductie geïntroduceerd, maar de Japanners deden dat na en haalden ze zelfs in. Ik denk dat Europa en Japan ook op het gebied van informatietechnologie de VS zullen inlopen.

,,Het grote verschil op dat gebied heeft te maken met taal. Engels is de voertaal in de IT-wereld. Verreweg de meeste databanken gebruiken Engels. De Japanners en Chinezen hebben daar een probleem. Ze hebben hun eigen taal waardoor het kopiëren van databanken moeilijk is. In Europa is Engels ook vrijwel overal de voertaal. Als dat zo doorgaat, zullen de Japanners en de Chinezen moeten switchen naar Engels want de hele IT en Internet werkt er mee.'

De zon is intussen achter de ramen van Lee's werkkamer gezakt. De werkdag loopt ten einde. Vanuit zijn kamer is een prachtig onderhouden golfbaan te zien van negen holes tussen palmbomen en bougainvilles. Buiten hangt de klamme tropische hitte als een deken over de stadstaat van 3,6 miljoen inwoners. Binnen blaast bijna onhoorbaar de airconditioning koele lucht de kamer in. Lee bestempelde het apparaat eerder dit jaar tot ,,de meest invloedrijke uitvinding van dit millennium'. De airconditioning heeft volgens hem de levens van mensen in de tropen in belangrijke mate veranderd. Waar vroeger de concentratie en de kwaliteit van het werk in de tropen verminderde naarmate het warmer en vochtiger werd, kan een werkdag in de tropen zich nu meten aan een werkdag in een koeler klimaat. Airconditioning heeft er volgens Lee zelfs voor gezorgd dat de levensstijl in tropische landen nu vergelijkbaar is met die in de ontwikkelde beschavingen van West-Europa en de Verenigde Staten.

Lee's eigen kamer is minder koel dan de meeste andere kantoren in het Istana en verschilt ook van de temperatuur in de kantoortorens in het zakencentrum. De `Senior-Minister' – in de lokale pers steevast aangeduid als `SM Lee' – leeft zoveel mogelijk in dezelfde temperatuur, niet te warm, niet te koud. Wanneer hij op reis gaat, wordt het toestel van Singapore Airlines waarin hij vliegt, speciaal aangepast en op Lee's favoriete temperatuur gebracht. Het moet voorkomen dat hij slachtoffer wordt van de meest voorkomende `westerse' ziekte die mensen in de tropen van een airconditioning krijgen: verkoudheid. Zijn wens voor de uitvinding van het volgende millenium heeft eveneens met klimaatcontrole te maken. Lee zou graag zien dat er ondergoed komt dat je koel houdt. ,,Op die manier kan iedereen op zijn optimale, favoriete temperatuur werken waardoor beschaving geen klimaatbeperking meer kent.' Singaporese uitvinders zijn inmiddels aan de slag gegaan om te kijken of dat idee levensvatbaar is. Dat doen ze geheel volgens het Lee-principe: uitzoeken of iemand in de wereld al eens iets op dit gebeid heeft ondernomen en vervolgens een betere versie daarvan maken.

Dit is de laatste bijdrage van Max Christern voor deze krant als Zuidoost-Azië correspondent in Singapore.

    • Max Christern