De witte illegalen blijven strijdlustig

Om uit de impasse te komen heeft het kabinet een beperkt pardon afgekondigd voor witte illegalen. ,,Wij willen zeker weten dat we mogen blijven. Anders kunnen we toch niet blij zijn?''

Een feestje werd er gisteravond door de witte illegalen niet gevierd. Op de tafel waaraan zo'n tien witte illegalen zitten staan pinda's, koffie en thee. ,,Of ik blij moet, zijn weet ik niet'', zegt de Egyptenaar A. Moussa. ,,Ik weet nog steeds niet of ik nu mag blijven. Niemand weet dat.''

De witte illegalen in Den Haag verblijven na een al maanden durende verhuizing door de hele stad, sinds enkele dagen in het Moslim Informatie Centrum aan de Beeklaan, tegenover de Agneskerk. Daar wisten de witte illegalen eind vorig jaar de aandacht op zich te vestigen door met een groep van 132 man in hongerstaking te gaan voor een verblijfsvergunning.

Het nieuws uit de ministerraad van gisteren kwam voor de groep als een verrassing. Afgelopen donderdag hadden ze staatssecretaris Cohen (Justitie) nog even gesproken in Den Haag bij de opening van een nieuw gebouw voor de vreemdelingenpolitie. Moussa: ,,Ik ga mijn best doen voor jullie, zei hij tegen ons. Maar ja dat had hij wel vaker gezegd.'' Een dag later kregen ze een brief van de staatssecretaris waarin de `eenmalige regeling' werd samengevat. De blijde stemming sloeg om in onvrede en onzekerheid.

Witte illegalen hoeven weliswaar niet langer aan te tonen dat ze zes jaar lang 200 dagen per jaar in Nederland hebben gewerkt om in aanmerking te komen voor een verblijfsvergunning, maar ze moeten wel aan een aantal andere criteria voldoen. Ze moeten vanaf 1992 onafgebroken in Nederland hebben gewoond, mogen in die periode niet het land uit zijn gezet, mogen geen gebruik hebben gemaakt van valse documenten en mogen geen criminele antecedenten hebben.

Zeki Coban heeft de brief van Cohen voor zich op tafel liggen. ,,Iemand die is uitgezet mag niet blijven. Maar uitgezet waarom? Omdat hij tomaten plukte, in het koffiehuis zat of omdat hij crimineel was? Dat is toch een verschil? Wij willen zeker weten dat we mogen blijven. Anders kunnen we toch niet blij zijn?''

Moussa zit een beetje versuft aan wat pinda's te knabbelen. ,,Hoelang ik in Nederland ben?'' Hij zucht. ,,Een jaar of dertien. Ik heb altijd gewerkt. Het zijn mooie woorden van meneer Cohen, maar wat is de praktijk?'' Of Moussa nu een kans maakt om te blijven weet hij niet. ,,Ze vragen om een geldig paspoort. Maar mijn paspoort ligt bij de politie. Moet ik dat nu gaan opvragen? We gaan in elk geval door met actie voeren totdat we allemaal mogen blijven. We zijn hier met zijn allen mee begonnen.''

De strijd voor de legalisering van de witte illegalen kent een lange geschiedenis. Eind jaren tachtig ontstond een schimmig beleid ten aanzien van immigranten die geen vaste verblijfsvergunning hadden maar wel in het bezit waren van een sofinummer en dus belasting betaalden en premies afdroegen. Kregen deze witte illegalen nou een status ja of nee?

De Immigatie- en Naturalisatiedienst (IND) bekeek samen met het Nederlands Centrum Buitenlanders enkele dossiers en er werd een aantal verblijfsvergunningen verstrekt. Vervolgens startten veel witte illegalen een procedure bij de rechter om ook een status te krijgen. De criteria waren een paar jaar later zo ondoorzichtig geworden, dat de Raad van State het ministerie van Justitie sommeerde het beleid maar eens op papier te zetten. Het was toen 1994 en het beleid kreeg de naam `witte illegalenregeling'. Wie minimaal zes jaar achtereen wit had gewerkt kreeg een verblijfsvergunning.

Toch bleven er problemen bestaan. Lang niet alle witte illegalen hadden zes jaar aan een stuk door minimaal 200 dagen per jaar gewerkt. En een heleboel liepen tegen verschillende zogeheten contra-indicaties aan: bezwaarlijke punten in een dossier, die voor een rechter aanleiding zijn om een beroep ongegrond te verklaren.

Fout was: valse informatie over naam of werkplek, valse papieren, een crimineel verleden, of in een eerder stadium gesommeerd te vertrekken.

Zo bleef er een groep bestaan die buiten de regeling viel. Ze bleven echter in Nederland. Dat kon ook zonder grote problemen, omdat ze niet van uitkeringen en voorzieningen waren uitgesloten. Tot juli vorig jaar, toen de Koppelingswet in werking trad. Die wet is bedoeld om illegalen in Nederland het leven zuur te maken: geen uitkering, geen ziektekostenverzekering, geen school voor minderjarige kinderen en al helemaal geen mogelijkheden om te werken.

Massale protesten volgden. Hongerstaking in de Haagse Agneskerk, in het gebouw voor Turkse vrouwen in Amsterdam en bij het Komité Marokkaanse Arbeiders in de hoofdstad. De witte illegalen en hun medestanders eisten dat de witte illegalenregeling veel ruimer zou worden toegepast.

De hongerstaking in de Agneskerk kon staatssecretaris Cohen bezweren door te beloven de dossiers nog eens te bekijken. Maar de uitkomst van deze exercitie stelde hen diep teleur. Want slechts een klein aantal, 13 van de 132, kreeg alsnog een verblijfsvergunning. Verder wilde Cohen niet gaan, bang om precedenten te scheppen.

De protesten en hongerstakingen hielden dan ook aan. Op aandrang van burgemeester Patijn van Amsterdam liet Cohen uiteindelijk een commissie van burgemeesters naar een oplossing zoeken voor de kwestie. De regeling die daaruit rolde werd gisteren door het kabinet geaccordeerd en door een meerderheid van de Tweede Kamer met instemming begroet.

D66 en PvdA willen echter dat Cohen nu ook iets doet voor `witte illegalen' die Nederland wel hebben moeten verlaten. Volgens D66 zou een verzoek van de Turkse kleermaker Gümüs, die twee jaar geleden onder veel protest wel werd uitgezet, door Cohen welwillend moeten worden behandeld.

De witte illegalen zijn allerminst tevreden met het `beperkt pardon'. De actiegroep Geen Mens is Illegaal noemt de nieuwe regeling ,,rampzalig voor de witte illegalen in Nederland''. Bastiaan van Perlo van het comité verwacht dat 70 tot 90 procent van de naar schatting 1.000 tot 2.000 illegalen niet voor een verblijfsvergunning in aanmerking zullen komen.

De lobbyïsten van de witte illegalen zien eigenlijk nog steeds maar een oplossing: een generaal pardon. Zoals in Spanje en Italië is afgekondigd, waar in een klap honderdduizenden illegalen een verblijfsvergunning kregen. Zolang die niet in zicht is blijven ze strijdlustig. Gerda Later, advocaat van een aantal illegalen uit de Haagse Agneskerk: ,,Ik ga absoluut door. Ik ga er desnoods mee naar het Europese Hof voor de Rechten van de Mens in Straatsburg omdat ik vind dat mijn cliënten absoluut recht hebben op een verblijfsvergunning.''