Lazarus, kom naar buiten

Maarten 't Hart hervat zijn maandelijkse column over de bijbel.

De kleurenbijlage die wij in juni j.l. bij deze krant ontvingen bevatte een artikel over dominee Wies Houweling. Zij preekte over de opstanding van Lazarus. Arjen Schreuder schreef: ,,Zij verklaart het verhaal niet als een symbolische, literaire gebeurtenis, zoals de laatste decennia gebruikelijk is.'' Nee, zegt Wies Houweling, het gaat hier niet om een depressieve man die zich van de wereld had afgezonderd en als het ware door Jezus uit de dood werd verlost. Ook was Lazarus niet schijndood. Jezus heeft echt een dode man tot leven gewekt. Niet om een trucje uit te halen, maar om zijn verbondenheid met de lijdende mens te tonen. ,,Zelfs de doden reikt hij de hand'', preekt Wies Houweling, ,,Jezus is naast ieder gaan staan.''

Je vraagt je af: hebben al die kerkgangers in Amsterdam-Zuid dit zomaar geslikt? Zijn ze gesticht naar huis gegaan en hebben ze bij de koffie tegen elkaar gezegd: `Lazarus is echt uit de doden opgewekt.' Of heeft één van hen misschien toch tijdens of na de dienst de wenkbrauwen gefronst?

Om te beginnen is het al eigenaardig dat het verhaal van de opwekking van Lazarus alleen te vinden is in het Johannes-evangelie (Joh. 11:1-44). Heeft Jezus echt zo'n superwonder gedaan, dan moet dat op de discipelen en Lazarus' zussen enorm veel indruk hebben gemaakt. Bovendien wordt er in het Johannes-evangelie een paar maal gewag gemaakt van `velen uit de Joden die tot Martha en Maria waren gekomen om hen te troosten'. Die hebben het wonder dus ook van nabij meegemaakt. Nog wekenlang zou er ook door hen over zijn nagepraat. Ondenkbaar dat zulks dan niet in één van de andere drie evangeliën terecht zou zijn gekomen. Toch weten Mattheus, Markus en Lucas niet van Lazarus af. Zij zwijgen over zijn opwekking. Het meest spectaculaire wonder in Jezus' leven wordt niet vermeld door drie van de vier evangelisten. De enige die het verhaal wel optekent is uitgerekend de meest onbetrouwbare van de vier. Alle reden om aan te nemen dat deze evangelist het hele verhaal uit z'n blijde-boodschap-duim heeft gezogen.

Waar gebeurd

Kuitert zegt in zijn boek over Jezus naar aanleiding van de opwekking uit de doden van de jongeling van Naïn: ,,Met `waar gebeurd' heeft dat verhaal niets te maken, de wereld zou te klein geweest zijn, als het echt gebeurd was. Jezus' roem zou hem vooruit zijn gesneld, hij zou tot ver buiten de grenzen zijn vereerd en aanbeden als wonderdoener en nooit gekruisigd zijn. Niet echt gebeurd dus, evenmin als de opwekking van Lazarus.''

Een heel terechte opmerking. Als Jezus inderdaad een man uit de doden zou hebben opgewekt die al vier dagen in de grafspelonk lag (en denk eens aan de staat van het lijk in zo'n warm land na vier dagen!) zou de wereld te klein zijn geweest. Het verhaal zou niet alleen in alle vier evangeliën prijken, maar ook daarbuiten zijn opgetekend.

Wat het nogal omslachtig door Johannes vertelde verhaal ook zo ongeloofwaardig maakt is de hoogdravende taal die hij Jezus herhaaldelijk in de mond legt. Als de zusters hem berichten: `Here, zie dien Gij liefhebt, is ziek', zegt Jezus: `Deze ziekte is niet ten dode, maar ter ere Gods opdat de Zoon van God erdoor verheerlijkt worde.' Wat een opgeblazen, dikdoenerige reactie! En wat merkwaardig toch om ziekte te gebruiken om iemand te verheerlijken. Moet het echt via zo'n akelig omweg? De zieke zal zelf toch weinig plezier beleven aan andermans verheerlijking.

Als Jezus uiteindelijk bij de grafspelonk staat, en de steen wordt weggenomen, bidt hij: `Vader, ik dank u, dat Gij mij verhoord hebt. Zelf wist ik dat Gij mij altijd verhoort, maar ter wille van de schare, die rondom mij staat, heb ik gesproken opdat zij geloven, dat Gij mij gezonden hebt.' Weer diezelfde patserige praatjes. Goddank leggen de drie andere evangelisten Jezus nergens zulke gezwollen taal in de mond. Sta je aan het graf van iemand die je zo dadelijk uit de doden zult opwekken, begin je eerst nog even breed te zalven en jezelf op de borst te slaan. Wat is de Jezus uit het Johannes-evangelie toch een naarling!

De merkwaardigste tekst die de evangelist Jezus in het kader van dit verhaal in de mond legt vinden we in Johannes 11 vers 26. Daar laat hij Jezus zeggen: `Ik ben de opstanding en het leven, wie in mij gelooft zal leven ook al is hij gestorven, en een ieder die leeft en in mij gelooft, zal in eeuwigheid niet sterven.' In ieder die in mij gelooft zal in eeuwigheid niet sterven? Niemand heeft dus toendertijd in hem geloofd. Thans ontbreken in Israël tweeduizend jaar oude grijsaards die hem nog hebben meegemaakt.

Bliksemflits

Maar nu de hamvraag. Toon je je verbondenheid met de lijdende mens door iemand uit de doden op te wekken? Voorafgaande aan een televisie-interview met Kuitert, zat ik met hem te praten. Wij kwamen ook te spreken over Lazarus. Opeens zei hij: `Dat zal de Here God een mens toch niet aandoen, dat hij twee keer moet sterven.' Die opmerking sloeg bij me in als een bliksemflits. Nooit had ik mij gerealiseerd dat de drie mensen - het dochtertje van Jaïrus, de jongeling te Naïn, Lazarus - die volgens de evangeliën uit de doden werden opgewekt, gedoemd waren om nogmaals te sterven. Twee keer doodgaan, in plaats van één keer. Natuurlijk, het heeft ook een aantrekkelijke kant. Ben je al een keer doodgegaan, dan weet je de tweede keer tenminste wat je te wachten staat.

Op z'n minst hadden dat dochtertje, die jongeling en Lazarus indertijd kunnen vertellen hoe je doodgaan ervaart. Beter was nog geweest als ze daarover een opstel hadden geschreven. Een unieke ervaring was hun deel waar de gehele mensheid van geprofiteerd zou hebben als zij mondeling of schriftelijk ook maar een tipje van de sluier hadden opgelicht. Maar nee, niets hebben ze ons nagelaten over hun eerste verscheiden. We weten dus ook niet of ze er wel blij mee waren weer tot leven te zijn gewekt. In het geval van Lazarus, die volgens het bijbelverhaal ernstig ziek was, zal de dood als een verlossing zijn gekomen. Misschien hunkerde hij naar euthanasie. En wat gebeurt er? Hij wordt weer uit de doden opgewekt! Moet mettertijd nogmaals die lijdensweg doormaken van ziekte en doodgaan! Toon je je verbondenheid met de lijdende mensheid door iemand dat twee keer aan te doen?

Hoogst merkwaardig is de slottekst van het lange verhaal over Lazarus. Nadat Jezus hoogdravend heeft gebeden, beveelt hij: `Lazarus, kom naar buiten.' En dan staat er: `De gestorvene kwam naar buiten, de voeten en handen gebonden met grafdoeken, en er was een zweetdoek om zijn gelaat gebonden.' Hoe, vraagt de nuchtere lezer zich af, is deze gebonden Lazarus naar buiten gekomen? Kruipend? Zelfs dat is knap lastig als je handen en voeten gebonden zijn. Of kronkelend als een soort slang? Dat hij stevig gebonden was, wordt ook nog eens benadrukt in de volgende regel. Jezus zeide tot hen: `Maakt hem los en laat hem heengaan.'

Een man is ernstig ziek geweest, sterft, wordt vervolgens begraven, ligt vier dagen te ontbinden, maar weet desondanks met handen en voeten die zo stevig zijn vastgebonden dat anderen ze moeten losmaken uit z'n graf te kronkelen of kruipen. Het allergrootste wonder is dat er nog steeds Christenen zijn die dit soort totaal absurde verhalen geloven.