De geluiden

Max en Vera hoorden vreemde geluiden. Dit gebeurde altijd als ze binnen speelden. Ze woonden in een groot, leeg huis dat overal kraakte en piepte. Vooral als het buiten regende. En dat deed het vandaag nog niet eens. Het was alleen maar koud. De geluiden kwamen van boven.

Het waren er twee.

Twee geluiden.

Max hoorde het eerste geluid. Het klonk als een snurkende man die rondjes liep, alleen waren er geen voetstappen bij. Het geluid draaide rond, heel vreemd. Max nam Vera mee naar de gang om het haar te laten horen. Onderaan de trap hoorde je het het beste.

,,Eng geluid hè,'' fluisterde Max.

,,Spannend juist,'' fluisterde Vera.

Max wilde terug naar de kamer waar ze aan het spelen waren, maar Vera hield hem aan zijn arm vast. ,,Ssstt,'' deed ze.

Max luisterde naar het geluid boven. Het ging duidelijk rond. Misschien dat het niet echt snurken was, maar meer een soort grommen. Of het geluid van een beer die aan het slaapwandelen was. Dat konden beren.

Vera kneep hem in zijn arm.

Max wilde `auw' roepen, maar dat durfde hij niet. Misschien moest hij zijn Batmanpak aantrekken. Dat hielp wel eens. Dan moest je wel dapper zijn en dingen durven.

Maar Vera had het tweede geluid gehoord. Het was een zacht, maar heel scherp suizen. Het snerpte zelfs een beetje. Het kwam ook van boven, maar niet van dezelfde plaats als het ronddraaiende gesnurk. Het bewoog niet, het zat meer links - in de buurt van de schoorsteen.

,,Maanmannetjes,'' lispelde Vera voorzichtig.

Max zag dat ze kippevel op haar armen had gekregen. Nu werd het écht tijd voor zijn Batmanpak. Hij wilde dit net tegen Vera zeggen toen hij zich een hoedje schrok.

En zij ook.

Er klonk een harde bons. Niet boven hen gelukkig, maar buiten. Ze holden naar het raam, en zagen dat het heel hard was gaan waaien. Uit de boom in de tuin was een grote tak gevallen. Hij was bovenop de vuilnisemmer gekomen, en die was omgevallen. In de verte dreven grote, donkere wolken die hun kant op kwamen.

,,Het gaat stormen,'' mompelde Max, ,,ik doe mijn Batmanpak aan.''

Vera knikte. Zij had geen Batmanpak, maar wel een groot zwaard dat vroeger van een echte ridder was geweest. Als ze een oude sjaal van haar grote zus omdeed, zag ze er heel gevaarlijk uit.

Even later stonden ze onderaan de trap. Ze waren er helemaal klaar voor. Max had zijn pak aan, Vera hield haar zwaard vast. De geluiden klonken nu luid en duidelijk. Buiten was er ook nog eens de wind.

Vera was de eerste die de trap op ging. Het was vreemd, maar eigenlijk was zij nooit echt bang. Max volgde. Hij deed zijn best om zo stil mogelijk te zijn. Hij hoopte maar dat het geen beer zou zijn op zolder. Hij had liever een maanmannetje.

Ze kwamen op de overloop.

De trap die naar zolder ging was een ladder, maar als je goed uitkeek kon je er met z'n tweeën naast elkaar op naar boven klimmen. Het snurken, de rondjes, het snerpen - het was ineens een stuk dichterbij.

Max en Vera keken elkaar aan.

Ze moesten nu doorzetten.

Ze haalden diep adem, tegelijk.

En daar gingen ze, de ladder op. Met iedere sport, werd het spannender. Max voelde Vera's hart bonzen, en Vera rook de warme adem van Max. Het leek wel alsof ze niet met z'n tweeën waren, maar samen één iemand vormden. Toen waren ze bijna bij het luik dat openstond. Ze konden nu alleen nog maar de geluiden horen. Toen waren ze er, en staken ze hun hoofden de zolder op. Daar werden ze opgewacht door een spook!

    • Martin Bril