Chaos van krakend hout en vallende zeilen

Het was vakantie. Toeristen zwermden uit, campings zaten vol. Onze correspondenten hadden deze zomer een hotelkamer geboekt met uitzicht op de geschiedenis. Vandaag het laatste verhaal: Dungeness, 1652.

De domste vis van de dag is een makreel. Hij heeft te dicht onder de kust gezwommen en is door een golf op het kiezelstrand van Dungeness geslagen, waar hij nu zilverig ligt te rillen naast een plastic sandaal. De makreel mag de zee weer in – plons! – een paar schubben armer, een ervaring rijker. Niemand die hem gelooft, ginds.

De lekkerste vis van de dag is een rog, in knapperig beslag tussen een stapel frieten met citroen. De zee waaruit hij net is opgevist is dezelfde, lui en grijs onder een grijze lucht achter het zoutbeslagen raam van `The Pilot', de pub die de beste fish & chips tussen Dover en Land's End verkoopt.

Een wandeling bij Dungeness, een driehoekige kaap van grind aan de Engelse zuidkust, leidt er als vanzelf heen. Van de zoemende kerncentrale langs de vissersbootjes die met kabels de steile grindwal zijn opgetrokken, over de spoorwegovergang waar 's zomers een miniatuur-stoomtreintje voorbij komt, onder het uithangbord dat in de wind hangt te knersen, een klapdeur door, naar een tafeltje achter zoutbeslagen glas.

The Pilot heet naar de loodsen die vanaf dit punt schepen tegemoet voeren zodra ze aan de westelijke horizon verschenen, op weg naar Londen. Pilot is van oorsprong het Nederlandse peillood, het nuttigste scheepsinstrument tussen de schuivende zanden van het Kanaal, en een van de tientallen Nederlandse woorden uit de zeetaal die geleidelijk in het Engels zijn doorgesijpeld. Maar op de zee zelf is de aanraking onzachter geweest.

Hier, op een paar mijl uit de kust, woedde in 1652 de eerste zeeslag van wat in Nederland sindsdien de Engelse Oorlogen heet en aan Britse kant een tikje subtieler de Anglo-Dutch wars. Er waren er in totaal drie waarvan de laatste in 1674 eindigde. De tweede is in beide landen de bekendste, om het huzarenstukje van Michiel de Ruyter. Diens schepen voeren in 1667 bij Chatham de beroemde ketting door en verwoestten de schepen die erachter voor anker lagen.

Als Nederlanders deze episode nog onthouden is het aan de hand van incidenten: de Tocht naar Chatham, de Slag bij Kijkduin plus een paar minder fortuinlijke zoals de Driedaagse Zeeslag. In het Engelse collectieve bewustzijn hebben de `Anglo-Dutch wars' ook geen diepe voren getrokken. De schermutselingen met de overburen vallen weg tegen de bloedige binnenlandse woelingen onder Cromwell.

,,Wij met jullie in oorlog?'', lacht Chris Shore, die sinds 1965 op de grindvlakte van Dungeness woont in een huisje dat sindsdien organisch is gegroeid. Zijn vriendin maakt broches van stukjes wrakhout. Hijzelf fotografeert en is een wandelende encyclopedie over Dungeness en omstreken. Hij wijst landinwaarts. ,,Zie je die dijk? Die is door Nederlanders aangelegd toen deze kust nog uit moerassen bestond. Dat wist ik wel. Maar oorlog? Zo zie je, ik leer hier elke dag iets nieuws.''

Cromwells Engeland en het stadhouderloze Nederland van raadpensionaris Johan de Witt, de enige twee republieken van Europa, verschilden politiek niet zo veel. Maar commercieel gunden ze elkaar het licht in de ogen niet.

Oorlog ís een groot woord – loopgraven, landjepik en ethnische zuiveringen kwamen er niet aan te pas – maar als iemand heeft gewonen, waren het toch de Engelsen. Het startschot, een wet die Engelse schepen een quasi-monopolie in eigen wateren verleende, betekende een rampje voor Nederland-distributieland, tot dan toe draaischijf voor Engelse wol, Franse wijn en Nederlandse vis. Het slotakkoord, de Tweede Vrede van Westminster (1674), erkende het principe `vrij goed, vrij schip', zoals Den Haag eiste, maar daarvan profiteerden de Engelsen vervolgens het meest.

De lucht blijft grijs achter het raam van The Pilot. Geen ander decor dan op het middaguur van 30 november 1652. Uit het oosten, van Dover, komt de Britse `generaal-ter-zee' Blake met ruim veertig schepen voor de wind aanzeilen. Parallel, een stukje verder uit de kust, nadert een twee keer zo groot flottielje onder bevel van Maarten Harpertszoon Tromp. Blake heeft pech dat de kaap zover in zee steekt. Zijn eskader moet oploeven en raakt klassiek klem tussen het aanbeeld Dungeness en de hamer van Tromps vloot.

Op een latere gravure is de slag nogal ordelijk afgebeeld, een ballet van schepen, een parade op zee met statische wolken rook. In werkelijkheid moet er chaos geheerst hebben tussen krakend hout, vallende zeilen en de kruitdamp die echte coördinatie onmogelijk maakte. Uren later, als het donker is, wordt de zee nog verlicht door brandende rompen. Hoeveel doden er vielen is onbekend.

Blake, die belangrijke schepen verloor en maar net zelf ontsnapte, schrijft dat er na de slag niet alleen grote schade was maar ook ,,much baseness of spirit''. Hij klaagt over de onbetrouwbare kapiteins van de koopvaardijschepen die voor deze gelegenheid aan zijn vloot waren toegevoegd, maar die het gevecht ontweken, iets wat ook Tromp in zijn gelederen had gezien. Blake biedt zelfs zijn ontslag aan. Dat laatste schijnt de Engelse admiraliteit ervan overtuigd te hebben dat het zin had flink in de zeemacht te investeren. Zeker is in elk geval dat de Engelse vloot die Tromp een jaar later zal treffen bij Ter Heide te sterk is. Tromp, die ook in Engeland bekend staat als de beste oorlogskapitein van de Noordzee, sneuvelt er.

,,Numerous wrecks'', zegt de zeekaart. ,,Klopt'', zegt Paul, die viskratjes stapelt op het strand. ,,Het ligt hier vol wrakken. Schepen van hout en van ijzer, en vliegtuigwrakken uit de Tweede Wereldoorlog.'' `Eat, sleep, fish', vat zijn T-shirt het leven op de kaap bondig samen. Van de Slag bij Dungeness heeft ook hij niet gehoord.

Voor het raam van The Pilot vaart een zeiljacht door de stroom, de naam op de spiegel te klein om te lezen, maar de rood-wit-blauwe vlag erboven laat geen twijfel over de nationaliteit. Op de oostelijke horizon verschijnt het onmiskenbaar militaire silhouet van een Britse patrouilleboot, die de haven van Dover verlaat. Ze zullen elkaar vandaag niet kruisen.