Asieldienst kan groeiend aantal Azeri niet aan

Het aantal asielzoekers uit Azerbajdzjan stijgt zo snel dat de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) de toestroom niet kan bijbenen. Door een groot gebrek aan tolken slaagt de IND er nauwelijks in de asielaanvragen van Azeri al tijdens de aanmeldprocedure als `ongegrond' af te doen. Hierdoor komen vrijwel alle Azeri terecht in de asielprocedure.

Dit blijkt uit gesprekken met medewerkers van de IND, naar aanleiding van het zeer sterk stijgende aantal asielzoekers uit Azerbajdzjan in de laatste anderhalf jaar. In 1997 kwamen 315 Azeri naar Nederland, vorig jaar waren dat er ruim vier keer zoveel: 1.268. In de eerste vijf maanden van dit jaar arriveerden 760 asielzoekers uit Azerbajdzjan, tegen 187 in dezelfde periode vorig jaar.

De toename van het aantal asielzoekers wordt ,,vermoedelijk veroorzaakt door goed georganiseerde mensensmokkelaars'', stelt M. van Elzakker, IND-teamcoördinator in Rijsbergen. ,,De Azeri komen via de Oekraïne. En er zijn verhalen dat op de markt in Baku, de hoofdstad van Azerbajdzjan, reizen naar Nederland worden aangeboden.''

De immigratiedienst heeft informatie uit de gesprekken van de Azeri doorgespeeld aan de dienst mensensmokkel van de CRI (Centrale Recherche Informatie). De CRI bevestigt bezig te zijn met een onderzoek naar mensensmokkel vanuit Azerbajdzjan naar Nederland.

Om het gebrek aan tolken enigszins het hoofd te bieden worden alle Azeri sinds half juli dit jaar voor hun intakegesprek naar het aanmeldcentrum in Rijsbergen gestuurd om te voorkomen dat tolken tussen centra heen en weer moeten reizen. Uit zeer recente cijfers van het centrum in Rijsbergen blijkt dat zich daar van half juni tot 24 augustus 450 Azeri meldden. Van hen werden 426 (ruim 94 procent) toegelaten tot de asielprocedure. Slechts 70 van de 450 waren voor een tweede keer gehoord. ,,Als wij meer tolken zouden hebben en dus meer mensen zouden kunnen horen, zou een hoger percentage aanvragen direct ongegrond worden verklaard'', zegt Van Elzakker.

Volgens de asielzoekers uit Azerbajdzjan worden zij in eigen land gediscrimineerd, omdat zij van etnisch-Armeense afkomst zijn of omdat hun partner etnisch-Armeens is. Azerbajdzjan en Armenië voerden van 1988 tot 1994 oorlog om de enclave Nagorny Karabach. Dit in Azerbajdzjan gelegen gebied wordt bevolkt door etnische Armeniërs. Armeense troepen hebben sindsdien de enclave in handen. Etnische Armeniërs buiten de enclave kunnen zich in Azerbajdzjan ,,niet of nauwelijks handhaven'', aldus een ambtsbericht van Buitenlandse Zaken.