Sociale partners zijn het eens over verloop lonen

Werkgevers en werknemers zijn het gisteren op de Veluwe eens geworden over een `verantwoorde loonkostenontwikkeling voor allen'. Beide partijen claimen een overwinning.

Het poldermodel is weer gered: de sociale partners zijn het eens over een tekst waarmee zowel werknemers als hun bazen worden opgeroepen zich te matigen. Althans, tot het nastreven van een `verantwoorde loonkostenontwikkeling'. Niet alleen zijn de twee partijen het eens over de tekst, allebei vinden ook dat ze als overwinnaar uit het dispuut over de verschillen tussen de loonstijgingen van werkgevers en werknemers zijn gekomen. Over poldermodel gesproken.

,,Een doorbraak'', jubelen ze het bij de werknemerscentrale FNV dat voor het eerst afspraken zijn gemaakt over de loonstijgingen van álle werknemers, dus ook directeuren, topmanagers oftewel de werkgevers. FNV-bestuurder H. van der Kolk ziet een psychologisch effect: ,,Over loonsverhogingen voor de topmanagers moet nu in ieder geval goed worden nagedacht.''

,,Wij hebben onze zin gekregen'', meent ook werkgeversvereniging VNO-NCW. De tekst die ze hebben geproduceerd voegt volgens hen niets toe aan al bestaande afspraken. Hooguit zijn die volgens de werkgevers wat verder uitgewerkt.

De tekst waar werkgevers en werknemers het over hebben maakt deel uit van de zogenoemde Agenda 2002. Daarin worden alle afspraken van de sociale partners vastgelegd, bijvoorbeeld over hoe om te gaan met arbeid en zorg. Wat de werknemers betrof kon die Agenda in de prullenbak als niet eerst overeenstemming werd bereikt over hoofdstuk 3, waarin afspraken staan over de loonontwikkeling. FNV-voorzitter De Waal dreigde zelfs met beëindiging van het polderoverleg met `die kleptocraten', de werkgevers.

De aanleiding voor de werknemers om de hakken in het zand te zetten was de door de werkgevers betwiste vaststelling dat de lonen van werknemers veel minder stijgen dan die van de werkgevers. De vakbeweging liet daarop weten dat ze misschien hun leden niet meer in de hand zouden kunnen houden. Aan werknemers was immers niet uit te leggen dat zij zich wél houden aan de loonmatigingsafspraak, een van de pijlers onder het poldermodel, en de werkgevers niet.

Nu zijn werkgevers en werknemers het eens geworden over de volgende zinssnede: `verantwoorde loonkostenontwikkeling geldt voor allen in de onderneming'. Oorspronkelijk stond `voor allen' er niet bij en de FNV maakt uit de toevoeging op dat nu ook werkgevers expliciet worden opgeroepen de lonen te matigen. VNO-NCW daarentegen meent dat `allen' altijd al werden opgeroepen tot verantwoorde loonkostenontwikkeling, maar dan impliciet.

Met grote verschillen tussen de lonen en loonstijgingen van werknemers en werkgevers is, blijkens de tekst die geldt als een `richtinggevend advies' aan de CAO-onderhandelaars, niet afgerekend. Het salaris van bijvoorbeeld een bankdirecteur kan met tientallen procenten meer stijgen dan dat van de baliemedewerkster, zolang deze ongelijkheid maar goed gemotiveerd kan worden.

Verder neemt het aantal afspraken over prestatiebeloning toe, waardoor het lastiger wordt voor een werknemer om hetzelfde te eisen als zijn werkgever. Tenslotte is van belang dat de afspraken over lonen en alles wat daarbij hoort per sector of per bedrijf worden gemaakt. Het is daarmee zoals altijd afhankelijk van de kwaliteiten van de onderhandelaars of dat wat nu centraal is afgeproken ook decentraal wordt uitgevoerd. Vandaar dat een woordvoerster van de FNV ook zegt: ,,Wij blijven opletten, want vanzelf gaat het niet.''