Magazijn der Gebraden Duiven

Een tweedehands colbert uit de jaren zeventig? State of the art foto- en videocamera's? Computers? Radiografisch bestuurde autootjes? Er is maar één antwoord voor wie dit zoekt en nog wat geld wil overhouden: koopparadijs New York

Een waarschuwing. In New York krijg je weinig voor niets, maar koop je veel voor minder. Dat heeft twee oorzaken: iedereen wil geld verdienen maar door de scherpe concurrentie is er altijd iemand die het je voor nog minder wil verkopen; en de omzetbelasting is er lager dan de btw in Nederland. Daarbij komt dat de verscheidenheid van het aanbod groter is.

De ontdekking van deze veelheid stimuleert het begeren. Voor de meeste bezoekers is de tijd schaars, want het hoteldak boven je hoofd gaat steeds meer kosten. Groot en goedkoop aanbod bij gebrek aan tijd kan tot paniek leiden, tot koopstress en spijt. Die worden voorkomen en bestreden door het treffen van goede voorbereidingen. Dit stukje kan daartoe een bijdrage zijn.

Omdat winkelen en kopen persoonlijke bezigheden zijn kan ik niet anders dan over mijn eigen ervaringen vertellen. Nederlandse fabrikanten van jasjes (`colberts') stoppen te veel vulling in de schouders. Jasjes met een snit van de jasjes die James Steward droeg zijn in Nederland nergens onder de 500 gulden te koop, als je ze al kunt vinden – en lichtgewicht, `lightweight', helemaal niet. Ga naar de Star Struck Vintage Clothing op Greenwich Avenue of in Bleeker Street. Daar hangen rekken vol in alle maten en dessins. Als nieuw. Het prijskaartje hangt aan de mouw. In de uitverkoop die ze daar ook hebben, kosten ze 25 dollar, en in het seizoen hoogstens 40 of 50. Je bekijkt jezelf in de spiegel: eindelijk met een jasje met contouren waarin je je thuis voelt. Zelfs seer sucker jasjes, wit en licht grijs gestreept, zoals ze nog door oudere, ouderwetse Amerikanen worden gedragen. En ook pakken. Er is nog zo'n winkel – er zullen er trouwens nog meer zijn – op Union Square en Broadway, veel groter, met meer keus en dezelfde prijzen. Maar ik heb liever die op Greenwich Avenue.

Film- en fotocamera's, geluidsapparatuur, alles wat met elektronica te maken heeft is er goedkoper dan in de belastingsvrije winkels op de luchthavens toen die nog niet door de EG waren gesloten. Iedere vijf jaar bestudeer ik de advertenties (zie hieronder), koop ik een nieuwe camera met meer functies en van het verschil tussen Europa en Amerika ga ik drie keer lekker eten in de Sazerac House op de hoek van Hudson Street en Charles Street in de West Village. Ik heb er verder geen verstand van, maar kenners verzekeren me dat ze door kundig kopen de helft van de reis eruit halen. Met computers is het anders. Die zijn ook veel goedkoper maar ze zijn ingericht op Amerikaans gebruik. Een printer kan aan bijna alles worden gekoppeld. Maar ook voor wie niets wil kopen is bezichtiging van het aanbod de moeite waard. Ga naar J.&R. Computer World, Park Row, al is het alleen maar om vast te stellen hoe de Staat der Nederlanden met zijn btw het computergebruik hindert.

Hebt u kinderen of kleinkinderen die hun zinnen hebben gezet op een radiografisch bestuurd race- of terreinautootje, ga dan eens kijken in een winkel van de Radio Shack. Door ervaring wijs geworden ben ik geen voorstander van dat soort speelgoed, maar over kinderwensen hebben grote mensen niets te zeggen. De vervaarlijkste karretjes met het klimvermogen van een aap en de snelheid van een jachtluipaard, voor minder dan de helft.

Ieder mens is geboren met een zwak voor een bepaald ding, product, maaksel, een koekje, soort gebakken vis, geconfijte vrucht, das of petje, en wat er verder te verzinnen valt. Er zijn mensen die dat niet eens van zichzelf weten. Ga dan naar New York, Manhattan, en vroeg of laat komt de bewustwording. Bijvoorbeeld op het gebied van lekkernijen: Balducci's aan de zesde Avenue, oostzijde vlakbij de 12de straat. Ik kijk alleen in de etalage en denk: het Magazijn der Gebraden Duiven. Schuin aan de overkant staat boven een etalage RUSSIAN ART. Veel kunst is er niet, op een paar grote portretten van Stalin na, en kleine bustes van communistische denkers en voortrekkers. Wel veel loden soldaatjes, ordetekenen van het Rode Leger en allerhande snuisterijen uit het arbeidersparadijs.

Dan weer schuin daartegenover, dus uptown aan de oostzijde is een kantoorboekhandel. Alweer jaren is er een kantoorbehoeftenconcern, Staples, met vestigingen overal in de stad, die alles hebben, ook het ondenkbare op kantoorgebied. Ik wil er weleens ronddwalen en paf staan. Maar de charme, de geuren en de ouderwetse lagereschoolintimiteit van de echte kantoorboekhandel hebben ze niet. In Amsterdam weet ik er nog één, bijna op de hoek van de Overtoom en de Bilderdijkstraat. In Manhattan zijn ze nog bij tientallen. Deze winkel aan de zesde Avenue is er een voorbeeld van. Ook al heb je niets nodig, je gaat de deur uit met een paar verleidelijke papierklemmetjes van een kwartje per stuk, of een onweerstaanbaar opschrijfboekje.

Amerika, Manhattan, de bakermat van de grote magazijnen, de department stores. Iedereen gaat naar Macy's of Bloomingdale's. Als u daar blijft rondlopen, mist u de kleine winkels, die stapelplaatsen van het weinig gevraagde en het incourante. Bent u liefhebber, loop dan eens een hardware store binnen, een gewone gereedschapswinkel waarvan het inwendige verdeeld is in spelonken met hoge kasten, laatjes vol bouten en moeren, alle soorten lijm, baco's, schaafjes, boren en bouten. Ik weet er een, om op de zesde Avenue te blijven, tussen de 23ste en de 24ste straat aan de westkant. Wordt gedreven door een paar Russen.

Lopend erheen komt u ter hoogte van Barnes & Noble – volgens mij een van de beste nederzettingen van deze boekhandelketen – langs kraampjes met ook weer van alles en nog wat, waaronder lang niet het slechtste. Zo heb ik er onlangs twee dassen gekocht, voor een dollar per stuk. De ene heeft een beschaafd stippeltjesdessin en de andere is geborduurd met kleine varkentjes. Nergens anders ter wereld zijn dassen met kleine varkentjes te koop.

Nog één wenk. Alweer aan de andere kant van de straat is een parkeerterrein. Op zondag wordt daar rommelmarkt gehouden. Op deze hoogte zijn in de 24ste en de 25ste straat allerlei antiekhandels gevestigd. Onwaarschijnlijk rijk aanbod; daar is alles mee gezegd.

Tot slot nog een goede raad. Wie op zoek is naar bijzondere artikelen, doet er goed aan de advertenties te lezen in de New York Times en in de twee gratis weekbladen, de New York Press en de Village Voice. Verder is er de gele gids van het telefoonboek, waarin bijvoorbeeld de boekhandels naar specialisme gerubriceerd staan. Ga niet teveel met taxi's hoewel ze verhoudingsgewijs goedkoop zijn. Koop een kaart van de subway en de busroutes, of vraag er een aan een stationsloket. Schaft u zich dan meteen een Metro Gold Card aan, nadat u zich ervan op de hoogte hebt gesteld wat voor u de beste is, een weekkaart bijvoorbeeld. Een goede planning scheelt handenvol dollars, en veel tijd.

Ten slotte, blijf niet hangen in Midtown. Loop langs de Avenues, van de eerste tot de negende, en ontdek! Alles!