Korthals wil geen wet tegen `stalking'

Minister Korthals (Justitie) deelt het standpunt van zijn voorganger Sorgdrager dat het strafbaar stellen van belaging of stalking onwenselijk is. Hoewel hij erkent dat het om een ernstig probleem gaat, is het de vraag of slachtoffers bereid zijn aangifte te doen en zal bewijs moeilijk te leveren zijn.

Korthals maakte gisteren zijn opvatting duidelijk in het debat in de Tweede Kamer over het initiatiefwetsvoorstel van de leden Dittrich (D66), Swildens-Rozendaal en Vos (VVD). Dat initiatief voorziet in de wijziging van de wetboeken van strafrecht en strafvordering. ,,Wij moeten, nadat het is afgehandeld in de Tweede en Eerste Kamer, alles afwegende bekijken wat wij daarmee zullen doen'', aldus Korthals. Als het kabinet instemt met de wet, zal Korthals er wel loyaal uitvoering aan geven.

Vooruitlopend daarop wil de bewindsman al wel iets gaan doen aan de zogenaamde cyberstalking of digitale belaging, waarbij slachtoffers stelselmatig met e-mail – eventueel besmet met virussen – worden bestookt.

Verschillende Kamerleden menen dat providers in dergelijke gevallen stalking tegen moeten gaan. De bewindsman zegt dit probleem te willen regelen in het tweede wetsvoorstel Computercriminaliteit, dat al bij de Kamer is ingediend. Korthals gaat ervan uit dat providers maatregelen nemen tegen abonnees als zij weet hebben van ernstige overtredingen van fatsoensnormen die op het Internet gelden.