Eco Valley in achtergebleven Lelystad

De plannen zijn groots. In Lelystad moet een `Bio Science Park' komen, een bedrijfsterrein met ruimte voor de agro- en farmaceutische industrie.

De velden zijn geploegd en het gras is gemaaid. Vaag is het verkeer van de snelweg te horen. Hier, langs de A6 bij Lelystad, moet het `Bio Science Park' komen. Hier moeten de grootse plannen van een inderhaast opgericht consortium worden verwezenlijkt. Een enkele vogel fluit in de populieren.

Flevoland bleef de afgelopen jaren economisch achter bij de rest van Nederland, reden waarom de provincie onder andere financiële middelen ontving uit Europese potjes. In 1996 kwam het provinciebestuur tot de conclusie dat het overwegend agrarische karakter van Flevoland veel meer mogelijkheden zou moeten bieden. In het rapport Naar een grensoverschrijdende agribusiness in Flevoland werd de nadruk gelegd op de ontwikkeling van een agrarische sector die over ,,de enge sectorgrenzen kijkt''. Samenwerking was noodzakelijk, aldus de rapporteurs ,,met het oog op een stabiele ontwikkeling van de toegevoegde waarde en de werkgelegenheid in Flevoland''.

Vervolgens kwam er het `Actieprogramma Agro Sector' (Aas), dat onder leiding van professor Douben (TU Eindhoven) binnen een paar maanden een aantal nieuwe (agrarische) initiatieven lanceerde. Zo was daar vorig jaar het `kruidenproject' (het telen van medicinale gewassen) en het `siergewassencluster'. Volgens Douben dient er in de regio met name gezocht te worden naar ,,de toegevoegde waarde''. De agrarische sector, aldus de hoogleraar, is de afgelopen jaren is veranderd van een verkopers- in een kopersmarkt. Dat vraagt om meer en beter ,,maatwerk''. Marketing en distributie zijn belangrijker geworden, terwijl de primaire producent ,,aan het kortste eind trekt''.

Al snel bleken de betrokken partijen - waaronder de provincie Flevoland, Lelystad en een aantal bedrijven - overtuigd van het gelijk van Douben. Er werd een consortium opgericht van drie bedrijven, dat in samenwerking met Douben onderzocht in hoeverre een specifiek bedrijventerrein bij Lelystad mogelijk was. Een bedrijventerrein voor de agro- en de farmaceutische industrie. Dat is heel goed mogelijk, zegt directeur P. van der Heijde van ID-DLO (instituut voor dierhouderij en diergezondheid), één van de deelnemende bedrijven. Samen met Arcadis (het voormalige Heidemij) en bouwbedrijf Heijmans is ID-DLO nu tot de conclusie gekomen dat een Bio Science Park wel degelijk mogelijkheden biedt. ,,Een eerste inventarisatie heeft ons al duidelijk gemaakt dat er interesse is. Een aantal bedrijven heeft zich al aangemeld.''

Het Bio Science Park moet 45 hectare groot worden en zal bestaan uit twee bedrijfsterreinen met de oer-Hollandse namen Eco Valley en Pharma Park. Op het eerste komen bedrijven die zich bezighouden met de productie en ontwikkeling van ecologisch geteelde gewassen. Op het tweede komen bedrijven die werkzaam zijn op het gebied van de farmacie, biochemie, mens- en dierkunde. In totaal moeten er tussen de 1.300 en 1.800 mensen een baan vinden. Het Park is pal langs de A6 bij Lelystad gesitueerd, precies waar ID-DLO nu al zijn hoofdkantoor heeft. Dat was een belangrijke voorwaarde, aldus Van der Heijde.

De gemeenteraad van Lelystad zal in de vergadering van september - naar verwachting - instemmen met de noodzakelijke aanpassing van het bestemmingsplan van het terrein, waarmee bedrijvigheid mogelijk wordt. Daarna moet de provincie nog ja zeggen. Van der Heijde denkt niet dat één van beide dwars zal liggen. Op dit moment wordt er een businessplan opgesteld door een adviesbureau, waarmee er meer duidelijkheid moet komen over welke bedrijven zich op het Park zouden kunnen vestigen. ,,Het gaat er om dat we ons goed profileren'', aldus Van der Heijde. ,,Dat betekent onder andere dat we ons sterk richten op zaken als duurzaamheid en op ecologisch verantwoorde teelmethoden.'' De bedrijvigheid is zowel ,,kennisintensief'' als ,,innovatief''. Er zal op een `vernieuwende wijze' worden omgegaan met het gebruik van natuurlijke hulpbronnen, het gebruik van restwarmte, het hergebruik van water en het duurzaam gebruik van de grond.

Het consortium heeft overigens wel enige haast: er is een subsidieaanvraag ingediend bij de provincie ter grootte van 35 miljoen gulden. Om dat geld te verwerven, moeten de contracten voor het Park voor 31 december van dit jaar zijn afgesloten. Van der Heijde is optimistisch. De bouw gaat volgens hem dit jaar nog van start. Het Bio Science Park kan daarmee in de zomer van 2001 gereed zijn.