Gianandrea Noseda mist wat vurigheid

Met een programma onder de zwoele noemer `Nachtmuziek in de nazomer' begint het Rotterdams Philharmonisch Orkest aanstaande vrijdag het nieuwe seizoen onder leiding van zijn nieuw vaste gastdirigent Gianandrea Noseda. Het afwisselend geprogrammeerde concert vervult deze week een dubbelrol, want gisteravond viel Noseda de eer toe met hetzelfde programma al de Robeco Zomerconcerten in het Amsterdamse Concertgebouw te besluiten. De 64 concerten trokken 93.000 bezoekers.

De uit Italië afkomstige Noseda (35) is in Rotterdam aangesteld voor een periode van drie jaar en zal per seizoen tussen de vier en zes programma's leiden. Noseda bevindt zich in zijn nieuwe positie vanuit historisch perspectief in uitnemend gezelschap. Voor hem bekleedden topdirigenten als Valery Gergjev en Simon Rattle de functie waarin hij deze week begint.

Voor de pauze ging Noseda voor in de duistere aspecten van de nacht met het programmatische orkestwerk La notte van Liszt en het Pianoconcert in G van Maurice Ravel. De steenkille muziek van Liszt bleef levenloos onder Noseda's onvermoeibare en vaak naar soloballet neigende vlinderslag. Weliswaar lijkt de inhoud van de muziek een dergelijke indruk te rechtvaardigen, maar ook in het iets opgeklaarde middendeel bleef de lucht onder Noseda grauw als voorheen en wekten rommelige details de indruk dat een extra repetitie voor orkest en vaste gastdirigent geen overbodige luxe zou zijn geweest.

Het met jazz- en neoklassieke invloeden gekruide Pianoconcert van Ravel kwam beter uit de verf, maar daarvoor lag de verdienste in de eerste plaats bij de Georgische pianist Alexander Korsantiya. Frase na frase zette hij met trefzeker toucher originele punten en komma's in Ravels versplinterde muziek, en waar het orkest aan het begin van het Adagia assai zweeg, schiep hij even een zindering.

Om de lichte noot van dit seizoensopenend en Robeco-afsluitend concert te waarborgen klonken na de pauze Eine kleine Nachtmusik van Mozart en de suite van filmmuziek uit Fellini's La Strada van diens `hofcomponist' Nino Rota. Rota's klanken gaven Fellini's beelden vleugels, maar ook zelfstandig uitgevoerd blijft zijn muziek overeind. Een plattelandsbruiloft, een circus: Rota laat de luisteraar nergens in het ongewisse over de verklankte handeling. Helaas miste Noseda ook hier de gewenste vurigheid en bleek deze muziek ondanks de smakelijk krijsende trompetten en daverende drumsolo niet in staat de bedoelde feeststemming teweeg te brengen.

In Mozarts nachtmuziek (voor strijkorkest) bleek dat de kracht van Noseda tijdens dit concert vooral gezocht moest worden in de uitwerking van lyrische passages. In het Menuet stond stasis in de frasering nog in de weg van het veeleer statige danskarakter van de muziek, maar in de overige deeltjes ontlokte Noseda een herfstig warme klank aan het strijkerscorps.

Concert: Rotterdams Philharmonisch Orkest o.l.v. Gianandrea Noseda m.m.v. Alexander Korsantiya (piano). Werken van Liszt, Ravel, Mozart en Rota. Gehoord: 31/8 Concertgebouw, Amsterdam. Herh: 3/9 De Doelen, Rotterdam.