Tegenvaller effectenhuis Nijenburgh

Het Amsterdamse effectenkantoor Nijenborgh moet 8 miljoen gulden betalen aan de investeringsmaatschappij BTG wegens een onzorgvuldige overboeking van de opbrengst van een aandelentransactie. Dat heeft de rechtbank in Utrecht beslist. Door deze tegenvaller dreigt Nijenborgh in ernstige problemen te raken. Het effectenkantoor heeft nu een kort geding aangespannen om uitstel van de betaling te krijgen, en gaat bovendien in beroep tegen het vonnis.

Nijenborgh had vorig jaar in opdracht van BTG 420.000 aandelen van het metaalbedrijf De Vries Robbé verkocht, voor 19,5 miljoen gulden. Het bedrag werd echter niet aan BTG overgemaakt, maar aan aandeelhouder Homberg Holding, die een belang van 50 procent in BTG heeft. Dat zou in goed overleg met de andere aandeelhouder, BTG-directeur J.W. Gaal zijn gebeurd, maar die ontkent dat. Vervolgens betaalde Homberg uit de opbrengst 12 miljoen gulden af aan uitstaande schulden van BTG en behield de resterende 7,5 miljoen zelf omdat Homberg nog een groter bedrag van BTG vordert. BTG eiste de 7,5 miljoen op van Nijenburgh en kreeg daarin gelijk omdat het kantoor volgens de rechter ,,onvoldoende zorgvuldig'' heeft gehandeld.