De racisten hebben het gedaan

De economie van Zimbabwe staat op instorten, zeggen sommige analisten. Nu zegt men dat al jaren en het is nooit uitgekomen. Misschien wel omdat, in de woorden van president Mugabe `een land niet failliet kan gaan'. Terwijl Nederland (in augustus) besloot de ontwikkelingshulp stop te zetten, verschafte het IMF juist een forse nieuwe lening van 193 miljoen dollar.

Roger Boka is dood. Bij zijn heengaan, op de leeftijd van 54 jaar – een hartaanval aan boord van een vliegtuig – liet de gesjeesde bankier eerder dit jaar een schuld na van 1,3 miljard Zimbabweaanse dollars (ongeveer 75 miljoen gulden), geld dat onnaspeurlijk verdween via duistere transacties en malversaties. Maar Boka was bevriend met president Mugabe, die eerst het bankroet van zijn protégé in 1998 en daarna zijn verscheiden ziet als deeluitmakend van een blank complot. ,,Juist omdat kameraad Boka de raciale stratificatie van de economie bedreigde, werd hij het doelwit van een kwaadaardige en racistische campagne in de rechtse media.'' Die last was Boka te zwaar geworden, volgens Mugabe, de blanken joegen hem de dood in.

De centrale bank van Zimbabwe dacht vorig jaar heel anders over Boka's handel en wandel. De voormalige schoolmeester en handelaar in bakolie wist volgens een rapport van de bank zo weinig van management en financieel beheer af dat zijn ondernemingen, waaronder de commerciële United Merchant Bank en een reusachtige tabaksveiling gedoemd waren tot mislukken.

De opkomst en ondergang van Roger Boka is illustratief voor het beleid van de almachtige Robert Mugabe. De president verleent concessies en andere gunsten op basis van black empowerment, zonder te kijken naar individuele capaciteiten. En als het misgaat, zoals in het geval Boka, krijgt de blanke minderheid (ruim 150.000 zielen – 1,5 procent van de bevolking) de schuld.

Roger Boka kon alleen aan zijn avontuur beginnen dankzij overheidssubsidie. Vorig jaar ging zijn imperium ten onder nadat was gebleken dat Boka bankrekeningen van zijn cliënten voor miljoenen had geplunderd door het geld over te hevelen naar het buitenland. Ook had de bankier voor 1,3 miljard Zim-dollar aan schuldbekentenissen laten uitschrijven op naam van een staatscommissie; de regering zag zich nadien gedwongen deze te dekken door langetermijnobligaties uit te schrijven en kon zo een algehele ineenstorting van de financiële sector voorkomen. Boka's tabaksveiling ten slotte, naar men zei de grootste ter wereld, bleek een witte olifant te zijn – Mugabe's vriendje was vergeten dat er behalve een gebouw ook vraag en aanbod diende te zijn.

Voor Mugabe was het duidelijk: de ,,racisten'' hadden weer toegeslagen. Het koloniale tijdperk van het vroegere Rhodesië is al bijna 20 jaar verleden tijd, maar met enige regelmaat, vooral als binnenlandse problemen zich voordoen, haalt Mugabe uit naar de vroegere ,,meesters'', de Britten. Vorige week zei de president op een bijeenkomst van zijn ZANU-PF partij dat het kolonialisme een ,,internationale misdaad'' was waarvoor Zimbabwe dient te worden gecompenseerd. Op welke wijze dit zou moeten gebeuren zei de president er niet bij.

De economie van Zimbabwe, waar Robert Mugabe sinds 1980 aan de macht is, bevindt zich al jarenlang in een neerwaartse spiraal, zonder dat de bodem ooit wordt bereikt. Dat kan ook niet, want Mugabe heeft het zelf gezegd: een bedrijf kan wel op de fles gaan en verdwijnen, maar een land niet – Zimbabwe for ever.

Een aanzienlijk deel van het voorgenomen presidentiële beleid is retoriek. Zo is van zijn ambitieuze plan uit 1997 om een groot aantal blanke boeren te onteigenen en het land aan zwarte boeren te geven vrijwel niets terechtgekomen. In een operatie van historische correctie – de blanken joegen rond de laatste eeuwwisseling de zwarten van hun land – had 5 miljoen hectare landbouwareaal in andere handen moeten overgaan. Het plan bleek, zoals Mugabe's critici vanaf het begin zeiden, volledig onuitvoerbaar. Behalve de grote weerstand die het opleverde in eigen land en daarbuiten (van donorlanden onder andere) ontbrak het Mugabe aan middelen en zag hij kennelijk ook in dat een geforceerde onteigening grote maatschappelijke en financiële gevolgen in negatieve zin met zich mee zou brengen. De met veel bombarie gepresenteerde landhervorming verdween geruisloos naar de achtergrond. Ervoor in de plaats heeft de regering nu een veel gematigder optie gekozen: de staat wil de eerste keus van aankoop hebben elke keer wanneer land op normale wijze van eigenaar verandert. De staat heeft al 44 boerenbedrijven in eigendom, die volgens plan moeten overgaan in handen van zwarte boeren.

Van één bedreigende factor voor de economie kan Mugabe nu eens niet worden beschuldigd: de aids-epidemie. De omvang van de ziekte heeft dusdanige vormen aangenomen dat de oogst van maïs dit jaar is teruggelopen met niet minder dan 60 procent, die van katoen met bijna de helft door ziekteverzuim of overlijden van landarbeiders. Dit blijkt uit cijfers die de Commercial Farmers Union in augustus publiceerde. In de leeftijdscategorie van 18 tot 50 is een kwart van de Zimbabweanen besmet met het aids-virus.

John Makumbe, politiek en economisch analist aan de universiteit van Zimbabwe zoekt de oorzaken van 's lands penibele huishouding ook in het verleden, maar dan het recente. ,,De eerste tien jaar van Mugabe's bestuur (1980-90) heeft hij er een puinhoop van gemaakt met zijn pseudo-socialistische opvattingen. We dreven ruilhandel met het toenmalige Tsjechoslowakije: zij kregen tabak, wij zwart-wittelevisies, die binnen de kortste keren kapot gingen en niemand die ze kon repareren. Het was de tijd van de grote projecten: prachtige klinieken die werden geopend en die vervolgens leeg stonden omdat er geen geld was om ze draaiende te houden'', zegt Makumbe.

Volgens de analist had de voormalige guerrillastrijder Mugabe geen kaas gegeten van het managen van een land. Op het gebied van onderwijs was de planning volkomen zoek. Politieke scholing was belangrijker dan het aanleren van vaardigheden en dat brak Zimbabwe later op. In het tweede Mugabe-decennium, met de introductie van de vrij markt, bleek het land bij lange na niet in staat zich te weren in de internationale concurrentie. Er bestaat een ongekend hoge werkloosheid, van om en nabij de 60 procent. ,,De situatie is rampzalig. Elk jaar zijn er 280.000 schoolverlaters, waarvoor maar 30.000 banen beschikbaar zijn'', zo rekent Makumbe voor.

De politieke analist John Robertson zegt dat Zimbabwe ,,een gijzelaar van de politiek'' is. Mugabe en zijn ZANU-PF hebben een systeem van patronage opgezet, zegt Robertson, dat een verlammende uitwerking heeft. Partijlidmaatschap en vriendjespolitiek zijn belangrijker dan zakelijk inzicht. Het gevolg is een welig tierende corruptie. De vakbond ZCTU van Morgan Tsvangirai – genoemd als mogelijke politieke uitdager van Mugabe bij de verkiezingen van 2000 – heeft berekend dat alleen al met de in de openbaarheid gebrachte gevallen van corruptie de afgelopen drie jaar 17 miljard Zim-dollar was gemoeid. ,,Er is sprake van een vertrouwenscrisis'', zegt Robertson.

Vorige week haalde de regering zich de woede op de hals van de vakbeweging en iedereen in het land die kritisch durft te zijn doordat alle ministers en staatssecretarissen zichzelf trakteerden op een salarisverhoging van 182 procent. Het huidige jaarsalaris van 213.000 Zim-dollar zal stijgen naar 600.000, met aanvullende premies van 100.000 Zim-dollar. Naar internationale maatstaven is een dergelijk salaris niet hoog: omgerekend ruim 18.000 Amerikaanse dollar. Maar voor Zimbabweaanse begrippen is het inkomen exorbitant: het gemiddelde inkomen per hoofd van de bevolking is er 735 US-dollar.

Het kabinet van Mugabe bestaat uit niet minder van 52 ministers en staatssecretarissen, een ander punt van kritiek uit de hoek van de vakbeweging en de zakenwereld die er al jaren op aandringen het aantal ministersposten drastisch te beperken. 14,5 procent van het bruto nationaal inkomen gaat op aan overheidssalarissen. In juni had een grote ambtenarenstaking plaats voor het verkrijgen van een forse loonsverhoging. Het 164.000 sterke ambtenarenkorps eiste 20 procent en kreeg uiteindelijk 17 procent, maar die extra inkomsten zijn allang weer achterhaald door de torenhoge inflatie.

Internationaal bestaat er nog maar bitter weinig vertrouwen in Zimbabwe, het land dat eens de lieveling was van westerse ministers van ontwikkelingshulp.

Het Nederlandse parlement besloot (in augustus) om de hulp aan Zimbabwe (ter waarde van 30 miljoen gulden) stop te zetten. In het rijtje landen waar het Nederlandse geld goed wordt besteed kwam Zimbabwe niet voor, hoewel de Nederlandse ambassade in Harare daar anders over denkt. Een woordvoerder van de ambassade meent dat Den Haag te streng is geweest. ,,De toetsing op het gebied van de landhervorming, corruptie etc. was terecht. Maar aan de andere kant heeft dit land potentieel, de economische crisis heeft zijn dieptepunt bereikt vanaf hier kan het alleen maar omhoog gaat'', aldus de diplomaat.

Ook het Internationaal Monetair Fonds heeft de hoop nog niet opgegeven. Het fonds houdt Harare al jarenlang de hand boven het hoofd, zonder dat precies duidelijk is waarom, want de doelen die het IMF stelt worden bij lange na niet gehaald. Begin deze maand stelde het IMF aan Zimbabwe 193 miljoen dollar ter beschikking in een stand-by lening van 14 maanden; 24 miljoen kwam meteen vrij en de rest zal worden gefourneerd als Harare aan de financiële en budgettaire bepalingen voldoet. Zo zou de inflatie aan het eind van het jaar maximaal 29,8 procent mogen zijn, het financieringstekort 5,3 procent en de groei van de geldvoorraad 10 procent.

Maar ondanks de financiële injecties van het IMF liepen alle drie de parameters eind augustus nog verder op. De inflatie schoot door naar een recordhoogte van 63,5 procent, het financieringstekort bedroeg 26 miljard Zim-dollar, terwijl de geldvoorraad met 16,9 miljard Zim-dollar 5,3 miljard uit de koers ligt. De enige IMF-voorwaarde waaraan wel is voldaan is het herinvoeren van de buitenlandse valuta rekeningen voor bedrijven – exporteurs mogen al hun buitenlandse verdiensten houden.

Analisten zeggen dat het voor de Zimbabweaanse regering een vrijwel onmogelijke opgave is de rest van het huiswerk dat het IMF heeft opgelegd voor het einde van het jaar af te krijgen. Het IMF daarentegen lijkt niet meteen op zijn stappen te zullen terugkeren. De onderhandelaars namens het fonds kunnen moeilijk na een maand al toegeven dat ze een fout hebben gemaakt. Maar het zou andere geldschieters wel eens op andere gedachten kunnen brengen. Zo heeft de Wereldbank 140 miljoen dollar in het vooruitzicht gesteld en de Aziatische Ontwikkelingsbank 45 miljoen.

President Mugabe kwam intussen met de zoveelste aanval op de vrije pers, een maatschappelijke sector die hij nooit heeft kunnen onderwerpen. De onafhankelijke media bestaan uit racistische blanken, gesteund door de Britse regering. ,,Het is een slang'', zei Mugabe, ,,die de regering omver wil werpen.'' Wellicht voorvoelde de president nieuwe aanvallen op zijn regime, want een week later kwam The Financial Gazette met nieuwe onthullingen over miljoenencorruptie in de regering.

Twee ministers uit Mugabe's kabinet namen smeergeld aan bij de inschrijving voor de bouw van een nieuwe luchthaven, zo onthulde het blad. Bronnen die bij de onderhandelingen waren betrokken zeiden dat het Saoedische bedrijf Air Harbour Technologies (AHT) van Yamani jr. de bouwopdracht kreeg nadat er smeergeld was betaald, oplopend tot 230.000 US-dollar per persoon. Onder de aannemers die werken voor AHT in Zimbawe bevindt zich ook het Nederlandse bedrijf Asea Brown Boveri. De verslaggever van The Financial Gazette die met het nieuws kwam heet Syney Masamvu, een zwarte journalist. Maar dat maakt in de opvattingen van Mugabe niets uit: zwarten die tegen hem zijn, zijn lakeien van de blanken, ook al zijn er dan met de miljoenen leden van de vakbond ZTCU erbij wel heel veel lakeien in het land.

Kan het nog wat worden met Zimbabwe? ,,Jawel'', zegt John Makumbe en hij ratelt in snel tempo op hoe de economie kan worden gered: ,,Om te beginnen hebben we een nieuwe politieke elite nodig. Mugabe en de ZANU-PF begrijpen de dynamiek van een moderne staat niet. Ze kunnen zich niet voorstellen dat het land kan voorbestaan zonder hen. Verder moeten we af van de vele overheidsbedrijven in de productiesector en de landbouw, want het leidt alleen maar tot corruptie en mismanagement. Laat de private sector dit maar overnemen.'' Zimbabwe moet zijn eigen kracht ontdekken, zegt Makumbe. ,,Onze landbouw heeft een groot potentieel. Wij kunnen voedsel produceren voor een grote regio in Afrika, maar het gebeurt niet. In plaats daarvan vechten we in Afrika, in de Congo, en dat levert geen geld op, het kost alleen maar.''