Italië laat zigeuners Kosovo toe

Italië heeft zaterdag een groep van 234 zigeuners uit Kosovo een voorlopige verblijfsvergunning gegeven, nadat het eerder had gezegd dat zij zouden worden teruggestuurd.

Het besluit komt na sterke pressie van het Hoge Commissariaat voor Vluchtelingen van de Verenigde Naties (UNHCR). De zigeuners zeggen dat zij politieke vluchtelingen zijn omdat zij in Kosovo worden vervolgd door etnische Albanezen, die de zigeuners van samenwerking met het Joegoslavische leger beschuldigen.

Het UNHCR heeft Italië gevraagd de zigeuners politiek asiel te verlenen. Rome staat daar zeer aarzelend tegenover, ook wegens protesten tegen de komst van de zigeuners. In afwachting van een uitspraak over hun asielaanvraag heeft een eerste groep wel een voorlopige verblijfsvergunning gekregen. Volgens het Italiaanse ministerie van Binnenlandse Zaken zijn dit jaar ongeveer zevenduizend zigeuners aan de Zuid-Italiaanse kust het land binnengekomen.

In het noorden van het land heeft de politie van Milaan te horen gekregen dat het terugsturen van illegale immigranten zo duur is dat ze het wat kalmer aan moet doen. In de eerste helft van dit jaar zijn daar zeshonderd illegalen het land uit gezet, tegen 170 in heel 1998. In een notitie schrijft Binnenlandse Zaken aan Milaan dat de kosten voor vliegtickets onbeheersbaar dreigen te worden.