Hinderlijk volgen

,,EEN WETSVOORSTEL opgedragen aan slachtoffers''. Zo betitelen afgevaardigden van de drie paarse regeringsfracties het initiatiefwetsvoorstel tegen ,,stalking'' dat deze week wordt behandeld door de Tweede Kamer. Stalking is van oorsprong een Engelse jachtterm voor het besluipen van groot wild. Zelf geven de Kamerleden de voorkeur aan het goed-Nederlandse woord ,,belaging''. Het blijft niet bij besluipen. De Kamerleden noemen een hele reeks voorbeelden van lastigvallen, variërend van het laten bezorgen van grafkransen tot bekladding, van het verspreiden van valse geruchten tot posten voor woning of werkplek of regelrechte intimidatie. De lijst is niet uitputtend. Een nieuwe variant vormt cyberstalking, belagen via het Internet.

Wat deze handelingen gemeen hebben is dat zij iemands leven verregaand kunnen verwoesten. Juridisch gezien zijn de doelwitten van geestelijke terreur niet geheel weerloos. Zij kunnen bijvoorbeeld met een redelijke kans op succes een straatverbod aanvragen bij de rechter om de belager op afstand te houden. Los daarvan zijn belediging, bedreiging en bekladden op zichzelf gedragingen die strafrechtelijk kunnen worden aangepakt. Toch vinden de Kamerleden – aangevoerd door de afgevaardigde Dittrich (D66) – dat er een overkoepelende strafbepaling tegen belaging dient te komen om de persoonlijke levenssfeer meer algemeen te beschermen.

EEN WET VOOR slachtoffers. Wie kan daar tegen zijn? Een reden er toch nog eens goed over na te denken is dat wetten er zijn voor iedereen. Als er dan toch een zwaartepunt moet worden gelegd, dan ligt dat juist in het strafrecht van oudsher bij de daad en de dader. Dat heeft goede redenen; de strafwet markeert als geen ander de grenzen van de vrijheid. Deze zijn juist in het geval van stalking een probleem; het is op zichzelf niet onrechtmatig op te bellen of ergens langs te lopen. Van oudsher is het beginsel Lex certa (een precieze wet) dan ook een grondslag van het strafrecht: de wet moet duidelijk aangeven wat er wordt verboden.

Gebrek aan precisie is nu net het grote knelpunt bij de voorgestelde strafbepaling, waarschuwde de Raad van State al. Stalking omvat zowel de geflipte ,,groupie'' die achter een beroemdheid aanzit als de gewelddadige ,,ex'' die een vroegere partner niet een nieuw leven gunt. Nog afgezien van rancuneuze patiënten, buren of (oud)collega's. Alleen al psychologisch gezien zijn dat zulke uiteenlopende problemen dat zeer valt te betwijfelen of één strafbepaling daarvoor uitkomst kan bieden.

DE OVERKOEPELENDE bepaling is alleen mogelijk tegen de prijs van oeverloosheid. De nieuwe strafwet haalt veel meer overhoop dan Dittrich c.s. bedoelen. Het antwoord van de initiatiefnemers is dat de rechter wel zal invullen wat wederrechtelijk is en wat niet. Dat is de wetgever onwaardig. Het blijft onduidelijk waarom Dittrich c.s. niet meer gericht hebben aangeknoopt bij het bestaande juridische instrumentarium tegen hinderlijk volgen – een term die de wet nota bene al bijna een eeuw kent.

,,Een twijfelachtige wet voor een ernstig probleem'', zo luidde de kritiek in het tijdschrift over vrouwen en recht Nemesis. Deze kritiek kan niet ongeduldig terzijde worden geschoven met een beroep op het goede doel.