De geneugten van de klucht

Teneinde sommige geneugten des levens te ontdekken heeft de leek een helpende hand nodig. Eén die hem wijst op de schoonheid van de dribbel, op het aroma van een glaasje aangelengde thee óf op het aantal deuren – noodzakelijk voor het succes van een klucht.

Wijlen Leo Kleyn, journalist bij Trouw, wist niets van voetbal en wilde dat ook zo houden. In plaats van aangelengde thee dronk hij jonge jenever maar hij was een vermaard kenner én fan van komische duo's en kluchten. Zijn omgeving sloeg hem meer dan eens verbijsterd gade wanneer bijvoorbeeld The Mounties het tv-scherm vulden. Niet alleen zijn lach klonk dan door de kamer, hij stampte ook onophoudelijk met zijn rechtervoet op het tapijt en met zijn rechterhand sloeg hij het rechterbovenbeen bijkans blauw. Kleyns gezaghebbende positie bij Trouw stond niet in de weg dat hij idolaat was van onder anderen Piet Bambergen – snobisme was hem vreemd.

,,Een klucht waarin minder dan vier deuren voorkomen, kan niet goed zijn. Ook het aantal spelers moet beperkt zijn, anders kun je na verloop van tijd niets of iemand meer uit elkaar houden. Dat laatste is, wanneer er tenminste goed gespeeld wordt, toch al moeilijk genoeg'', doceerde hij met een ernst alsof het een betoog betrof betreffende de toekomst van de monarchie – daar draaide hij trouwens ook zijn hand niet voor om.

De leek die niets van voetballen weet zal het ten enenmale ontgaan zijn dat er `voetballoze dinsdagavonden' zijn, zoals het persbericht van de TROS meldt. Deze omroep komt liefhebbers van klucht of blijspel op deze voetballoze dinsdagavonden tegemoet door een aantal lachsuccessen uit te zenden. De reeks begint morgenavond met Moordstuk uit 1984. Centraal daarin staat een man die geen vrouw kan ontmoeten zonder dat die ontmoeting voor haar fataal afloopt. Een van de rollen wordt gespeeld door Rudy Falkenhagen die op 5 oktober opnieuw te zien is in Joost mag het weten. Dit stuk speelt zich af in een klein achteraf hotel dat wordt gerund door Joost, gespeeld door Piet Bambergen. Het hotelletje heeft twee kamers (samen vier deuren) die voor twee nachten besproken zijn door twee heren die beiden onder de naam Jansen hebben geboekt. Beiden zijn van plan twee dagen te genieten van een vrouw die niet de hunne is. Naarmate het stuk vordert rent Joost als een bezetene van de ene naar de andere kamer – dan heeft één meneer Jansen al in de gaten dat zijn ware vrouw zich ook in het hotel bevindt, namelijk als gast van de andere meneer Jansen. Later krijgt die in de gaten dat zíjn echtgenote de gast is van die andere meneer Jansen. Aan Joost de taak om te voorkomen dat de echtgenotes iets in de gaten krijgen. Dat gaat lang goed totdat de ene meneer Jansen een dermate ingewikkeld voorstel doet om uit elkaars buurt te blijven dat zelfs Joost zich laat ontvallen: ,,Ik word een beetje misselijk.''

In november volgen nog twee kluchten: De verlegen Versierder met John Kraaykamp sr en De ware Jacob met Joop Doderer.

Wat heerlijk om geen snob te (hoeven) zijn.

Moordstuk, dinsdag, Ned.2, 20.21-21.54u.