Achterhoekse boekenstad trekt fluisterpubliek

Dat Bredevoort een boekenstad is geworden, is vooral te danken aan Henk Ruessink. De boekenmarkt van afgelopen zaterdag was zijn laatste als coördinator.

Hij staat in de deuropening van café De Zwaan en boert. Dan kijkt hij tevreden om zich heen en wankelt de Prinsenstraat in. Het is kwart voor één in Bredevoort, en de Grote Internationale Boekenmarkt is in volle gang. Maar deze caféganger is geen lezer. De komende uren niet, althans.

Hij was een uitzondering, afgelopen zaterdag in het Achterhoekse stadje. Voor de tweede keer dit jaar vond er de internationale boekenmarkt plaats. Zo'n honderdzestig kramen met honderdduizenden boeken. Naar schatting tienduizend bezoekers – uit Nederland, Engeland, Duitsland – zijn naar Bredevoort gekomen. Stilletjes lopen ze langs de kramen. Bekijken een boek, lezen een bladzij. ,,Het is fluisterpubliek'', weet Henk Ruessink. ,,Ze maken zelf geen lawaai en vinden het prettig als anderen dat ook niet doen.'' Hij zit achter zijn bureau in het Infocentrum, een kantoortje in een voormalige school. Af en toe komt er even iemand binnen met een vraag. Of Ruessink misschien weet waar een bepaald boek te vinden is. De man wordt doorverwezen naar één van de standhouders. Een bezoeker komt hem feliciteren. ,,Geweldig dat u een Zilveren Anjer heeft gekregen!'' ,,Bedankt'', zegt Ruessink, en hij glimt. ,,Heel attent van u.''

De inwoner van Bredevoort ontving de onderscheiding eerder dit jaar uit handen van Prins Bernhard wegens zijn ,,vrijwillige en onbetaalde'' inzet voor Bredevoort Boekenstad – en hij is er nog steeds trots op. Meer dan 25 antiquariaten telt het stadje (1.600 inwoners) inmiddels, afkomstig uit Nederland en Duitsland; en dat is voor een belangrijk deel het werk van de 65-jarige Ruessink. De Zilveren Anjer is de – voorlopig – laatste onderscheiding die hij de afgelopen jaren heeft gekregen. Later dit jaar houdt hij het als onbezoldigd coördinator voor gezien. Zijn functie wordt overgenomen door een betaalde kracht, zo heeft Aalten (waartoe Bredevoort behoort) besloten. En dat vindt Ruessink een mooi gebaar.

Nadat hij halverwege de jaren tachtig als adjunct-directeur van de pedagogische academie met vervroegd pensioen kon na een grote fusie, betrok Achterhoeker Ruessink met zijn vrouw een huis in Bredevoort. In die jaren al een beschermd stadsgezicht, waaraan door de gemeente veel geld werd gespendeerd. Huizen werden gerenoveerd, straten opgeknapt. Maar het stak Ruessink dat er meer en meer huizen leeg kwamen te staan. ,,Er was geen economisch plan, en dus trokken de mensen weg.'' Toen hij in 1992 een verhaal las over het boekenstadje Hay-on-Wye in Wales, zag Ruessink zijn kans. Dat moest hier ook kunnen. Met een aantal leden van de burgervereniging Bredevoorts Belang bezocht hij Hay-on-Wye en het Belgische Redu om er achter te komen wat de voorwaarden waren. ,,Er diende een historische ambiance te zijn, de plaats moest in een toeristisch aantrekkelijke omgeving liggen en er zouden panden moeten zijn. Aan al die voorwaarden konden we voldoen.''

Op 23 oktober 1992 ging de stichting Bredevoort Boekenstad officieel van start. Ruessink had nog geluk ook, want bij de vaststelling van het beschermd stadsgezicht had de gemeente bepaald dat er in elk huis een winkel of bedrijfje geopend mocht worden. ,,Dat kwam ons natuurlijk bijzonder goed van pas. Nu kon je zomaar een boekhandel beginnen.'' Begin 1993 kreeg een groot aantal antiquariaten een mailing: of ze niet genegen waren zich in Bredevoort te vestigen. Liefst 85 positieve reacties ontving Ruessink. ,,Die hebben we uitgenodigd en rondgeleid. Ze laten zien wat de mogelijkheden en de voordelen waren. De panden waren over het algemeen goedkoper, het aantal klanten in ieder geval groter. Want meer antiquariaten bij elkaar zou toch ook publiek trekken.'' Niet veel later werd het eerste antiquariaat geopend. Eind 1993 telde het stadje er al zes, en inmiddels heeft Bredevoort 25 tweedehands-boekhandels. Daarmee is het wat grootte betreft de tweede van Europa, achter Hay-on-Wye. Het zijn zowel Duitse als Nederlandse winkels, en dat is uniek, meent Ruessink. Er is een wachtlijst.

De voormalig Neerlandicus had niet het idee dat het zo'n succes zou worden, zegt hij. Op doordeweekse dagen trekken de winkels driehonderd tot vierhonderd bezoekers. ,,Zoveel krijgt zelfs een antiquariaat in Amsterdam niet. Blijkbaar hebben we in een behoefte voorzien.'' Bredevoort is internationaal bekend, getuige ook de delegaties uit Maleisië en Seoul die in de Achterhoek zijn geweest om te zien hoe een boekenstad opgezet moet worden. Afgelopen jaar was Ruessink druk met het maken van een website (www.booktown.net) van de Europese boekensteden. Daarmee zal hij na zijn terugtreden doorgaan. Het dagelijkse werk komt in de handen van een `professional'. ,,Ik vind het mooi geweest zo. Zeven jaar lang van maandagochtend tot zaterdagavond in de weer. Nu mag een ander.''