WEER EEN IJSMAN GEVONDEN, LEEFTIJD NOG NIET BEPAALD

Opnieuw zijn in gletsjerijs goed geconserveerde overblijfselen gevonden van een menselijk lichaam dat daar mogelijk honderden, of duizenden, jaren gelegen heeft. Afgelopen dinsdag werd in Haines Junction in het Canadese Yukon Territory op een gezamenlijke persconferentie van archeologen en indiaanse stamoudsten bekendgemaakt dat drie Canadese highschool-leraren, op jacht in het Tatshenshini-Alsek Park in het uiterste noordwesten van British Columbia, op 14 augustus de half ontdooide resten vonden van een man die kennelijk lang geleden in een gletsjerspleet was gevallen. Het lichaam lag op 2.000 meter hoogte, boven de lokale boomgrens. Twee dagen later meldden de jagers de vondst aan de autoriteiten die onmiddellijk een expeditie uitrustten. Afgelopen maandag zijn de resten, die nog veel goed geconserveerd zacht weefsel bevatten, overgebracht naar een koelcel in Whitehorse.

Stamoudsten van de lokale indianenstammen, die formeel zeggenschap hebben over dit soort overblijfselen, zijn direct geïnformeerd over – en betrokken bij – de ontdekking en hebben, anders dan bij het skelet van de zogenoemde Kennewick-man van 1996, ingestemd met wetenschappelijk onderzoek. Zij beschouwen het lichaam (waarvan overigens het hoofd en bovenste rompdeel zou ontbreken) als de resten van een van hun voorvaderen en verbieden de publicatie van foto's daarvan.

Wel zijn foto's verspreid van attributen die de Canadese ijsman bij zich had. De mededelingen daarover zijn niet helemaal duidelijk maar zij lijken te omvatten: een atlatl (een werpstok voor speren), een gekerfde staf of wandelstok, een genaaide leren zak met bladeren en resten van een vis, een breedgerande hoed van grofgeweven materiaal en een bontmantel die waarschijnlijk uit de huiden van arctische grondeekhoorns is samengesteld.

Het wetenschappelijk team dat de ijsman zal onderzoeken bestaat uit archeologen, een glaceoloog en een `artefact conservator' en wordt geleid door de Canadese forensisch antropoloog dr. Owen Beattie (University of Alberta). Beattie werd in 1987 bekend door onderzoek aan de goed geconserveerde, bevroren lijken van de Franklin-bemanning die omstreeks 1845 in de permafrost waren begraven. Over de ouderdom van de nieuwe ijsman, die herinnert aan de vermaarde ijsmummie `Ötzi' die in september 1991 in Tirol werd gevonden, is nog niets bekend. C14-datering zal daarover op korte termijn uitsluitsel geven. Sommige onderzoekers sluiten niet uit dat het lichaam nog geen twee eeuwen oud is, pas omstreeks 1750 kwam de oorspronkelijke bevolking van de streek in contact met Russische handelaren.

De betekenis van de vondst is veel groter als het lichaam duizenden jaren oud blijkt (zoals `Ötzi', die uiteindelijk 5300 jaar oud bleek). Dan kan het een rol spelen in het debat over de vraag wanneer en hoe Amerika uit Noordoost-Azië werd gekoloniseerd. Bovendien kan onderzoek aan de weefselresten en mogelijk aanwezige ingewanden informatie verstrekken over ziekten en gebreken, gebruikt voedsel en genetische verwantschap met andere vroege bewoners van Amerika. (Karel Knip)