Stille immigranten

Ze noemen zichzelf de minst bekende minder- heid in Nederland: de Syrische of Turkse chris- tenen. Gewantrouwd in het Midden-Oosten, soms gehaat en maar al te vaak vervolgd. Velen sloegen op de vlucht en bouwden in het Westen een succesvol bestaan op. En dat zonder hun eeuwenoude identiteit te verloochenen.

Aboena (vader) Saliba is een rijzige, magere dertiger met een volle zwarte baard en vriendelijke, intelligente ogen. Met zijn monnikspij en zwarte kap lijkt hij weggelopen uit een andere tijd en een andere wereld. Hij is een van de bewoners van het klooster van de Heilige Efrem in Twente en brengt, als hij niet in de kapel is om te bidden, het grootste gedeelte van de dag door achter zijn computer.

,,Tot voor kort werden alle manuscripten met de hand geschreven, de monniken waren er meesters in. Kijk eens hoe schitterend deze bijbel is gekalligrafeerd.'' Hij laat een rijk geïllustreerd boek zien met echt bladgoud en een sierlijk schrift dat Arabisch lijkt maar toch anders is. ,,Er is sinds een paar jaar in de Verenigde Staten een tekstverwerkingsprogramma ontwikkeld, waarbij het Aramese alfabet gebruikt kan worden. Je hebt nu een soort wordprogramma in het Aramees, zoals je dat ook hebt voor het Arabisch, Perzisch en Hebreeuws. Het boeken maken gaat nu stukken sneller.''

Saliba is trots op het gebruik van het Aramees, de taal die van de zesde eeuw vóór tot de zevende eeuw na Christus de lingua franca was in een groot deel van het Midden-Oosten. ,,Het is de taal die Jezus en de apostelen spraken, het is een heilige taal. Wij Syrisch-orthodoxen gebruiken het Aramees niet alleen in onze kerkelijke liturgie, maar voor sommige van ons is het nog steeds de moedertaal. In Oost-Turkije wordt het Aramees, naast het Koerdisch, in verschillende christelijke dorpen gesproken.''

In het klooster wordt het Aramees onderwezen en worden religieuze boeken in het Aramees uitgegeven. ,,Voor ons is een klooster veel meer dan een plaats waar gebeden en gemediteerd wordt. Het klooster is het middelpunt van ons kerkelijk leven.''

Op een veldje achter de kapel voetbalt een groep schreeuwende en lachende middelbare scholieren. Ze roepen aanwijzingen naar elkaar in een mengelmoes van Duits, Turks en Koerdisch. ,,Deze jongeren komen uit Duitsland, ze zijn hier twee weken om een cursus Aramees te volgen. Het geven van onderwijs in onze taal, religie en cultuur is een van onze belangrijkste taken hier.''

De Syrisch-orthodoxen voelen zich, als de erfgenamen van de kerk van Antiochië die al in het Nieuwe Testament genoemd wordt, christenen van het eerste uur. Hun kerk is een van de oudste instituties van het christendom. Na het concilie van Chalcedon (451) waar getwist werd over de vraag of Christus een goddelijk, menselijk of goddelijk èn menselijk karakter had, scheidden de Syrisch-orthodoxen of jacobieten zoals ze ook wel genoemd werden, zich af van de `officiële' orthodoxe kerk van het Oost-Romeinse rijk. Hun opvattingen over de enkelvoudige goddelijke natuur van Jezus werden als ketters verworpen.

Het klooster ligt voorbij Enschede, langs het kleine vliegveld Twenthe en dan nog een paar idyllische landweggetjes door om uit te komen aan de Glanerbrugstraat te Losser, vlakbij de Duitse grens. Deze uithoek van Nederland is, in alle denkbare opzichten, dramatisch ver verwijderd van Mesopotamië en Syrië; het historische hartland van de Syrische-orthodoxe kerk.

Ketters

Dit voormalige rooms-katholieke klooster, dat later jarenlang dienst deed als huisvesting voor de gastarbeiders van textielfabrikant Van Heek, is nu de zetel van het Syrisch-orthodoxe bisdom van Centraal Europa. ,,We hebben het in 1984 voor de som van één miljoen gulden gekocht'', zegt bisschop Yulius Yeshue Cicek die in het klooster woont en geestelijk leider is van de Syrisch-orthodoxen in Nederland, Duitsland en Zwitserland.

Cicek maakt meer de indruk van een zakenman dan een geestelijke, ondanks zijn imposant bisschoppelijk gewaad, compleet met brede rode band rond het corpulente middel. Hij haalt een aantal foto's tevoorschijn van een net aangekocht klooster in Zwitserland en praat honderduit over de kerken die binnenkort geopend worden, onder andere in Amsterdam. ,,Ik heb bisschop Simonis hier wel eens over de vloer gehad en die vroeg verbaasd hoe het mogelijk is dat er nog nieuwe kerken in Nederland gebouwd worden.''

De meeste leden van de gemeenschap komen min of meer berooid aan in Nederland. De Turkse christenen, zoals ze genoemd werden, kwamen vanaf 1976 als vluchtelingen naar ons land. Een handjevol kwam al eerder als gastarbeider. Sommigen kwamen uit Syrië of Irak, maar de meesten waren afkomstig uit een aantal dorpen in het onontwikkelde zuidoosten van Turkije. Velen waren analfabete boeren of landarbeiders, die verder geen beroep hadden geleerd.

,,Het is een wonder hoe goed de meeste leden van onze kerk het gedaan hebben in Nederland'', zegt Sabo Celik. In het Assyrische restaurant Efrat (Eufraat) vlakbij de Albert Cuipmarkt in Amsterdam zijn op vrijdagavond alle tafeltjes bezet. Eigenaar Sabri Poli van het restaurant komt telkens met nieuwe schaaltjes lekkernijen aanzetten, de wijnglazen worden voortdurend bijgevuld. Sabo Celik is een prominent lid van de Syrisch-orthodoxe gemeenschap in Nederland en een graag geziene gast in het eethuis.

,,De meeste leden van onze gemeenschap leerden binnen de kortste keren Nederlands en pasten zich goed aan. Er bestaat geen enkele allochtone bevolkingsgroep in Nederland die, procentueel gesproken, een hoger aantal studenten op hogescholen en universiteiten heeft.''

Celik die afkomstig is uit Turkije en in de jaren zeventig in Beiroet studeerde, kwam na het uitbreken van de Libanese burgeroorlog naar Nederland waar hij afstudeerde. Hij werkt nu als ambtenaar op het ministerie van Sociale Zaken in Den Haag. Op religieuze hoogtijdagen en in het weekeinde is hij meestal te vinden in het klooster in Twente, wat niet verhindert dat hij `met beide benen in de Nederlandse maatschappij staat'. Celik is actief in het CDA en was lid van de Hervormde Diaconale Raad.

Turkse koffie

Deed de Syrisch-orthodoxe immigrant het beter dan de doorsnee moslimimmigrant uit Turkije?

Volgens Celik kan daar geen twijfel over bestaan. ,,We hebben heel wat ambtenaren die bij gemeente- of andere overheidsinstellingen werken. Anderen zetten eigen bedrijven op zoals restaurantjes, textielateliers of schoenenwinkels of gingen in de handel. Sommige Syrisch-orthodoxen spreken goed Turks, Koerdisch en Arabisch en dat hielp hen bij het importeren van producten uit het Midden-Oosten. We hebben nu zelfs een aantal miljonairs in onze gemeenschap.''

Reden voor het maatschappelijke succes is, zegt Celik, dat er geen enkel uitzicht op terugkeer naar Turkije of Syrië bestaat. ,,Vanaf de eerste dag weten ze dat Nederland hun nieuwe vaderland is. Verder hebben we een traditie van elkaar te helpen, doordat we altijd een onderdrukte groep waren'', zegt Celik. ,,Iemand die bijvoorbeeld een bedrijfje wil opzetten, kan altijd wel enkele tienduizenden guldens lenen van een geloofsgenoot. Over terugbetalen wordt niet gesproken, dat kómt wel. De mensen vertrouwen elkaar. Daar komt bij dat wij uit een benarde situatie komen en uitermate zuinig zijn. Haast niemand van onze gemeenschap gaat bijvoorbeeld op vakantie, hoogstens een paar dagen op familiebezoek in Duitsland. We kopen geen onnodige luxe artikelen. De gemeenschap gaat voor alles.''

Dat blijkt ook uit het vele geld dat de mensen aan de kerk geven. ,,Oudere mensen geven meer dan de helft van hun inkomen, soms geven ze zelfs àlles aan de kerk. Ook jongere mensen geven veel. De kerk betekent niet alleen in religieus opzicht veel voor ons, het is ook het middelpunt van ons gemeenschapsleven.''

,,We zijn de minst bekende minderheid in Nederland'', zegt Poli's schoonzuster die ons kleine kopjes koffie gekruid met kardemom brengt. ,,In Turkije noemen ze dit Turkse koffie en in de Arabische wereld Arabische koffie'', zegt ze ironisch met een Amsterdams accent. ,,Ik baal ervan dat ik altijd moet uitleggen dat ik geen Marokkaanse of Turkse ben maar een Assyrische. Een wat? reageren ze dan. Tijdens ramadan vragen ze of ik ook vast en dat terwijl ik toch duidelijk zichtbaar een kruisje heb hangen aan mijn halsketting. Maar voor mijn kennissen is iedereen uit het Midden-Oosten een moslim. Van christelijke Assyriërs heeft nog nooit iemand gehoord.''

Restauranteigenaar Poli kwam in 1973 van Syrië naar Amsterdam als gastarbeider. Hij werkte in een textielfabriek en begon na een aantal jaren zijn eigen naaiatelier. ,,Zeven jaar geleden stapte hij over naar de horeca'', vertelt zijn in Nederland geboren zoon Michael. Hij heeft net zijn Havo-diploma gehaald en helpt in het restaurant. ,,Het restaurant draait fantastisch, ondanks dat mijn vader alleen lagere school gehad heeft.''

Kleine troost

Is er nog hoop dat de Syrisch-orthodoxen ooit terugkeren naar het Midden-Oosten? Bisschop Yeshue Cicek gelooft van niet. Vooral in Turkije is de situatie voor de christenen penibel. In het begin van deze eeuw hielden Koerdische hulptroepen, die in dienst waren van de jonge Turkse republiek, flink huis onder de Syrisch-orthodoxen. Er werd naar hartelust gemoord en geplunderd. De christenen werden ervan beschuldigd samen te spannen met de door de Turken gehate Armeniërs en Russen.

,,Veel familieleden van ons zijn door de Koerden vermoord'', stelt bisschop Cicek. ,,Wij kennen de mentaliteit van de Koerden en van de Turken. Het is onmogelijk met hen samen te leven. Turkije is in naam een seculiere staat, waar het niet uitmaakt welke godsdienst je belijdt. Maar in de praktijk is er van Atatürks secularisme weinig over. De moslims worden hoe langer hoe radicaler en ze accepteren het niet om samen te leven met de christenen.''

De bisschop vertelt hoe hij vorig jaar nog een bezoek bracht aan Turkije en geschokt raakte door `het fanatisme van de moslims'. ,,Ze haten ons. Er bestaat geen enkel gemengd dorp van christenen en Koerden waar geen problemen zijn. In Tur Abdin in het zuidoosten van Turkije wonen nog maar 420 orthodoxe families: rond de tweeduizend personen. Haast iedereen is naar het buitenland vertrokken. Twintig jaar geleden hadden we in Tur Abdin nog zeventigduizend Syrisch-orthodoxen.''

En de uitstroom is nog niet tot staan gebracht. ,,Op alle mogelijke manieren proberen onze mensen Turkije uit te komen. De reis is vaak gevaarlijk, met veel omwegen, soms via Roemenië of Rusland en kost veel geld.'' De bisschop kan een zuur lachje niet onderdrukken als hij vaststelt dat veel ambtenaren in Turkije omkoopbaar zijn. ,,Dat is een kleine troost. En als de vluchtelingen eindelijk in Nederland zijn, worden ze vaak niet erkend. Er bevinden zich in Nederland nog ongeveer tweehonderd Syrisch-orthodoxe families in de illegaliteit, dat zijn ten minste duizend personen.''

De strijd tussen het Turkse leger en de guerrillastrijders van het PKK, waarbij de christelijke gemeenschap gewantrouwd wordt door beide partijen en tussen wal en schip terechtkwam, is volgens Cicek de doodsteek voor de Syrisch-orthodoxen in Turkije.

,,Sommigen droomden ervan zich te vestigen in Libanon, het land met de meeste christenen in het Midden-Oosten. Maar het is niet realistisch naar Libanon te emigreren. Er is daar simpelweg geen werk voor nieuwkomers. President Assad van Syrië is altijd goed voor de christenen geweest. Maar hij is oud en ziek. Wat zal er gebeuren als hij overlijdt? Christenen die het kunnen betalen trekken weg, ze zijn bang voor de toekomst. In de Jazira, een gebied in het noorden van Syrië waar veel Koerden wonen, is het nu al gevaarlijk. Nog twintig, vijftig jaar en dan zal het afgelopen zijn met de christenen in het Midden-Oosten.''

Cicek weet dat de Raad van Kerken in het Midden-Oosten dit jaar de alarmbel luidde over de massale uittocht van christenen, maar hij heeft het gevoel dat het te laat is. Volgens hem zijn de christelijke kerken in het Westen niet wezenlijk in hun oosterse broeders geïnteresseerd. De bisschop heeft geen goed woord over voor initiatieven uit Nederlandse kerkelijke kring om een dialoog aan te gaan met moslims. ,,Wij zijn het slachtoffer van fanatieke moslims in Turkije. Als de islam in Nederland sterker wordt, zal zij zich ook hier onverdraagzaam opstellen. Wat in Turkije gebeurt kan ook in Nederland gebeuren.''