Gehandicaptenservice

Enkele weken geleden ontving ik als gebruiker van de faciliteiten van de gehandicaptenservice van de NS, een brief afkomstig van de directeur Marketing en Verkoop van de NS. De brief begon als volgt: ,,Zoals u inmiddels in de (lokale) pers hebt kunnen lezen heeft het ministerie van Sociale Zaken en Welzijn (SZW) begin 1999 aan de firma Connexxion de opdracht gegeven om per 1juli 1999 en nieuwe reisservice voor ouderen en gehandicapten (Traxx geheten) voor hun sociaal-recreatieve reizen te organiseren. Deze service omvat onder andere ook assistentie om de trein in en uit te komen. In goed overleg met Traxx is daarom besloten de Gehandicaptentelefoon van de NS op de heffen met ingang van 1 oktober 1999.''

Sociaal-recreatief?, dacht ik, het zal toch niet waar zijn? Zouden ze bij het ministerie, de NS en Traxx niet in de gaten hebben dat een belangrijk deel van de mensen met een lichamelijk handicap het openbaar vervoer gebruiken in het kader van scholing en werk? Ik belde Traxx. Ik vertelde ze dat ik het fantastisch vond wat Traxx beloofde. De Traxx-folder berichtte namelijk op enthousiaste toon ,,Zo vaak als u wilt op stap naar familie, vrienden, bekenden in alle uithoeken van het land... De nieuwe service houdt rekening met uw persoonlijke mogelijkheden. Trein, bus of taxi staan klaar om u te brengen naar waar u wilt.''

Ik vroeg of dat ook betekende of ik er op kon rekenen dat ik per openbaar vervoer op tijd zou kunnen zijn bij een vergadering aan de andere kant van het land. ,,Vergadering, zegt u'' was het antwoord. ,,Traxx is er niet voor mensen die werken.'' Op mijn vraag, hoe dat dan wel moest met de werkende mensen met een fysieke beperking die gebruik wilden maken van het openbaar vervoer, moest Traxx het antwoord schuldig blijven. Nooit over nagedacht.

De standaardreactie op een persoon met een lichamelijke handicap is er een van goedwillende, neerbuigende behulpzaamheid. De gehandicapte wordt daarmee geclassificeerd als zielig en wilsonbekwaam. Hetgeen in het merendeel van de gevallen ver bezijden de waarheid is.

    • Mijna Hadders-Algra