Hof klaagt over Kroatië bij V-raad

De voorzitter van het in Den Haag gevestigde VN-tribunaal voor oorlogsmisdaden in ex-Joegoslavië heeft Kroatië gisteren formeel bij de Veiligheidsraad van de VN aangegeven wegens gebrek aan medewerking met het tribunaal. De Veiligheidsraad kan Kroatië daarvoor (handels)sancties opleggen.

De procedure tegen Kroatië is op gang gebracht door openbaar aanklager Louise Arbour, die gisteren liet weten dat de regering in Zagreb het tribunaal cruciale documenten heeft onthouden en bovendien weigert een Bosnische Kroaat, beschuldigd van oorlogsmisdaden in Bosnië, uit te leveren.

Volgens Arbour hebben de Kroatische autoriteiten meer dan honderd verzoeken van het tribunaal om documentatie genegeerd of afgewezen. De opgeëiste documenten hebben betrekking op de twee bliksemcampagnes waarmee Kroatië in 1995 een eind maakte aan de Servische Republiek Krajina, het pseudostaatje van de Kroatische Serviërs op Kroatisch grondgebied. Bij en na die campagnes is het tot oorlogsmisdaden jegens de Kroatische Serviërs gekomen in de vorm van moord op burgers en de `etnische zuivering' van 150.000 Serviërs, die naar Bosnië en Servië werden verdreven. De documenten zijn het tribunaal geweigerd met het argument dat het om militaire of staatsgeheimen gaat.

De Kroaat die Zagreb weigert uit te leveren is Mladen Naletilic, alias Tuta, voormalige mafiachef van Mostar. Hij was betrokken bij wandaden jegens de moslims tijdens de oorlog tussen de Bosnische Kroaten en de Bosnische moslims in 1993 en 1994. Kroatië stemde onlangs eindelijk in met de uitlevering van een andere door het tribunaal opgeëiste Kroaat, Vinko Martinovic, maar blijft die van Naletilic weigeren, soms met het argument dat hij ziek is, dan weer met het argument dat hij zich als misdadiger nog in Kroatië moet verantwoorden.

Kroatië is, als elke lidstaat van de Verenigde Naties, verplicht met het tribunaal mee te werken. De regering in Zagreb, die de competenties van het tribunaal en zijn onafhankelijkheid bij voortduring in twijfel trekt, meldde gisteren dat ook in afdoende mate te hebben gedaan. Ze liet weten ,,verbaasd'' te zijn over de klacht bij de Veiligheidsraad.

,,We zullen bewijzen dat we intensief [met het tribunaal] hebben samengewerkt en we vragen de Veiligheidsraad om bescherming'', aldus de Kroatische minister van Justitie, Zvonomir Šeparovic. Hij zei ook gisteren dat Kroatië de beschuldigde Naletilic niet zal uitleveren omdat hij nog een proces krijgt in Kroatië. Zodra dat voorbij is, en het tribunaal vraagt om de uitlevering van de man, zal Kroatië dat verzoek inwilligen, aldus de minister.

Het tribunaal heeft één keer eerder een land bij de Veiligheidsraad aangegeven wegens gebrek aan medewerking: Joegoslavië, dat de bevoegdheden van het tribunaal in het geheel niet erkent. (Reuters, AP, AFP)