`Geef het geld niet aan de Turkse overheid!'

De Turkse autoriteiten zijn is het mikpunt van kritiek van bevolking en hulpverleners wegens hun aanpak van de aardbevingsramp. Tegelijkertijd wordt Europa steeds populairder, en vooral ook Griekenland.

Ach, de Turkse overheid. Abuzer Çahir zou graag om die malloten willen lachen als het niet zo in en in triest was.

Vanuit zijn bungalowtent op een grasveldje aan de rand van de zwaar getroffen stad Sakarya heeft hij gevolgd wat de autoriteiten hebben gedaan om het leed van de slachtoffers van de aardbeving te stelpen. Maar eigenlijk viel er niets te volgen, want er gebeurde gewoon niets. Zelf zit hij nog redelijk goed in een bungalowtent, die hij in een onbewaakt ogenblik kocht toen hij in Duitsland werkte. Maar zijn buren, gezinnen met kleine kinderen, waren minder fortuinlijk, zo vertelt Abuzer.

Dagen moesten ze smeken en soebatten voordat ze tenten van de autoriteiten kregen. En toen die kwamen bleken ze van inferieure kwaliteit. Haringen waren te veel gevraagd en toen het begon te regenen, lekten de tenten allemaal als een mandje. ,,En geloof maar niet'', zegt Abuzer, ,,dat er in die week een iemand van de autoriteiten is komen kijken hoe het ons hier in de modder vergaat.''

Een week na de aardbeving begint Turkije de balans op te maken van de grootste ramp uit zijn moderne geschiedenis. En het is duidelijk wie op termijn het grootste slachtoffer van de ramp is - de Turkse overheid. Al voor de ramp had de gemiddelde Turk weinig vertrouwen in zijn overheid, die aldus critici niet geheel bekend is met het spreekwoord dat het beter te geven is dan te nemen. Maar nu, een week na de ramp, is de populariteit van de autoriteiten tot een dieptepunt gedaald.

,,Wat lief van jullie in Nederland dat jullie zomaar een televisieactie voor ons beginnen'', laat Ali (niet zijn echte naam) weten vanuit zijn klapstoel op een basketballterrein in het hart van de stad. ,,Maar beloof me dat jullie dat geld niet aan de Turkse autoriteiten geven want dan kun je het nog tien miljoen keer beter het raam uit gooien.''

Ook hulpverleners uiten felle kritiek op de overheid. Dr. Ibrahim Sivrikaya werkt voor de Turkse Vereniging van Artsen en is zo langzamerhand, vertelt hij, een expert op het gebied van aardbevingen geworden. ,,Het probleem met de Turkse overheid is, dat ze iedere keer weer opnieuw het wiel uitvinden. Bij elke regeringswisseling worden de ministers en de ambtelijke top vervangen. Dat heeft tot gevolg dat er bij iedere aardbeving weer nieuwe mensen zitten, die nog nooit zo'n ramp hebben meegemaakt en dus blunderen.''

In Ankara, zo vindt hij, zou een scenario voor bevingen moeten klaarliggen, want au fond is elke beving hetzelfde. ,,De eerste twee dagen zoek je naar overlevenden en daarna richt je je aandacht op de opvang van de overlevenden.'' Omdat zo'n plan er niet lag, wisten de autoriteiten nauwelijks wat ze moeten doen.

Zijn vereniging, zo zegt Sivrikaya, pleit ook al jaren voor het geven van `aardbevingslessen' op scholen maar Ankara heeft dat idee tot nog toe onmiddellijk van tafel geveegd.

Sivrikaya heeft ook wel begrip voor de autoriteiten omdat de beving dit keer wel erg groot was. Maar dat neemt niet weg dat ook hij iedere keer weer verbaasd staat van de blunders. ,,Ze hebben een groot tentenkamp op een van de laagste plekken van de stad neergezet. Een druppel regen en het is raak.''

Zo diep als de ster van de Turkse overheid gedaald is, zo hoog is die van vooral West-Europa gestegen. Na de voorlopige weigering van de lidstaten van de Europese Unie om Turkije als kandidaatlid toe te laten, hadden veel Turken het gevoel dat Europa Turkije eigenlijk niet moest. Maar ook in het rampgebied is inmiddels doorgedrongen dat de aardbeving ook in West-Europa diepe wonden heeft geslagen en dat het medeleven groot is.

Abuzer hoort het in zijn tent allemaal van zijn twee zoons, die in Duitsland wonen. Ze kwamen direct overvliegen, maar toen ze zagen dat vader veilig in zijn bungalowtent zat, gingen ze terug. Nu bellen ze twee keer per dag met de mobiele telefoon. ,,Ik hoor meer van hen dan van de overheid hier.''

Vooral Griekenland is in de Turkse achting gestegen. Iedereen in het rampgebied weet dat de Grieken, die eerst algemeen gehaat werden omdat ze hulp zouden gegeven aan de Koerdische Arbeiderspartij van Abdullah Öcalan, hun best hebben gedaan om hun medeleven te laten blijken. De Turkse dank is groot. Bij problemen tussen de twee aartsvijanden worden er altijd kransen zwarte bloemen bezorgd bij het Griekse consulaat in Istanbul, maar voor het eerst sinds lange tijd zijn de bloemen nu wit.

De hulp uit moslim-landen steekt schril, zo vinden veel Turken, af bij die uit Westen. ,,We zijn allemaal moslims maar ik heb die schijt-Arabieren nooit gemoeten'', zegt Abuzer. ,,Ze barsten van het geld, maar wij hier zien er hier geen rooie cent van.''

Met name de moslim-fundamentalistische Fazilet-partij is in verlegenheid gebracht door het vermeende gebrek aan hulp van de islamitische broederlanden. Vandaag publiceerde de krant Türkiye, die de islam een warm hart toedraagt, een lijst van hulp die door de moslim-wereld is gestuurd. ,,Ieder land doet wat het kan'', zegt de moslim-fundamentalistische burgemeester van Sakarya nukkig, als hij met de kritiek op de islamitische broeders wordt geconfronteerd. En op straat vertelt een Turks-sprekend lid van een Saoedische delegatie uitgelaten dat Riad zes vliegtuigen met hulpgoederen heeft gestuurd.

Maar hoe effectief zou die hulp zijn? Abbas is een van de weinigen in het gebied die een gift van de islamitische broeders kreeg: zijn tent is van Arabische makelij, laat hij zien. Maar maakte dat hem nu gelukkiger? ,,Toen het begon te regenen ging het water er doorheen als een vergiet. Arabische landen zijn droog, weet je, ze kennen geen regen.'' Met een droeve glimlach wijst hij op de grauwe lucht boven Sakkarya. ,,Wij wel.''

    • Bernard Bouwman