15,9 miljoen

DE BEVOLKINGSGROEI in Nederland zet door. Het aantal inwoners stijgt met ruim honderdduizend per jaar. Het CBS, dat deze week met nieuwe demografische cijfers is gekomen, verwacht dat Nederland eind dit jaar 15,9 miljoen mensen telt en tegen het einde van volgend jaar zestien miljoen.

Is dat veel? Dat is de verkeerde vraag. Er zijn steden in de wereld met meer inwoners dan heel Nederland. In sociaal-cultureel opzicht leven de inwoners van Nederland in redelijke harmonie met elkaar samen. Economisch gezien gaat het de overgrote meerderheid van de bevolking goed. Natuurlijk zijn er zichtbare gevolgen van de bevolkingsgroei. De laatste resten lege ruimte staan onder druk, het milieu wordt in alle opzichten zwaarder belast, de uitingen van stedelijke agressie stijgen en de vervoersproblemen nemen exponentieel toe. Maar de gestage bevolkingsgroei heeft in Nederland niet geleid tot explosieve maatschappelijke situaties.

In de jaren vijftig en zestig werden veel hogere bevolkingsaantallen voor Nederland voorspeld. Maar toen kwamen de pil en de ontkerkelijking en de geboortegroei vertoonde een spectaculaire daling. Niettemin heeft Nederland nog altijd te maken met de lang voortgezette naoorlogse geboortegolf: vergeleken met andere Europese landen heeft Nederland een relatief jongere bevolking waardoor de groei langer doorzet.

IN ZUID-EUROPA heeft zich een omslag voorgedaan. De zuidelijke landen, die vroeger synoniem waren met grote gezinnen, hebben nu de laagste geboortecijfers. In Nederland zou het aantal kinderen, vooral in meer welvarende sociale kringen, juist toenemen. Eén van de verklaringen die hiervoor worden gegeven, is de gestegen welvaart van de laatste jaren. Kinderen zijn duur en fungeren als statussymbool.

Deze opvatting valt moeilijk te rijmen met de stijging van het aantal gezinnen met tweeverdieners. Ze druist ook in tegen de gangbare gedachte dat met toenemende welvaart, verstedelijking, doorstroming van meisjes in het onderwijs en toegang tot de arbeidsmarkt de geboortecijfers juist dalen.

Welvaart heeft wel op een andere manier invloed op de bevolkingsgroei. Nederland – net als andere West-Europese centra – trekt mensen aan. De afgelopen decennia is Nederland een immigratieland geworden. De instroom van immigranten en asielzoekers wordt gevolgd door een lange periode van gezinshereniging. Hierdoor is sprake van een gestage verandering in de samenstelling van de bevolking: het CBS spreekt van `verontwestersing'.

Met de gevolgen hiervan op de langere termijn wordt in het beleid nauwelijks rekening gehouden. Het politieke discours gaat liever over de schande van de lekkende tenten in opvangkampen dan over de problemen van het onderwijs in een veeltalige en pluriculturele omgeving. Toch zijn dit de maatschappelijke uitdagingen die voortvloeien uit de bevolkingsgroei. Nederland kan zijn ogen daar niet langer voor sluiten.