Nieuwe bouwvariant lekke Haagse tramtunnel

Sinds de Haagse tramtunnel in voorjaar van 1998 lek sloeg werken de gemeente, de ontwerper en de aannemer aan een methode om het bouwwerk te kunnen afronden.

,,Als ik 'snachts wakker word, denk ik wel eens aan de tunnel'', zei de Haagse wethouder Meijer (Verkeer) gisteren in het Haagse stadhuis kort nadat hij een nieuwe bouwvariant voor de tramtunnel had gepresenteerd. De eerder door hem gebezigde betiteling `droomproject' nam hij daarbij niet meer in de mond. ,,Het is een buitengewoon belangrijk project'', aldus de wethouder.

De bouw van de tramtunnel onder het centrum van de Haagse binnenstad bezorgt niet alleen de gemeente sinds 8 maart 1998 forse hoofdbrekens, maar ook de ontwerper en de aannemers. De tunnel, die nodig is om de grote verkeersstroom te ontlasten, sloeg anderhalf jaar geleden lek. Sindsdien is geen van de partijen erin geslaagd een adequate en betaalbare oplossing te vinden.

In anderhalf jaar tijd passeerden verschillende opties de revue. Bouwen onder luchtdruk (te kwetsbaar en te duur), doorbouwen volgens het oorspronkelijke plan met noodbemaling achter de hand (verzekeraars en provincie vonden dit te riskant) en in april van dit jaar volgde de onderwaterstabilisatiemethode, waarbij duikers onder water extra lagen op de boden van de tunnel zouden moeten aanleggen. Meijer zei daar gisteren het volgende over: ,,Te gecompliceerd, en het is duidelijk dat we met duikers behoorlijk wat tijd zouden verliezen.''

In Den Haag werd gisteren bekendgemaakt dat er nu aan een nieuwe variant wordt gewerkt. Dit keer komt die uit de koker van aannemer Tramkom. ,,Een combinatie van eerdere ideeën. Minder gecompliceerd en eenvoudiger'', noemde Meijer het plan.

Het is de bedoeling dat bovenop de zogenoemde groutbogen, die de waterremmende laag vormen onder de bodem van de tunnel die lek sloeg, nu twee nieuwe lagen aangebracht worden. Om tegen te gaan dat er niet opnieuw zand en water door de bodem de tunnel in stroomt, moeten op de bodem een zogenoemde drainagelaag en een stabilisatielaag onder verhoogde luchtdruk worden aangelegd. In de komende weken moet de methode nader worden uitgewerkt en beproefd. Een van de nadelen van de methode is dat de veiligheidsmaatregelen voor de bouwers aanzienlijk moeten worden verscherpt. Mensen die van een hoge druk weer teruggaan naar de normale druk lopen gevaar de zogenoemde caissonziekte op te lopen. Vooralsnog hebben de verzekeraars hun fiat voor de methode nog niet gegeven, liet Meijer weten.

De gemeente Den Haag heeft tot nu toe altijd volgehouden dat ,,er slechts aanvullingen op het bestek nodig waren'' om de tunnel af te bouwen. Projectmanager ing. E. Vols stelde gisteren echter dat er ,,maar twee grote ingrepen in het bestek'' zullen plaatsvinden. Om de verhoogde luchtdruk van de tunnel te kunnen weerstaan moet een tussenlaag (de min-2 laag) worden verdikt. Bovendien komen de rails niet op, maar in de bodem te liggen. Elke verandering in het bestek betekent meerwerk voor de aannemer en meer kosten voor de opdrachtgever.

Dat Den Haag nu weer met de luchtdrukmethode aankomt mag op zijn minst opmerkelijk worden genoemd. Ir. E. Horvat, die als hoogleraar ondergronds bouwen aan de Technische Universiteit in Delft de gemeente Den Haag adviseerde over de bouw van de tunnel, zei vorig jaar al het volgende over deze techniek: ,,Het gebruik van luchtdruk is een paardenmiddel gezien de ongunstige arbeidsomstandigheden. Ik zou dat pas in het allerlaatste geval gebruiken. Maar het kan.''

In april van dit jaar voerde wethouder Meijer zelf het volgende argument aan in de Haagse gemeenteraad om juist van het gebruik van luchtdruk af te zien: ,,Bij het onderzoek bleken twee nadelen, te weten de hoge kosten en een aanzienlijk uitgestelde oplevering van het project. Daarnaast is deze manier van bouwen is erg kwetsbaar in de zin dat bij een eventueel tijdelijk wegvallen van de luchtdruk toch nog een grondvoerend lek zou kunnen ontstaan.''

Volgens Meijer zijn de meeste nadelen nu weggenomen, omdat de werkwijze nu eenvoudiger is en minder lang duurt. Als de extra verstevigingslagen zijn aangelegd, kan de druk weer van de tunnel af. ,,Daar was eerder nog geen sprake van'', aldus Meijer.

Hoeveel de aanvankelijk op 282 miljoen gulden geraamde tramtunnel uiteindelijk gaat kosten is nog niet duidelijk. De gemeente gaat er voorlopig nog van uit dat medio 2001 de eerste tram door de tunnel rijdt.