Wispelturig Kamerlid wekt begrip en verbazing

Tweede-Kamerlid Van Zuijlen (PvdA) overwoog een overstap naar Economische Zaken. Collega's zijn begripvol maar ook verbaasd. `Het is slecht voor het imago van de politiek.'

Marjet van Zuijlen blijft Kamerlid. Wilde ze weg dan? Ja en nee. Ja, ze was in vergaand gesprek met het ministerie van Economische Zaken. Nee, ze voerde slechts oriënterende besprekingen. Waar Economische Zaken met haar tot zaken dacht te komen, liet het Kamerlid weten dat er van een overstap geen sprake was.

,,Gefeliciteerd'', zei een onwetende collega gisteren in de wandelgangen van de Tweede Kamer. ,,Het gaat niet door'', zei de bijna-ambtenaar. De felicitatie betrof haar voorgenomen huwelijk; haar reactie de afgeketste overstap naar een hoge positie bij Economische Zaken.

Ze is een spraakmakend Kamerlid, ze is secretaris van de PvdA-fractie en ze werd vorig jaar met 2266 voorkeurstemmen in de Tweede Kamer gekozen. Een beginnende dertiger, met een mooi CV – twee studies en een knappe baan in het bedrijfsleven. Telg uit de Rottenberg-school, die de PvdA-fractie in 1994 moest vernieuwen en die tijdens haar eerste periode al hardop nadacht of ze het vier jaar moest blijven of toch iets langer moest volhouden. Want net als voor veel van haar generatiegenoten is het Kamerlidmaatschap geen levensvervulling, maar, zoals ze het zelf eens formuleerde, ,,een tijdelijke roeping''.

In de PvdA-fractie is gemengd gereageerd op haar voorgenomen overstap. `Wel erg vlot', zo wordt vrij algemeen geoordeeld over haar transfergesprekken binnen een jaar na de verkiezingen. `Niet goed voor het imago van de politiek' en `niet goed voor het imago van de PvdA', wordt ook gezegd.

,,Het besef dat je volksvertegenwoordiger bent, erodeert. De neiging is een beetje om het Kamerlidmaatschap als een gewone baan te zien. Maar je staat er niet voor jezelf, je staat er voor andere mensen en je staat er voor een zaak. En dat schept verplichtingen '', zegt fractielid Athanasis Apostolou, zelf Kamerlid sinds 1989.

Maar er is ook begrip, vooral bij generatiegenoten. ,,Het is goed dat mensen niet al op jongere leeftijd vastgebakken zitten aan de politiek. Dat ze ook nog andere ambities hebben'', zegt Peter Rehwinkel, evenals als Van Zuijlen van de lichting '94.

Verbazing is er in gradaties maar er liggen precedenten, weten fractieleden maar al te goed. Ging de vorige voorzitter van de fractie, Jacques Wallage, vorig jaar niet al kort na de kabinetsformatie weg (naar Groningen) en stapte Anneke Dok-van Weele, de oud-staatssecretaris van Economische Zaken, nauwelijks een jaar Kamerlid, niet onlangs ook over naar een burgemeesterspost (Vlissingen)?

En noemde collega-parlementariër Frits Bolkestein, weliswaar van de VVD, vorig jaar zelfs niet een termijn voor het moment, waarop hij vroegtijdig zou opstappen, te weten 1 januari 2.000?

Tweede-Kamerleden van de PvdA hebben zich bij hun kandidaatstelling niet vastgelegd op een termijn. ,,Je kunt als partij niets afdwingen, maar je kunt wel zeggen: Kamerleden hebben een contract met de kiezer voor vier jaar'', doceert prof. Ad Dunning, de voorzitter van de commissie die de PvdA-kandidaten selecteerde.

Wel is hij met anderen verbaasd dat Van Zuijlen uitgerekend in gesprek was met het ministerie van Economische Zaken, het departement dat zij als woordvoerster op het terrein van economische zaken geacht wordt te controleren. ,,Het is het zoveelste bewijs dat het met het dualisme slecht gesteld is'', constateert Dunning.

Van Zuijlen zelf voert dezer dagen als secretaris van de fractie functioneringsgesprekken met alle leden van de fractie. Over hoe het ze bevalt en wat hun ambities zijn.