Vergeten schaakgenie

Schaker Bobby Fischer had een IQ van 180, was op 15-jarige leeftijd 's werelds jongste grootmeester en werd in 1972 de eerste Amerikaanse wereldkampioen schaken. Maar behalve een groot schaker, was Fischer ook een arrogante drammer wiens gedrag vaak ronduit bizar was. Zo maakte hij eens bezwaar tegen bepaalde schaakstukken omdat de neuzen van de paarden te puntig zouden zijn en noemde hij IJsland, waar hij kampioen werd, een achterlijk land omdat het geen bowlingbanen had.

Vanwege zijn genialiteit als schaker werden deze excentriciteiten hem vergeven. Maar toen hij in 1975 bij de verdediging van zijn wereldtitel de internationale schaakbond een 179 punten tellend eisenpakket voorlegde en de bond slechts één eis - dat Fischer de titel zou behouden in geval van gelijk spel - niet inwilligde, keerde de grootmeester de schaakwereld de rug toe om spoorloos te verdwijnen.

Pas in 1992 kwam hij weer bovendrijven in Joegoslavië om te spelen tegen Boris Spassky, twintig jaar eerder zijn tegenstander op een wereldkampioenschap. Na een omstreden schending van een VN-embargo tegen Joegoslavië werd een Amerikaans arrestatiebevel uitgevaardigd tegen Fischer, die hierdoor feitelijk verbannen werd.

De verbitterde schaker stak vervolgens in een radio-uitzending een incoherente tirade af die iedereen deed twijfelen aan zijn geestelijke gezondheid. Fischer beweerde het slachtoffer te zijn van een wereldwijde joodse samenzwering. Gedesillusioneerd en vol zelfbeklag bleef hij achter.

Hoe onterecht Fischers anti-semitische uitlatingen ook waren, het hem aangedane onrecht was echt. Naast de onterechte verbanning, was Fischer nooit betaald voor zijn uitvinding van de Fischer schaakklok en zijn schaakboeken, en waren zijn persoonlijke bezittingen in de VS geveild. Maar Fischers grootste klacht was dat zijn naam zonder toestemming of betaling van rechten werd gebruikt in de titel van Fred Waitzkins boek Searching for Bobby Fischer. Ook toen het boek werd verfilmd ontving het legendarische schaakidool geen cent.

De titel van de film, die vanavond wordt uitgezonden door Net5, is niet meer dan lijkenpikkerij. Fischers naam wordt schaamteloos gebruikt om glans te verlenen aan het levensverhaal van `mindere god' Joshua Waitzkin, de zoon van auteur Fred. Dit wonderkind begon zijn schaakcarrière als grote belofte (`the new Bobby Fischer') maar werd tijdens de wereldkampioenschappen voor junioren in 1994 verpletterend verslagen door Nelson Mariano. De enige manier om Waitzkins verhaal te verkopen, was door er Fischers naam aan te verbinden.

De schaarse archiefbeelden, foto's en flarden van interviews met Fischer zijn in de film niet meer het decor voor Waitzkins ontwikkeling als schaker.

Fischers realiteit is echter zuurder en leent zich veel minder voor een familiefilm met licht melodramatische ondertoon. Ergens in de Filipijnen, Hongarije of Argentinië, wentelt hij zich waarschijnlijk nog dagelijks in zijn zelfmedelijden en in paranoia omgeslagen genialiteit.

Searching for Bobby Fischer (Steven Zaillian, VS, 1993), Net5, 22.15-0.10u.