Dijk

Overlevenden van het geallieerde bombardement op de Westkapelse zeedijk eindigen hun verhaal steevast met de zin: ,,En toen konden we recht de zee inkijken.'' Ik zie de huidige dijk aan het einde van de dorpsstraat oprijzen, hoger dan de nieuwbouwhuizen, en ik kan me voorstellen hoe angstwekkend dat gat moet zijn geweest. Op het kerkhof liggen de slachtoffers van alle misgegooide bommen, 10 procent van het toenmalige dorp.

Zo stroomde op 3 oktober 1944 het water de `mollige weilanden' van Walcheren binnen, maar er was meer nodig om de Duitsers van de Scheldemonding te verdrijven. In augustus 1944 waren de geallieerde legers zo snel door Europa gerold, dat, zoals men later schreef, `de Duitsers sneller verloren dan de geallieerden konden winnen'. Begin september stokte alles: de benzine was op. Bovendien maakten de Britten een fatale strategische fout. Hun tanks mochten na de verovering van Antwerpen niet direct verder trekken richting Walcheren, zodat de vluchtende Duitsers tijd kregen om een verdedigingslinie op te werpen.

De Antwerpse haven kon daarna alleen vrij gemaakt worden door een tweede bestorming van de Atlantikwall. Het werd een landing die volgens de betrokken commando's zwaarder was dan die in Normandië. Landingsboten die al op zee in brand werden geschoten, ijskoud water, en dan het strand op, onbeschermd onder `het meest geconcentreerde afweervuur ter wereld'. De slachting op Omahabeach werd wereldberoemd dankzij de D-Day-film van Steven Spielberg. In Vlissingen en Westkapelle wapperen de haringvlaggen alsof er nooit iets is gebeurd.

    • Geert Mak