Verantwoordelijkheid

Sinds Paars aan het bewind is zijn er problemen met de politieke verantwoordelijkheid. In uw krant ventileren vele deskundigen hun mening over dit probleem. Indien tijdens Paars I Sorgdrager en Voorhoeve en tijdens Paars II Jorritsma en Borst de consequenties uit hun falend beleid hadden getrokken, zou dat een catharsis voor de democratie zijn geweest en niemand zou nu over de verantwoordelijkheid van bewindslieden spreken. De samenstelling van de coalitie heeft het probleem over zich afgeroepen.

Steeds konden ministers blijven zitten omdat de coalitiepartners over en weer van elkaar eisten dat hun minister niet weggestuurd mocht worden. Paars heeft het zo broodnodige antagonisme uit de politiek gehaald door twee partijen bij elkaar te brengen die van nature elkaars opponenten zijn wat betreft hun ideologie. Ze zijn elkaars gevangenen geworden. Daar Paars het sociaal en economisch beleid van Lubbers voortzet, ontbreekt het aan een kwalitatieve en kwantitatieve oppositie.

Een goed functionerende parlementaire democratie wordt gediend met een regeringscoalitie van partijen die bogen op een tamelijk gelijkgezind gedachtengoed met tegenover zich een stevige oppositie van partijen die steunen op een daar aan min of meer tegengestelde denkwereld. De kiezer bepaalt na vier jaar of de opponenten elkaars politieke rol dienen over te nemen. Dan zullen we een zuivere, duidelijke en interessante politiek krijgen.